Verder na de Brexit

Het Brexit-referendum heeft tot veel onzekerheid geleid. De schadelijke gevolgen daarvan zijn in het Verenigd Koninkrijk al voelbaar, maar raken inmiddels ook Nederland. Daarom moet er zo snel mogelijk duidelijkheid komen over de nieuwe relatie tussen de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk. Daarbij is duidelijk dat vertrek uit de EU consequenties moet en zal hebben voor de Britse invloed op Europees beleid. D66 zal zich dan ook hevig verzetten tegen eventuele afspraken waarbij het Verenigd Koninkrijk onevenredig veel invloed of voordelen krijgt in verhouding tot haar bijdrage aan de EU. Tegelijkertijd blijft het Verenigd Koninkrijk een belangrijke partner op terreinen als handel en buitenlandse betrekkingen, zoals de NAVO. Als Schotland of Noord-Ierland zich afscheiden en bij de Europese Unie willen blijven horen, dan staat D66 welwillend tegenover hun lidmaatschap. Ook bedrijven en instellingen die een vestigingsplaats in de EU zoeken zullen wij met open armen verwelkomen.

De Brexit-uitslag toont eens te meer aan dat de EU haar meerwaarde en slagkracht duidelijker moet bewijzen. Vooruitgang boeken op grote kwesties als asiel en migratie, veiligheid en criminaliteit, de verhoudingen met Rusland of de rol van de EU in Syrië, energie, de klimaatcrisis en digitale economie is daarvoor cruciaal. Dit kan niet zonder ingrijpende hervormingen om Europa slagvaardiger en democratischer. Indien nodig, moet Nederland daarom samen met een kopgroep van landen intensiever optrekken om te laten zien wat mogelijk is op deze grote kwesties. Een Nexit, vertrek van Nederland uit de EU, is voor D66 onbespreekbaar. Wij zullen ook geen medewerking verlenen aan het uitschrijven van een speciaal referendum hierover.


D66 is voorstander van referenda als noodrem op nieuwe wetgeving, maar niet als volksgericht om met één pennenstreek de vooruitgang die zestig jaar Europese samenwerking ons heeft gebracht in vrede, welvaart en veiligheid, vastgelegd in wet- en regelgeving en verdragen, uit te wissen. De huidige referendum wetgeving en het instrument zelf zijn volstrekt ongeschikt voor dergelijke besluiten en dient te worden aangepast zodat stilzwijgende goedkeuring van verdragen die binnen het Koninkrijk alleen voor Nederland of een deel daarvan gelden geen onderwerp van een referendum kunnen zijn.