Een veilig internet in Nederland en daarbuiten

D66 wil dat Nederland vooroploopt in het veilig maken en houden van het internet – in Nederland, in Europa en daarbuiten. Wij beschouwen encryptie als het briefgeheim van de 21e eeuw. Goede versleuteling beschermt persoonsgegevens, bedrijfsgeheimen en overheidsdocumenten. Het maakt het internet veiliger en is daarmee ook van economisch belang. Nederland moet encryptie stimuleren en dit wereldwijd uitdragen. Dat betekent uiteraard ook dat Nederland niet offensief gebruik maakt van (nog onbekende) softwarefouten (0 days, backdoors) en dat de politie niet mag hacken via technische kwetsbaarheden, zoals het Wetsvoorstel computercriminaliteit 3 regelt. Immers, dat zou de politie een motief geven om het internet te verzwakken, een kant die we niet op moeten. 

Wij willen ook vastleggen in de wet dat overheden niet ingrijpen in internetprotocollen. Steeds meer landen willen controle over hun burgers via het internet (via afscherming, blokkades, censuur, surveillance) en over het internet zelf (via netneutraliteit, het beheer en de uitgifte van namen en nummers). Steeds vaker raakt dit de centrale protocollen waarop het internet draait (Internet Protocol, Hypertext Transfer Protocol, etc. ). Dit maakt het internet onveiliger en onbetrouwbaarder. Daarom moet Nederland zich inzetten voor een internationale afspraak dat landen de centrale internetprotocollen met rust laten. 

D66 wil een zogenaamd ‘bug bounty programma’ opzetten – waarbij welwillende hackers beloond worden voor het vinden van beveiligingsproblemen – om de digitale infrastructuur van de overheid zo goed mogelijk te beschermen en hackers stimuleren om fouten die zij vinden in die infrastructuur te melden aan de overheid.