Stad en regio lopen voorop

De Europese en Nederlandse overheid creëren vooral de randvoorwaarden voor economische groei en zetten kaders en richting op hoofdlijnen. De groei zelf wordt het beste aangejaagd en ondersteund in stad en regio. Daar bevinden zich de netwerken van bedrijven, universiteiten en scholen. Daar kan innovatie worden gestimuleerd en ontstaan economische clusters. De Brainport regio rond Eindhoven, Food Valley rond Wageningen, de biomedische activiteiten in Leiden, de WaterCampus in Leeuwarden, de Energy Valley rond Groningen, de Security Delta rond Den Haag, het Science Park in Utrecht en de digitale positie van Amsterdam zijn slechts voorbeelden van de kracht van deze clusters.

D66 wil dat regio’s de ruimte krijgen het voortouw te nemen in het aanjagen van succesclusters, mits zonder schaarse middelen te versnipperen. Dat vraagt om ruimte voor experimenten. Bijvoorbeeld op het vlak van samenwerking tussen bedrijfsleven, beroepsonderwijs en uitkeringsinstanties. Maar ook op het gebied van ruimtelijke ordening en het gebruik van bestaande gebouwen en infrastructuur, bijvoorbeeld door het stimuleren van lokale experimenten met flexibele bestemmingsplannen, om nieuwe en gemengde functies in bestaande gebouwen mogelijk te maken.

Onderwijs- en kennisinstellingen moeten om deze clusters te versterken de ruimte krijgen ook buiten de vestigingsplaats onderwijs te geven. D66 wil dat de grensregio’s meer ruimte krijgen om belemmeringen voor samenwerking over de grens op het gebied van arbeidsmarkt, onderwijs en gezondheidszorg weg te nemen.

Voor een succesvolle gebiedsontwikkeling is een uitnodigende overheid essentieel. D66 wil dat de overheid ruimte geeft voor lokale initiatieven en deze stimuleert. Door spelregels en heldere ruimtelijke kaders op te stellen, leidt de overheid deze initiatieven in het algemene belang in goede banen.