Publieke investeringsbank voor maatschappelijke doorbraken

D66 kiest de komende jaren voor een investeringsplan in de economie van de toekomst. Zo investeert D66 in de komende kabinetsperiode fors in onderwijs en kennis & innovatie. Bijvoorbeeld in docenten in het onderwijs, in beter beroepsonderwijs, in meer fundamenteel- en toegepast wetenschappelijk onderzoek en in een leven lang leren en kansen voor iedereen. 

Daarnaast zijn wat D66 betreft de komende jaren grote investeringen nodig in de groene infrastructuur in Nederland. Concreet gaat het dan bijvoorbeeld om investeringen in een slim elektriciteitsnetwerk (‘smart grid’), in energiebesparing bij scholen, kantoren en woningen, in laadpalen voor elektrische auto’s, in het gebruik van restwarmte van de industrie, en de aanleg van de productie van duurzame energie, bijvoorbeeld windparken op zee. Deze investeringen zijn nodig om een schone en duurzame economische groei te realiseren. In gebiedsontwikkeling zien we nieuwe spelers, zoals coöperaties, die zelf bouwen, exploiteren, energie produceren en zorg (willen) leveren, maar zonder publieke investeringsbank tegen financieringsvraagstukken aanlopen.

Ook voor de digitale infrastructuur in Nederland zijn extra investeringen noodzakelijk. Van supercomputers tot kabels in de grond. De digitale economie wordt steeds belangrijker voor de maatschappij. Denk bijvoorbeeld aan nieuwe behandeltechnieken in de zorg, de productie in bedrijven via 3D-printen, of voor de ontwikkeling van ict- en internetvaardigheden in de opleidingen.

Blockchaintechnologie kan ons leven, en dat van bedrijven, makkelijker, veiliger en goedkoper maken. De overheid kan via de publieke investeringsbank een belangrijke impuls geven aan deze ontwikkeling door samen met bedrijven en wetenschappelijke instellingen te experimenteren. 

Het geld voor deze investeringen is er. Binnen de overheidsbegroting is het mogelijk om, binnen de kaders van gezonde en verantwoorde overheidsfinanciën, de komende jaren direct gericht te investeren in onderwijs, kennis & innovatie. Daarnaast is er veel privaat kapitaal, bijvoorbeeld bij pensioenfondsen en andere institutionele beleggers, op zoek naar zinvolle investeringsprojecten. Er is dan ook een groot potentieel om maatschappelijke investeringen in de Nederlandse economie los te trekken. Helaas gebeurt dit in de praktijk te weinig. Ook binnen de rijksbegroting zijn budgetten beschikbaar die op dit moment nog onvoldoende worden gebruikt, bijvoorbeeld voor energiebesparing bij scholen, gebouwen en huizen. Deels komt dit omdat de bestaande overheidsregelingen en publieke financieringsinstellingen, zoals de investeringspotjes, sectorbanken en waarborgfondsen, te versnipperd zijn, langs elkaar heen werken en te weinig oog hebben voor de nieuwe maatschappelijke uitdagingen. Daarom wil D66 een nieuwe publieke financieringsbank oprichten. Daarbij koppelen we de bestaande kennis en budgetten van de overheid aan geld dat bijvoorbeeld beschikbaar is bij pensioenfondsen om te investeren in de Nederlandse economie, waarbij we de huidige versnippering sterk terugdringen en zorgen voor doorzettingsmacht. In landen om ons heen is de afgelopen jaren al ervaring opgedaan met dergelijke instellingen, bijvoorbeeld de KfW in Duitsland of de Green Investment Bank in het Verenigd Koninkrijk. Met een dergelijke instelling kan bovendien beter worden aangesloten bij de Europese initiatieven om maatschappelijke investeringen te stimuleren, zoals via het Europese Fonds voor Strategische Investeringen (EFSI). De combinatie van publieke en private investeringen in onderwijs, kennis & innovatie, de digitale economie en de transitie naar een wereld van duurzame en schone energie, zijn belangrijk voor het toekomstig verdienvermogen van de Nederlandse economie, en zorgen voor een schone en duurzame economische groei.