Privacy in een digitale wereld

Vrijheid begint met het recht op de eigen levenssfeer. We kunnen ons ontwikkelen en ontplooien doordat we in vrijheid en veiligheid op onszelf en met anderen kunnen zijn en communiceren. Onbespied en onbewaakt kunnen leven en zelf kunnen bepalen wie welke informatie over ons krijgt, is een kernwaarde in een open en vrije samenleving. Privacy als grondrecht betekent daarmee persoonlijke vrijheid en veiligheid.

In een digitale wereld neemt het risico op verlies aan privacy snel toe. Door toenemende dataregistratie en voortschrijdende techniek staat privacy in onze samenleving steeds meer onder druk. Er worden steeds meer persoonsgegevens en andere persoonlijke informatie verzameld, bekeken en gedeeld met bekende maar ook onbekende derden of zelfs doorverkocht. Dit doen we zelf, het gebeurt door de overheid en ook door bedrijven. Er is sprake van een transparantieparadox, waarbij burgers steeds transparanter worden, terwijl overheden en bedrijven juist steeds meer gesloten te werk gaan. Die paradox zullen we moeten doorbreken. Het verzamelen van gegevens gebeurt vaak zonder dat mensen het weten of zich bewust zijn van wat er met hun gegevens gebeurt of kan gebeuren. Zowel wijzelf als de overheid en bedrijven hebben daarmee een verantwoordelijkheid om zorgvuldig met onze privacy om te gaan. D66 wil daarom geen ongebreidelde dataverzamelingen door de overheid of door bedrijven, geen sleepnetten aan informatie over willekeurige mensen. Een adequate en zorgvuldige bescherming van persoonsgegevens door waarborgen, bewustwording en regels is nodig.

Nederland is altijd een voorloper geweest in het streven naar een open en veilig internet. Het was het tweede land ter wereld dat netneutraliteit wettelijk verankerde. We liepen voorop met de leidraad Responsible Disclosure om ethische hackers te beschermen en zetten ons in voor sterke encryptie.

D66 heeft, hierop voortbouwend, de ambitie om Nederland in 2030 digitale koploper en veilige datahaven te laten zijn. Dat kan alleen als grondrechten, zoals privacybescherming, gelijke pas houden met de technologische ontwikkelingen die we een warm hart toedragen. Om maximaal gebruik te kunnen maken van nieuwe technologieën zijn maatregelen nodig die gegevens van consumenten beschermen tegen inbreuken. We moeten waken voor de opkomst van een ‘data proletariaat’ waarin burgers afhankelijk zijn geworden van bedrijven en overheden die hun data beheersen en voor misbruik van kwetsbare groepen. Daarvoor is van belang dat consumenten en burgers weten wat de overheid en bedrijven aan gegevens over ons verzamelen, wat zij met die informatie doen en welke zeggenschap consumenten en burgers daar zelf over hebben. Punten van zorg zijn vooral dataveiligheid, databewustzijn, bescherming van de digitale persoonlijke identiteit en normen voor cyber-omgang. D66 vindt namelijk dat het individu zelf invloed moet kunnen uitoefenen op welke gegevens worden gedeeld met anderen. Maak mensen bewust van de hoeveelheid gegevens die wordt gedeeld en hoe zij invloed kunnen uitoefenen op welke gegevens met wie gedeeld worden, hoe en waarvoor die gegevens worden gebruikt en door wie. Daarmee ontstaat keuzevrijheid voor de consument om gegevens wel of niet te delen en krijgt de consument een positie ten opzichte van de overheid en bedrijven die constant gegevens vragen aan de burger en de consument. Die keuzevrijheid en autonomie dragen bij aan de persoonlijke vrijheid en veiligheid van mensen.