Overheid loopt zelf voorop

De overheid moet zelf voorop lopen in de digitalisering van haar diensten zonder daarbij het menselijke contact te verliezen. Technologie en internet krijgen een centrale rol in het kabinetsbeleid. De inkoop en aanbesteding van ICT wordt geprofessionaliseerd. D66 onderschrijft de adviezen van de tijdelijke commissie ICT-projecten. Maar de wijze waarop het kabinet het Bureau ICT-toetsing (BIT) heeft ingericht, is niet goed, omdat onafhankelijke toetsing nu onmogelijk is. Dit moet alsnog geregeld worden. Daarnaast zal de BIT-toets ook moeten worden uitgebreid om nadrukkelijk te toetsen wat de effecten van ICT-projecten zijn op grondrechten zoals privacy. Verder moet de ICT-kennis bij de rijksoverheid snel worden verbeterd en moet standaard gekozen worden voor open source software, zodat de afhankelijkheid van leveranciers afneemt, tenzij er zwaarwegende argumenten zijn om dit niet te doen. Software die de overheid zelf ontwikkelt wordt in de regel vrijgegeven als open source. Om voorop te kunnen lopen en snel te kunnen inspelen op de behoefte van burgers en bedrijven, is het nodig dat de Nederlandse overheid vaker inzet op flexibele (agile) softwareontwikkeling. 

Alle niet persoonlijke of gevoelige overheidsdata moet worden ontsloten als open data. Informatiebestanden die met belastinggeld zijn aangelegd moeten vrij toegankelijk zijn. Dit maakt niet alleen controle op de overheid makkelijker, maar leidt ook tot innovaties. Denk aan apps als Buienradar of apps waarmee je de actuele positie van treinen kunt zien, zodat je weet wanneer een trein vertraagd is. Als er hierdoor sprake is van ernstige marktverstoring, kunnen bestaande marktpartijen compensatie krijgen. Hetzelfde geldt voor semipublieke organisaties, zoals het handelsregister van de Kamer van Koophandel. Natuurlijk worden daarbij persoonsgegevens van zzp’ers niet zomaar vrijgegeven. Mensen moeten te allen tijde tegen misbruik worden beschermd. 

Big data biedt veel mogelijkheden voor wetenschappelijk onderzoek. D66 wil die mogelijkheden benutten, uiteraard met oog voor de privacy van mensen en patiënten.