Duurzame warmte

Bijna helft van ons totale energieverbruik bestaat uit met aardgas opwekken van warmte voor gebouwen, kassen en de industrie. Gebouwen moeten zuinig worden, en warmte schoon. Dat is belangrijk voor het klimaat, onze portemonnee en onze afhankelijkheid van gas.

Gemeenten en provincies maken vóór 2020 een energiebestemmingsplan, waarin ze de energievraag van gebouwen in kaart brengen en aangeven hoe ze deze stapsgewijs duurzaam invullen waarbij gemiddeld ongeveer 2% energie per jaar wordt bespaard. Restwarmte, geothermie, zonnepanelen, windmolens, groen gas, biomassa of isolatie; wat past wordt regionaal bekeken, samen met bewoners, woningbouwcorporaties, bedrijven, en de netwerkbedrijven. We decentraliseren de middelen voor het isoleren van huizen en halen belemmerende regels weg, om zo tot regionaal maatwerk te komen en lokaal de relevante kennis en ervaring te mobiliseren. Het aanleggen van een warmtenet, vergaand isoleren en elektrificeren moet aantrekkelijker zijn dan aansluiting op een gasnet. Alles wat we nog nieuw bouwen, doen we minimaal energie-neutraal.