De nationale overheid roert zich weer in ruimtelijke ordening

We wonen in een van de dichtstbevolkte gebieden ter wereld. Mensen wonen dicht op elkaar en de ruimte is schaars. Iedereen wil een mooi huis in een fijne en groene omgeving. We reizen graag van hot naar her. En bedrijven en landbouw gunnen we het liefst de ruimte die ze nodig hebben. Maar in de realiteit gaat elke claim op schaarse ruimte ten koste van een ander doel. We zien problemen als milieuvervuiling, klimaatverandering, watergebrek, verlies aan biodiversiteit en verrommeling van het landschap. Deze problemen staan al vele jaren op de agenda, maar conservatief denken zorgt ervoor dat veel bij het oude blijft.

Nieuwe regie

Over de ruimtelijke inrichting van Nederland wordt letterlijk en figuurlijk gepolderd. Ministeries, provincies, waterschappen en gemeenten zitten met elkaar om tafel om beslissingen te maken wat waar gebouwd wordt en vaak zijn ze het met elkaar oneens. Voor de burger is het terecht onbegrijpelijk dat er niet één overheid is. Een grotere rol van de nationale overheid is belangrijk om ruimte te maken voor onze grote ambities op woningbouw, natuur en klimaat.

  • We brengen Wonen, Ruimtelijke Ordening en Milieu bij elkaar in een apart ministerie. Dit ministerie gaat de grote lijnen uittekenen. Om grote nieuwe woonwijken te creëren met een goede OV-verbinding. Om natuurgebieden te verbinden. En om een structurele oplossing te vinden voor milieuproblemen zoals stikstof.
  • Nationaal stellen we kaders waarbinnen lagere overheden de vrijheid hebben om de invulling te geven die hun het best past. Het is niet de bedoeling dat het Rijk tot op de vierkante meter bepaalt wat er gebeurt. We werken langdurig samen met regio’s: die kunnen maatwerk bieden. De betrokkenheid van minister geeft doorzettingskracht voor grote projecten. De minister kan ingrijpen als doelen lokaal niet worden gehaald.
  • We kiezen voor een netwerk van goed verbonden steden van de Randstad tot aan Zwolle en Eindhoven. Hier zorgen we dat nieuwe wijken een goede OV-aansluiting hebben en er geen nieuwe (OV-)verbindingen worden aangelegd zonder combinatie met nieuwbouw. We tekenen hoofdstructuren in van infrastructuur, natuurgebieden met bufferzones en landbouwgebieden. En we pakken bodemdaling aan door sommige gebieden te vernatten.
  • De afgelopen jaren is veel kennis en deskundigheid over de leefomgeving bij de nationale overheid verloren gegaan. Bovendien denken ministeries vooral vanuit hun eigen expertise na over de leefomgeving. We stellen een planologische dienst voor die verschillende ministeries ondersteunt. Die werpt een brede, integrale blik om de leefomgeving te verbeteren.
  • Wij willen dat gemeenten en provincies gebruik kunnen maken van expertise op architectuur, stedenbouw, landschapsinrichting, publieke ruimte en infrastructuur via een Open Oproep, naar Vlaams voorbeeld.

Groen groeit mee

Als in de open ruimte wordt gebouwd, moet daarvoor groen in de buurt terugkomen. Zo houden we de leefomgeving aantrekkelijk. Het gevaar is dat we over groen blijven praten, terwijl er vrolijk verder wordt gebouwd. Daarom hanteren we het principe: groen groeit mee.

  • In binnensteden zorgen we voor wandelroutes en ontmoetingsplekken. In nieuwe wijken komen parken. Rond steden worden natuur- en recreatiegebieden aaneengesloten, waar je makkelijk kunt komen. In landelijke gebieden maken we ruimte voor natuurgebieden en locaties voor zonne- en windenergie.
  • Als er buiten de bebouwde kom wordt gebouwd, moeten ontwikkelaars meebetalen om in de buurt evenveel nieuwe natuur aan te leggen. Per saldo moet de biodiversiteit er met het nieuwe groen op vooruit gaan. We garanderen dat de natuur vervolgens ook onderhouden wordt.

We gaan verdozing van het landschap tegen

Nederland verliest elke dag acht hectare aan open ruimte. Dat zijn zestien voetbalvelden. Per dag! Distributiecentra schieten als paddenstoelen uit de grond. Ons landschap ‘verdoost’. Ondertussen staan oude bedrijventerreinen vaak leeg. Politiek ingrijpen is nodig om bedrijven te clusteren en open ruimte te beschermen. Bovendien versterken bedrijven elkaar in een netwerk.

  • We nemen nationale regie om open ruimte in het Nederlandse landschap te behouden. Samen met provincies willen we bedrijfshallen allereerst clusteren op bestaande bedrijventerreinen. Voor het groeiende aantal distributiecentra worden enkele nieuwe clusters aangewezen bij knooppunten van goederenverkeer.
  • De ontwikkeling van bedrijfshallen in de open ruimte zou alleen op beperkte schaal mogelijk moeten zijn in bedrijfsclusters. Hiervoor moet wel worden meebetaald aan de sloop en herstructurering van bestaande bedrijventerreinen via een belasting op de onttrekking van open ruimte.
  • We investeren in regionale bedrijvenclusters voor de (her)ontwikkeling van bedrijventerreinen.