Vijf vragen aan Kees Verhoeven

Na ruim tien jaar verlaat Kees Verhoeven de Tweede Kamer. Hij hield zich tijdens zijn Kamerlidmaatschap bezig met onder andere privacy, digitalisering en de macht van techreuzen. Wij stelden hem vijf vragen.

25.03.2021

Kees Verhoeven – Foto: Jeroen Mooijman

Je bent twee keer tot ICT-politicus van het Jaar benoemd. Hoe is het zover gekomen?

“Met mijn hakken over de sloot kwam ik in de Kamer. Fractievoorzitter Pechtold zei: ‘je hebt geen invloed op je portefeuille, jij doet de restportefeuilles. Dat was wonen, treinen en een deel van Economische Zaken.’ Daar viel de cookiewet onder. Daar begon mijn liefde voor digitalisering.”

Wat ga je het meest missen?

“Ik zal de plenaire debatten en de verbale strijd met collega’s missen. Maar ik heb bijna alles gedaan wat je kunt doen. Jonge hond in de oppositie, campagneleider bij twee referenda, vicevoorzitter van de fractie. Het voelt voltooid.”

Wat is de belangrijkste les die je geleerd hebt van je tijd in de Kamer?

“Dat begrip en verbinding onmisbaar zijn om resultaten te boeken. Daarom is het belangrijk, en dat heb ik ook moeten leren, om de waan van de dag af en toe los te laten en bezig te zijn met resultaten op de lange termijn.”

Welk leuke of mooie moment van je kamerlidmaatschap ga je nooit meer vergeten?

“De zaaltjes tijdens de referenda over het Oekraïne referendum en de sleepwet ga ik nooit meer vergeten, wat een energie!”

Waar gaan we je terugzien in de toekomst?

“Ik wil bedrijven en organisaties op het publiek-private snijvlak helpen met een goede digitale transformatie. Digitalisering zal meer dan ooit onze samenleving bepalen. Wat mij betreft wordt Nederland koploper.”