D66 en de coronawet

De conceptversie van Coronawet roept veel vragen op. D66 heeft grote zorgen en stemt daarom niet zomaar vóór. Op deze pagina lees je daar meer over.

Op dit moment is er nog sprake van een lappendeken van plaatselijke noodmaatregelen in ons land. Die maatregelen roepen veel vragen op en zijn weinig democratisch tot stand gekomen. D66 wil dat daarvoor in de plaats een goede wettelijke regeling komt, waar het parlement in openbaarheid over debatteert en stemt. Daarbij moet een goede balans zijn tussen het beschermen van onze gezondheid en het beschermen  van onze vrijheden. Ook moet er goede democratische controle zijn. Geen decreten van bestuurders.

Huidige maatregelen
beginnen te knellen

De huidige noodverordeningen worden vastgesteld door de voorzitters van de veiligheidsregio’s, waarbij zij geen toestemming nodig hebben van de gemeenteraden. Er is dus geen democratische betrokkenheid en alleen enige democratische controle achteraf. In de eerste fase van acute spoed viel dat nog te begrijpen, maar nu de maatregelen langer duren begint dit steeds te knellen. Zeker omdat het gaat over het inperken van belangrijke vrijheden, zoals het recht op privacy en godsdienstvrijheid. Maar ook maatregelen die, bijvoorbeeld, voorkomen dat iemand zijn ouders kan bezoeken in een verpleeghuis grijpen zeer diep in het leven van mensen.

Het is daarom goed dat de Tweede Kamer spreekt over een steviger juridisch fundament voor eventuele toekomstige maatregelen om de volksgezondheid te beschermen.

D66 is kritisch op voorgestelde noodwet

Dat wil niet zeggen dat alles zo maar goed is. De eerste versie van het wetsvoorstel van het kabinet van de zogenaamde Tijdelijke wet maatregelen Covid-19 roept veel vragen op. Daarom gaan we het wetsvoorstel kritisch beoordelen, zoals we vanaf het begin van de coronacrisis ook kritische vragen hebben gesteld over  de noodverordeningen en de inperking van onze vrijheden.

Parlement heeft altijd het laatste woord

De conceptversie van de tijdelijke noodwet ziet er niet goed uit. D66 heeft bijvoorbeeld grote zorgen over  de lange duur van de wet, namelijk een jaar. Het is een noodwet die de mogelijkheid biedt vergaand onze rechten in te perken. Daarom moet de wet na drie maanden vervallen, tenzij de Tweede Kamer besluit de werking van de wet te verlengen. Verder is D66 kritisch over het feit dat de Minister zichzelf in de wet de macht geeft allerlei nieuwe bindende regels te maken via ministeriële regeling, zonder dat de Tweede Kamer daaraan te pas komt. Tweede Kamerlid Maarten Groothuizen: “Het parlement heeft altijd het laatste woord over regels die onze vrijheden zo vergaand inperken. Ik ben niet van plan de Minister een carte blanche te geven.” Ook heeft hij zorgen over nieuwe hogere boetes die het voorstel introduceert, wanneer mensen bepaalde regels overtreden.

Het Kabinet wil met de tijdelijke noodwet ook een juridische basis leggen voor een corona-app. Kamerlid Kees Verhoeven: “Voor D66 staan alle seinen nog op rood. De werking via bluetooth levert privacy-gevaren op. Er is bij Minister De Jonge geen gebrek aan coronaplannetjes, maar er zal goed doordacht moeten worden wat het doel is en of dat in verhouding staat tot de middelen.”

Kamerleden Maarten Groothuizen en Kees Verhoeven hebben hun kritiek op de conceptversie van de tijdelijke noodwet via verschillende (sociale) media geuit.