Zonder zicht geen sturing: samen tempo maken met woningbouw in Zuid-Holland

Iedereen voelt het: een passende woning vinden is voor veel mensen bijna onmogelijk geworden. Voor leraren, politieagenten en zorgmedewerkers die onze provincie draaiende houden. Voor jongeren die noodgedwongen thuis blijven wonen. Voor ouderen die best willen doorstromen, maar in hun eigen buurt geen alternatief vinden. Levens staan op pauze. 

Wonen is een basisbehoefte. En dus is het onze verantwoordelijkheid als provincie om daarin te voorzien. Statenlid Vinesh Lalta: “De belangrijkste vraag die wij ons in dit dossier moeten stellen is: hoe zorgt wat wij hier vandaag bespreken ervoor dat mensen sneller aan een woning komen?”

Zuid-Holland bouwt, maar het tempo is niet genoeg

Het college stelt dat Zuid-Holland relatief veel bouwt in vergelijking met andere provincies. Maar het eerlijke gesprek is: halen we de doelen ook? Zuid-Holland heeft zich gecommitteerd aan 247.896 woningen richting 2030.

En juist daar wringt het. Met het huidige tempo is die doelstelling buiten bereik geraakt. Vinesh Lalta: “Laten we eerlijk zijn: met het huidige tempo gaan we de 247.896 woningen in 2030 niet halen.” Dat vraagt om meer dan goede intenties. Het vraagt om sturing die versnelt.

“Laten we eerlijk zijn: met het huidige tempo gaan we de doelen niet halen

Vinesh Lalta, Statenlid D66 Zuid-Holland

Eerst zicht, dan sturing: elk jaar één helder voortgangsbeeld

Als we tempo willen maken, moeten Provinciale Staten kunnen meekijken en meedoen. Want pas als je scherp ziet waar je staat (wat er gebouwd is, waar het achterblijft en waarom) kun je samen bepalen wat er nodig is om te versnellen. Of zoals Vinesh het samenvat: “Zonder zicht geen sturing.”

Daarom vraagt D66 om vanaf 2026 jaarlijks, vóór de begrotingsbehandeling, een integrale voortgangsrapportage woningbouw. Eén overzicht dat doelen, realisatie, afwijkingen en oplossingsrichtingen bij elkaar brengt. Dit is sturing als versneller: niet achteraf constateren dat het niet lukt, maar op tijd samen bijsturen.

Eén duidelijk kader voor bouwlocaties

Tempo maken vraagt ook om goede besluitvorming over wáár we bouwen. In de discussies over bouwen bleek dat er allerlei verschillende definities, aannames en tijdshorizonten door elkaar lopen. Dan vergelijk je geen opties, maar discussies en dat helpt niemand vooruit.

Daarom vraagt D66 om uiterlijk vóór het zomerreces 2026 een uniform beoordelings- en vergelijkingskader vast te stellen voor woningbouwlocaties binnen en een voor locaties buiten bestaande dorpen en steden. Niet om veel buiten dorpen en steden te gaan bouwen, want wat D66 Zuid-Holland ligt de focus primair op meer hoogbouw en inbreiden in dorpen en steden, maar wél zodat bouwlocaties eerlijk kunnen worden vergeleken. Bijvoorbeeld op haalbaarheid, bereikbaarheid en het woningbouwprogramma. 

Geen appels en peren: dezelfde definities, dezelfde aannames

Als we écht willen versnellen, moeten we ook eerlijk kunnen kiezen. En eerlijk kiezen kan alleen als informatie vergelijkbaar is. Vinesh Lalta: “Zolang we in onze afwegingen appels met peren blijven vergelijken, zullen we nooit de juiste beslissingen nemen.”

D66 kiest daarmee voor sturing die uitnodigt: samen kijken waar het sneller kan, samen leren wat werkt, en samen doen wat nodig is; zodat starters, zorgmedewerkers, ouderen en alle andere woningzoekenden sneller een thuis kunnen vinden.