Rob Jetten: ‘Overspoel Nederland met optimisme’

Beeld: ANP

Lees hier de speech van Rob Jetten tijdens
Congres 124.

“We waren ongerust. Over de politieke situatie in ons land. Over de onbeweeglijkheid en de verstarring van het partijenstelsel. Over altijd maar weer hetzelfde gezeur en geharrewar. We wilden er zo graag wat aan doen. Met een plan voor vernieuwing en verjonging. Voor doorbreking van het oude vastgeroeste patroon. Daarom hebben we D66 opgericht. Democraten 66.”

Het zijn woorden van Hans van Mierlo, bijna zestig jaar geleden. Hij wilde niet mopperen, maar bouwen. Omdat hij voelde wat wij vandaag nog steeds voelen: Nederland kan vrijer. Nederland kan beter.

En zo democraten, begon hier in 1966 niet zomaar een beweging. Hier begon een golf. Een golf van optimisten.

Wat volgde was een traditie van mensen die in beweging kwamen en vrijheid versterkten. Van Nederlanders, van Europeanen, van mensen over de hele wereld.

Hans van Mierlo liet ons kanalen graven naar de macht. Kanalen om de verkokerde politiek open te breken. Om mensen meer invloed te geven. Om het vertrouwen in de democratie te herstellen.

Jan Terlouw leerde ons dat verantwoordelijkheid voor elkaar én voor de natuur hand in hand gaan. Els Borst gaf mensen het recht om waardig te beslissen over hun levenseinde. Boris Dittrich gaf koppels die van elkaar houden dezelfde vrijheid om te trouwen. Pia Dijkstra bleef jarenlang doorzetten voor een donorwet die levens redt.

Geen van deze doorbraken kwam vanzelf. Er was weerstand en er waren tegenslagen. Er waren altijd mensen die zeiden: onhaalbaar, te ingewikkeld, of: doe toch maar niet.

Maar gelukkig: zij luisterden niet. Zij kozen de weg vooruit. Keer op keer. Generatie na generatie. Zo gaven zij onze partij een missie. Zo gaven zij Nederlanders een vrijer en fijner land. En ik ben trots dat wij vandaag in hun voetsporen staan.

Congres, als we vandaag alleen maar terugkijken, worden we nog een melancholische jubileumvereniging. Dat kan best gezellig zijn, maar dan moeten we misschien maar meteen een bingo-set aanschaffen.

De pioniers die hier, op deze plek, 60 jaar geleden bijeenkwamen, wilden meer doen dan herinneringen verzamelen. Hadden zij gedacht dat D66 60 jaar later voor het eerst richting zou geven aan het landsbestuur? Dat is voor mij persoonlijk een enorme eer, maar ook een grote verantwoordelijkheid.

Want er zijn zo veel jonge mensen die wachten op een woning. Extreem weer en bosbranden worden ieder jaar heftiger. Ouders zien met zorg hoe online haat, de giftige manosphere en de opmars van radicaal conservatisme onze jongeren proberen weg te trekken van vrijheid, tolerantie en gelijkwaardigheid. Ondernemers hebben ruimte nodig om te innoveren en te groeien. Boeren vragen om duidelijkheid en perspectief. De natuur zonder stem een betere bescherming. Mensen willen betaalbare energie. Gezinnen willen betaalbare kinderopvang. En onze kinderen en kleinkinderen hebben recht op onderwijs dat hen meer kansen geeft.

En congres, daarom zijn we vanaf dag één in volle vaart van start gegaan. Om elke dag te werken aan doorbraken.

Dat vraagt nóg meer als je in de Kamer niet automatisch op een meerderheid kunt rekenen. Dat begint bij goed luisteren. Want daar worden plannen uiteindelijk alleen maar beter van. Omdat we zo een koers uitzetten die de komende decennia stevig kan blijven staan. Dat is de ambitie van dit kabinet. Want alleen zo komen we als land écht verder.

En na een jarenlange impasse, is het licht aan het einde van de stikstoftunnel in zicht. We versterken onze defensie én we zijn weer een actieve speler in Europa en de wereld. We bieden medische noodhulp aan honderden ernstig zieke kinderen uit Gaza en verbieden handel met producten uit illegale Israëlische nederzettingen. We investeren weer in ambitieus klimaatbeleid. We houden onze DigiD in eigen handen. En toen ik vorig jaar de ambitie uitsprak om 100.000 woningen te bouwen, dacht niemand dat het kon. En kijk nu: die 100.000 woningen, die komen er volgend jaar gewoon wél.

Zestig jaar geleden begon hier een beweging die weigerde zich neer te leggen bij stilstand. Die traditie zetten wij vandaag voort. Met optimisme gaan wij de problemen aan. We accepteren niet zomaar dat iets niet kan. Wij gaan net zolang door totdat het wel kan. En dit zijn niet mijn resultaten. Dit zijn onze resultaten. Van onze ministers, onze staatssecretarissen, onze Kamerleden, van onze geweldige fractievoorzitter in de Tweede Kamer, Jan Paternotte. Van een partij én een coalitie die elke dag met elkaar zegt: niet eindeloos ouwehoeren, maar aan de slag.

Ik ben inmiddels ruim een halfjaar minister-president. En elke dag waarop de wekker gaat, voel ik een enorme drive en eer dat ik dit land mag dienen.

Mijn leven is wel iets veranderd. Spontaan een rondje hardlopen; dat is er niet meer bij. En waar ik me vroeger rustig een weekje kon voorbereiden op een D66-congres. Moest het dit keer in een paar uur.

Toen we vorig jaar de bladzijde Wilders omsloegen, dachten we misschien dat we daarmee ook meteen de oude Haagse cultuur achter ons konden laten. Maar zo werkt verandering niet. Dat heb ik deze maanden wel geleerd.

Verandering vraagt samenwerken. Doorzetten. En daarna nóg eens doorzetten. Nog een poging. Nog een gesprek. En dan geen genoegen nemen als het nog niet is gelukt.

En u weet intussen: ik ben een positief ingesteld mens. Gepassioneerd als het moet, rustig als het kan. Altijd pragmatisch op zoek naar een oplossing. Want er is geen probleem in Nederland dat niet kan worden opgelost door de kracht van Nederland zélf.

We zijn pas in februari begonnen. En ja, ik vind ook dat het nog beter moet. Dat het nog beter kán. Maar ik kan u één ding zeggen: als we dit al in een paar maanden voor elkaar kunnen krijgen, stelt u zich dan eens voor wat er nog méér mogelijk is in de jaren die nog komen. Stelt u zich voor wat er gebeurt als wij samen met onze golf van optimisten Nederland overspoelen. Congres, als we dát samen doen, kunnen we nóg meer mensen verbinden, kunnen we nóg sneller bouwen, en dan kunnen wij, met elkaar, álle uitdagingen aan.

Afgelopen zomer zagen we allemaal dít Nederland.

Tienduizenden mensen trokken samen op, letterlijk schouder aan schouder. Wat ons van elkaar onderscheidt, viel weg. En wat ons verbindt, bleef over.

Het ging er niet om of je voor Ajax bent of, zoals ik, voor Feyenoord. Een risicovolle uitspraak in 020. Het ging er niet om of je links stemt of rechts, of op een partij in het midden. Niet of je uit Groningen, Limburg of Zeeland komt. Niet of je naar de kerk, moskee, synagoge of helemaal nergens naartoe gaat. Niet van wie je houdt. Niet op wie je verliefd bent.

We zijn allemaal verschillend. Maar we delen hetzelfde land. Dezelfde vrijheid. Hetzelfde rood-wit-blauw. Als één Team Nederland. Dát is het land waar ik trots op ben. En dát is het land waarvoor ik minister-president ben!

En begrijp me niet verkeerd. Ik zal u niet vragen nu met z’n allen op de Snollebollekes te gaan hossen, dat bewaren we wel voor de borrel.

Eén Team Nederland betekent niet dat we hetzelfde zijn of hetzelfde denken. Het zit in hoe wij als Nederlanders met elkaar omgaan. In onze bereidheid om verschillen te overbruggen. Om samen iets op te bouwen dat groter is dan wijzelf. Want wat ons verbindt, is zoveel sterker dan wat ons verdeelt.

En we weten ook wie tegenover ons staan. Politici die mensen tegen elkaar opzetten, met verdeeldheid als verdienmodel. Partijen uit binnen- en buitenland die online haat en verharding aanjagen. Anti-Nederlandse krachten, die onze democratie willen uithollen. Vorige week nog op het Malieveld, met geweld tegen de politie, walgelijke extreemrechtse leuzen en zelfs Hitlergroeten.

En ik weiger mij daarbij neer te leggen. Nederland behoort niet toe aan die schreeuwers. Ik laat ons land niet de put in praten. Dus tegen hen die onze vrijheid misbruiken om de vrijheid van anderen in te perken, ben ik duidelijk: jullie bepalen nóóit wie wij zijn. Wij laten ons niet verdelen. Wij laten ons niet intimideren. Want Nederland behoort toe aan de positieve krachten.

En het mooie is: ik zie elke dag miljoenen Nederlanders die al onderdeel zijn van die positieve beweging. Vanuit het volle besef dat verandering niet vanzelf gaat.

Laat ons inspiratie halen bij onze voorgangers: zij gaven niet op als ze weerstand ondervonden. Zij wezen ons vooruit. Zij zagen ‘het kan niet’ nooit als het einde van een discussie. Voor hen was dat het begin van een missie.

Want in welk land willen we dat onze kinderen opgroeien? In een land waarin zij het allerbeste onderwijs krijgen, of in een land waarin jongens en meisjes op Forumscholen van elkaar gescheiden worden? In een land waarin we onze vrijheden beschermen, of in een land dat zich onder druk laat zetten door de tirannie van het Kremlin? In een land waarin wordt gemorreld aan vrede en recht, óf in een vrij land dat zelfverzekerd zegt: handen af van onze democratie, handen af van onze rechtsstaat, en handen af van ons Internationaal Strafhof.

Ik geloof in een Nederland waarin onze verschillen niet worden uitgebuit voor politiek gewin, maar diversiteit wordt gewaardeerd als een kracht. Waar meisjes en vrouwen altijd veilig zijn, op straat én achter de voordeur. Waar we, samen met een sterk Europa, opkomen voor vrijheid. En waar we nooit wegkijken als onschuldige burgers en kinderen slachtoffer worden van oorlog en bruut geweld. Niet in Oekraïne. Niet in Sudan. Niet in Gaza. En niet op de Westbank.

Dát is het Nederland waar ik in geloof. En ik zal, als uw premier en als premier van dit land, nooit met minder genoegen nemen.
Politiek is te belangrijk om aan de pessimisten over te laten
Want de échte politieke keuze van deze tijd gaat tussen de pessimisten en de optimisten. En in die keuze weet ik precies waar wij staan. Juist in deze onrustige wereld, met brandhaarden binnen én buiten Europa.

En als ik één conclusie trek uit de gesprekken met de oppositie van de afgelopen dagen, dan is het deze: bij partijen van rechts tot links proef ik de bereidheid om verantwoordelijkheid te nemen. Om samen te werken aan oplossingen in het belang van Nederland. Dat verdient een groot compliment. Want het bewijst iets belangrijks: dat met deze generatie politici brede samenwerking mogelijk is. Dat vooruitgang mogelijk is. En dat geeft mij vertrouwen voor wat we met elkaar nog kunnen bereiken.

Dit is het tijdperk van samenwerking. Niet van links tegenover rechts. Maar van de positieve krachten. Want in al die jaren heb ik één ding geleerd: de politiek is té belangrijk om aan de pessimisten over te laten. Zij schreeuwen misschien harder, maar wij krijgen meer voor elkaar. De golf van optimisten, zal áltijd overwinnen.

Overspoel Nederland met optimisme.

Democraten, 60 jaar geleden zetten een paar ongeruste optimisten hier iets in beweging. Zij konden onmogelijk voorspellen hoe ver hun ideeën zouden komen.

En nu is het aan ons. Aan ons allemaal. Want ons werk is nog niet af. Dus maak onze golf groter en groter. Bouw eraan mee, laat hem groeien en overspoel Nederland met optimisme.

Want u en ik weten: het kan wél!