Van spanning naar stroom

Waarom de bewoners van de Stroomflat en de mensen die er komen wonen niet elkaars tegenstanders zijn.

De Lauwers en de
flat aan de Stroom

Vorige week stond er een cameraploeg bij de flat aan de Stroom. De bewoners moeten er voor 1 december uit, want de gemeente huisvest er tijdelijk een groep Oekraïners omdat hun opvanglocatie op de Lauwers wordt verbouwd. Een bewoner zei in de camera: “Ik ben gewoon een Nederlander. Ik betaal belasting. Ik werk gewoon.” Ruim een miljoen mensen hebben dat inmiddels gezien.

Ik snap die man ergens wel. Je hebt een woning, je hoort dat je eruit moet en leest dat je ruimte moet maken voor andere Assenaren. Je weet dat het om leegstandsverhuur gaat, met een contract dat op korte termijn opzegbaar is en waarvoor je vooraf een back-up-adres moet opgeven… maar dat verandert niets aan hoe het voelt. Je thuis moet een veilige basis zijn, van waaruit je kan leren, werken, ontwikkelen en genieten. Het is ook niet niks: een verhuizing waar je niet om vroeg, op een woningmarkt waar bijna niets te vinden is.

Assenaren met
tijdelijke woonruimte

Opvang wordt in Nederland bijna altijd geregeld op plekken waar niemand (meer) woont. Leegstaande kantoren, een oud revalidatiecentrum, panden die op de nominatie stonden om te verdwijnen. Ook om te voorkomen dat het ten koste gaat van mensen die een woning zoeken. De Stroomflat lijkt daarop de uitzondering.

Wat cijfers. In Assen zitten ongeveer 750 Oekraïners op verschillende locaties in gemeentelijke opvang. Het azc aan de Schepersmaat biedt al jaren plaats aan duizend mensen. Tot in januari 2026 vingen we daarbovenop nog eens vijfhonderd mensen op in de Expo-hal, als noodopvang voor Ter Apel. Onder de mensen in het azc zitten ook statushouders die allang een woning hadden moeten hebben, maar er geen kunnen vinden. Wij zijn centrumgemeente voor de opvang van dak- en thuislozen in negen gemeenten. En dan zijn er onder andere nog onze inwoners die antikraak wonen, zoals in de Stroomflat.

Bij elkaar gaat het in onze stad om zo’n 1.900 plekken. Ongeveer één op de veertig Assenaren woont ergens tijdelijk. Daarnaast is er ook nog eens een groot deel van onze Assenaren die nog thuis woont en graag “uit huis” wil, naar een eigen plekje. Zonder uitzondering zijn het Assenaren die zich moeten aanpassen en daardoor niet volledig vrij en zichzelf kunnen zijn.

Groepen die zelden in één adem worden genoemd. Ze hebben ook weinig met elkaar gemeen, behalve het enige dat ertoe doet: er is voor geen van hen iets permanents, iets eigens. De student die eruit moet en de Oekraïense moeder die erin trekt zijn geen concurrenten. Ze zitten allebei in tijdelijke huisvesting. Laten we dan ook voorkomen dat we hen tegenover elkaar zetten.

Bouwen!

Zolang we het moeten doen met het huidige aantal woningen is er schaarste. Elke toewijzing van een woning is iets om te vieren voor de een maar ook weer iemands verlies of uitstel. Het gesprek lijkt alleen nog te gaan over wie het meeste recht heeft. Dat gesprek wordt elk jaar ingewikkelder voor politici en gemeenten en zorgt ook voor steeds meer spanning in de samenleving. 

Er is maar één manier om de spanning eraf te halen en de doorstroming weer op gang te krijgen: bouwen!

Dat is waar wij hard aan werken, hier in Assen en landelijk. Niet omdat het een gemakkelijk antwoord is: het duurt jaren en voor de mensen aan de Stroom is het voor december niet opgelost. Dat besef is er.

Wel omdat elk ander antwoord neerkomt op vertraging.
En vertraging betekent dat er altijd iemand blijft wachten.

Dat is nooit onze politiek geweest en zal het nooit worden.
Laat iedereen vrij, maar niemand vallen!

Het kan wél!

Teun Jan Kootstra
Fractievoorzitter D66 Assen