Met heel veel moeite heeft het college er net een kleine plus voor 2027 uit weten te persen. Feitelijk vallen alle gepresenteerde jaren negatief uit, maar door incidentele tegenvallers van het negatieve resultaat af te mogen trekken ontstaat er een iets minder negatief beeld. Tellen we de negatieve posten bij elkaar op die in 2028 vallen, maar net zo goed in 2027 hadden kunnen vallen, dan wordt het beeld van onze financiële kwetsbare positie verder aangewakkerd. Er is veel aan gedaan om in ieder geval voor nu, voor repressief toezicht door de provincie in aanmerking te komen. Wat verder opvalt is dat over vier jaar de algemene reserve vrijwel geheel leeg zal zijn en de schuldenquote snel oploopt. Onze financiële bewegingsruimte wordt dus steeds kleiner.
De grootste financiële zorg in de begroting zoals we allemaal kunnen lezen is het sociaal domein. We zijn ons er allen van bewust dat hier veel factoren meespelen waar we geen invloed op hebben. Echter, het grote aantal variabelen binnen dit domein betekent niet dat we het ons kunnen veroorloven om te verzuimen grip na te streven. Gelukkig zien wel dat er pakket aan maatregelen is waaraan gewerkt wordt. Of dit pakket voldoende zal zijn moet nog blijken.
Ook zijn er onderdelen binnen de begroting die ons positief stemmen. Op het gebied van duurzaamheid zien we ambitieuze doelstellingen. Bijvoorbeeld, het warmte- en koude programma biedt hoop en we vertrouwen erop dat we meer concrete resultaten op niet al te lange termijn kunnen verwachten. Klimaatverandering wacht namelijk niet op ons. Dat laat ook de hitte van afgelopen zomer zien. De hitte laat maar weer eens zien hoe kwetsbaar ouderen kunnen zijn. En dat het belangrijk is dat ook onze openbare ruimte toekomstbestendig is. Enkele andere toekomstbestendige keuzes waar we blij mee zijn komen tot uitdrukking in geld voor een doorfietsroute en scholen.
Wat volgens D66 nodig is, of eigenlijk was, is dat er nu het resultaat van de uitwerking van het coalitieprogramma had gelegen. Dan hadden we de plannen in z’n totaliteit kunnen beoordelen en deze bestuursperiode met strategie, regie en toekomstbestendigheid tegemoet kunnen zien. Zoals wij in eerdere debatten hebben aangegeven kunnen wij ons namelijk behoorlijk goed vinden in de plannen die de coalitie tot nu toe heeft laten zien. Het enige echte grote verschil hierin was dat wij los van de spreidingswet het ook zelf een goed idee vinden om mensen in nood op te vangen.
Kortom, het coalitieprogramma had wat ons betreft nu uitgewerkt kunnen zijn in de vorm van het College Uitvoeringsprogramma en als basis kunnen zijn voor deze begroting. Zolang dit er niet is zet u ons als raad in de wachtstand. Dat maakt dat wij vandaag geen amendement of moties indienen. We blijven erop vertrouwen dat er goede plannen in de maak zijn. Tegelijkertijd zien we ook dat de eerste lichtpuntjes zich aandienen. Recent presenteerde het college positieve cijfers aangaande woningbouw. En we zien een college dat vooruitstrevend durft te zijn op het gebied van cultuur en inclusie. Als u deze lijn weet door te zetten op onderwerpen zoals duurzaamheid, de toekomst van het IKC, meer grip op het sociaal domein, en een financieel gezonde gemeente, dan vindt u ons geheel aan uw zijde. Wij blijven hierover graag met u in gesprek. Tot die tijd blijven we vol verwachting uitkijken naar het College Uitvoeringsprogramma.
De fractie van D66 heeft als enige partij tegen de begroting gestemd.