Als de stokpaardjes gaan draven: verkiezingen in de raadszaal

Het begint altijd heel onschuldig. Een verkiezingsposter hier, een nieuwe slogan daar, een iets te vrolijke foto van raadsleden, die heel ontspannen proberen te kijken terwijl ze in werkelijkheid al drie maanden in campagnestand staan.


En dan gebeurt het:

De mailbox ontploft

De mailbox ontploft in aanloop naar de laatste begrotingsbehandeling van deze periode, en de stokpaardjes worden van stal gehaald, opgepoetst en in galop de raadszaal ingereden. Plannen die al tijden in een la lagen of verre van klaar voor besluitvorming zijn, blijken opeens zó belangrijk dat ze “echt nog vóór de verkiezingen” moeten worden behandeld.

Van dichtbij ziet dat best vermakelijk uit. Partijen die een bocht van 180 graden maken omdat er ergens een mooie flyertekst lonkt. Moties die niets meer doen dan oproepen tot het uitvoeren van reeds staand beleid, worden geclaimd alsof partijen het verschil voor de Gouwenaar hebben gemaakt. Persberichten en publieksacties die net doen alsof één partij er eigenhandig voor heeft gezorgd dat Gouda van de ondergang is gered.

Verkiezingskoorts is menselijk

Laat ik eerlijk zijn: het ís ook logisch. Gemeenteraadsverkiezingen zijn hét moment waarop partijen laten zien waar ze voor staan. Je wilt laten zien wat je hebt bereikt, wat je nog wilt, en dat je het verschil maakt. Daar is niets mis mee! Dit is precies de bedoeling van verkiezingen.

Maar er zitten risico’s aan: als de verkiezingskoorts stijgt, zakt soms het geheugen weg:

Afspraken die we aan het begin van de periode hebben gemaakt – over samenwerking, raadsbreed werken, over niet alles politiek maken wat ook gewoon goed bestuur kan zijn – raken dan wat verder uit beeld. Terwijl we in Gouda juist expliciet hebben afgesproken om elkaar als raad serieus te nemen, de scheidslijn coalitie–oppositie minder scherp te maken, en besluiten goed voor te bereiden, in plaats van ze er op het laatste moment doorheen te willen duwen.

Hoe wij als D66 het hoofd koel houden

Juist in verkiezingstijd wil ik daar als D66’er aan vasthouden. Ons verkiezingsprogramma gaat over een stad waar iedereen kan meedoen, waar we verder kijken dan één raadsperiode en waarin we zorgvuldig omgaan met geld, ruimte en vertrouwen van inwoners.
Dat betekent voor mij een paar dingen:

Geen haastwerk voor een mooi plaatje.
Een voorstel dat inhoudelijk nog rammelt, wordt niet opeens goed omdat er verkiezingen aan komen. Dan zeg ik liever: goed idee, maar laten we het eerst fatsoenlijk uitwerken.

Voegen we écht iets toe met deze motie?
Voor mij heeft een motie pas zin als we er echt iets mee verbeteren of verduidelijken. Als we alleen oproepen tot het uitvoeren van bestaand beleid, of de wethouder vragen te doen wat al tot diens taak behoort, houden we vooral onszelf bezig. In zulke gevallen kies ik liever voor een scherpe vraag in de raad dan voor een motie voor de bühne.

Realisme over uitvoering en geld.
We hebben in Gouda bewust gekozen voor investeren in duurzaamheid, kansengelijkheid, zorg en een sterke gemeenteorganisatie – maar mét gezonde financiën en een handrem als we financieel uit de bocht dreigen te vliegen.
Dat maakt sommige “leuke” ideeën minder leuk als je de rekening er eerlijk bij legt. Dan is “nee” soms de meest serieuze vorm van verantwoordelijkheid.

Geen wedstrijdje ‘wie heeft het bedacht’.
Veel van wat goed gaat in Gouda – van onderwijs en cultuur tot energietransitie en vergroening – is het resultaat van jarenlang samenwerken van meerdere partijen, organisaties en heel veel inwoners. Je kúnt dat in verkiezingstijd proberen te claimen, maar je kunt ook gewoon zeggen: dit hebben we samen gedaan. Ik kies liever voor dat laatste. En als een partij ergens wél echt het verschil heeft gemaakt voor Gouda, dan mag je dat wat mij betreft ook met opgeheven hoofd vertellen en trots zijn op wat je hebt bereikt.

De verleiding, en de keuze

Geloof me: ook bij mij kriebelt het heus wel eens. De neiging om toch nog even het verkiezingsprogramma uit 2022 erbij te pakken om te kijken wat we eventueel nog snel ‘binnen zouden kunnen halen’.
Maar dan denk ik aan de Gouwenaar die ons niet op social media volgt, niet alle raadsstukken leest, en gewoon wil weten:

– Kan ik of mijn naaste straks een geschikte woning vinden?
– Krijgt mijn kind goede zorg en goed onderwijs?
– Is de stad nog een beetje betaalbaar en groen?

Die inwoner heeft weinig aan politieke sprintjes in de laatste bocht. Die heeft iets aan raadsleden die ook in verkiezingstijd blijven doen wat ze de afgelopen jaren zeiden belangrijk te vinden: samenwerken, transparant zijn, geen valse verwachtingen wekken en besluiten nemen die ook volgend jaar nog uit te leggen zijn.

Uitnodiging aan de lezer

Dus ja, de komende tijd gaan we allemaal extra zichtbaar zijn. Je ziet ons op straat, in debatten, in filmpjes, op flyers. Dat hoort erbij, en dat is mooi: lokale democratie leeft alleen als mensen meedoen.

En als je de komende tijd allerlei mooie claims en resultaten voorbij ziet komen, stel jezelf dan gerust een paar simpele vragen:
– Was dit al niet lang geleden afgesproken?
– Is de stad hier nu echt mooier of beter van geworden?
– Is dit echt uitvoerbaar, of vooral een goede slogan?
– En wie houdt straks de aandacht erbij als de verkiezingsposters weer zijn weggehaald?

Mijn belofte is in ieder geval deze: dat ik ook nu probeer te stemmen zoals ik dat aan het begin van de periode heb beloofd. Met oog voor de lange lijnen, met respect voor onze gezamenlijke afspraken, en met de Gouwenaar in gedachten die vooral wil dat we ons werk goed doen. En als het nodig is, laat ik mijn eigen stokpaardjes liever op stal staan, in plaats van makkelijk punten scoren, als dat beter is voor Gouda.

Campagnetijd of niet.