Warmtebedrijf

Met de inrichting van Warmtebedrijf Zwolle zet de gemeente een grote stap in de warmtetransitie. Voor D66 is warmte een basisvoorziening en daarom is publieke regie nodig om publieke waarden te borgen. Het warmtebedrijf moet niet alleen warmte leveren, maar ook ruimte geven aan inwonersinitiatieven en warmtegemeenschappen.

Vandaag zetten we een grote stap. Met de inrichting van Warmtebedrijf Zwolle geven we als gemeente concreet invulling aan onze regierol in de warmtetransitie. D66 steunt die keuze. Warmte is een basisvoorziening. Als wij Zwolle aardgasvrij willen maken, hoort daar publieke sturing bij. Niet om winst te maximaliseren, maar om publieke waarden te borgen.

Ik sta vanavond stil bij participatie en inwonersinitiatieven, deelname en de kavelstrategie.

Inwonersinitiatieven

Voor D66 is het warmtebedrijf er niet alleen zijn om warmte te leveren, maar ook om inwonersinitiatieven te stimuleren en warmtegemeenschappen te ondersteunen. Inwoners moeten niet alleen afnemer zijn, maar waar mogelijk mede-initiator en mede-eigenaar. Daarom vinden wij het belangrijk dat de opgroeiruimte van inwonersinitiatieven naar warmtegemeenschappen expliciet wordt gemaakt.

Op dit moment lezen we vooral hoe het warmtebedrijf zich verhoudt tot andere partijen als afnemer, maar minder hoe het zich opstelt als partner van warmtegemeenschappen. Dat is begrijpelijk in deze fase, omdat we het nu hebben over de afbakening van het Warmtebedrijf. Maar juist daarom is het belangrijk om nu ook het perspectief op samenwerking vast te leggen.

Daarom dienen wij een motie in die vraagt om een verkenning naar die opgroeiruimte – vergelijkbaar met wat in Utrecht en Almere gebeurt – waarin helder wordt wie wanneer waarvoor verantwoordelijk is in het proces. Hoe rollen verdeeld zijn tussen gemeente, warmtebedrijf en bewonersinitiatieven, en hoe gelijkwaardigheid in de samenwerking wordt geborgd.

Deelname

Voorzitter, mijn tweede punt is deelname. Een warmtenet werkt alleen als voldoende huishoudens meedoen. Dat is niet alleen een financiële realiteit, maar ook een kwestie van rechtvaardigheid. Als te weinig mensen aansluiten, stijgen de kosten voor degenen die wel meedoen. Voor D66 betekent dit dat we vol moeten inzetten op maximale deelname. Dat vraagt om duidelijke communicatie, ontzorging en eerlijke voorwaarden, maar ook om bestuurlijke duidelijkheid richting wijken. Want uiteindelijk moeten alle huishoudens van het aardgas af. Daarom horen we graag van het college hoe het ervoor gaat zorgen dat er tijdig een aanpak ligt die mensen meeneemt in het proces, weerstand verkleint en voorkomt dat projecten vastlopen door onvoldoende deelname.

Kavelstrategie

Mijn derde punt is de kavelstrategie. We lezen dat het warmtebedrijf gaandeweg beter kan inschatten welke projecten kansrijk zijn. Dat is logisch. Tegelijkertijd weten we dat uiteindelijk heel Zwolle aardgasvrij moet worden. Voor D66 is daarom de vraag niet alleen waar we beginnen, maar ook hoe we voorkomen dat de complexe en minder rendabele wijken structureel naar achteren schuiven. Juist daar is publieke regie nodig. Hoe kijkt het college hiernaar?

Tot slot. D66 ziet in het Warmtebedrijf Zwolle een krachtig instrument om de warmtetransitie rechtvaardig en efficiënt vorm te geven. Als we dat goed organiseren, bouwen we niet alleen aan een warmtenet, maar ook aan vertrouwen in de energietransitie.