Klimaatdoelen 2030: op koers bij de provincie zelf, maar grote zorgen op meerdere fronten

In de Voortgangsrapportage Klimaat 2026 — de jaarlijkse meting van hoe Noord-Holland ervoor staat op het gebied van klimaat — constateert D66 positieve stappen, maar maakt zich ernstige zorgen over de voortgang op twee cruciale beleidsterreinen: industrie & bedrijven en landbouw & landgebruik.

Door Emre Kanik.

Emre Kanik - Beeld: D66-LaD

Lichtpuntjes: eigen organisatie en windenergie

De provincie zelf ligt op koers om de klimaatdoelen van 2030 te halen. Ook de plannen om de regels voor het vervangen van oude windturbines door nieuwe (repowering) te verruimen en extra zoekgebieden voor windenergie te verkennen zijn een goede stap. Gezien de strijd tegen netcongestie — het overvolle elektriciteitsnet — is een betere balans tussen zon- en windenergie hard nodig.

Tegenstrijdigheid rond windenergie

Tegelijkertijd staat in de concept-omgevingsvisie iets heel anders: het aantal zoekgebieden voor windmolens zou juist verminderen. D66 wil weten hoe deze tegenstrijdigheid te rijmen valt. Bovendien wachten Gedeputeerde Staten op duidelijkheid over landelijke regels voor windenergie, terwijl die onduidelijkheid nu al leidt tot stagnatie van projecten. D66 vindt dat de provincie niet kan wachten en met eigen regels moet komen om de doelen van 2030 te halen.

Industrie: doelen lijken opgegeven

Op het terrein van industrie en bedrijven lijken Gedeputeerde Staten de doelen voor 2030 te hebben losgelaten. Dat staat in schril contrast met de eigen belofte om zich ‘onverminderd te committeren aan de klimaatdoelstellingen’. D66 maakt zich zorgen dat Gedeputeerde Staten te veel vertrouwen op koolstofafvang — een technologie die CO₂ uit de lucht haalt, maar nog niet op het benodigde ontwikkelingsniveau zit. Maatregelen van ná 2030 lossen de problemen van vóór 2030 niet op.

Landbouw: cijfers ontbreken

Bij landbouw en landgebruik ontbreken bij veel maatregelen harde cijfers, terwijl er nog 0,5 megaton CO₂-uitstoot extra gereduceerd moet worden. Ook de bossenstrategie waarop het beleid van Gedeputeerde Staten leunt, haalt aantoonbaar zijn eigen doelen niet. D66 wil onderbouwd bewijs zien dat de voorgestelde maatregelen werkelijk voldoende zijn.

Extra maatregelen zoek in kadernota

Tot slot kondigen Gedeputeerde Staten aan dat extra maatregelen in de kadernota — het financiële planningsdocument van de provincie — terechtkomen. Maar wie de kadernota erbij pakt, vindt ze niet terug. D66 vraagt om duidelijkheid over welke maatregelen daadwerkelijk zijn opgenomen.