Interview: “Sekswerk wordt veilig als je het uit de schaduw haalt”

D66 raadslid Dirk-Jan van Vliet interviewt Ben Nordmann. Ben werkt als full-service, supportive escort: hij begeleidt vooral vrouwen en koppels. Daarnaast maakt hij ethische pornofilms. Hij is gevestigd in Nederland, in Utrecht, en ook in Duitsland, in Stuttgart. Hij is ooit naar Nederland gekomen om te studeren aan de Design Academy.

Wanneer en hoe ben je begonnen met sekswerk?
Ik werk nu ongeveer drie jaar als onafhankelijk sekswerker. Het was niet één moment waarop ik besloot: “vandaag begin ik.” Het ging geleidelijk, maar grofweg is het nu zo’n drie jaar dat ik actief ben in escort.

“Aan één tafel zitten maakt het eerlijker en slimmer”

Je bent betrokken bij de Utrechtse klankbordgroep over sekswerk. Wat doe je daar precies?
Het idee is dat verschillende partijen samenkomen om de situatie rond sekswerk te moderniseren en te verbeteren. Dat betekent: niet óver sekswerk praten, maar mét sekswerkers, en ook met de gemeente, politie en andere betrokkenen. Het belangrijkste is dat iedereen aan dezelfde tafel zit en een gelijkwaardige stem heeft. Dat maakt het proces eerlijker, maar ook slimmer: je krijgt een realistischer beeld van wat er speelt en wat er nodig is.

Hoe verliep de samenwerking binnen de klankbordgroep?
We hebben basisregels opgesteld die eigenlijk heel fundamenteel zijn: respect voor elkaar, luisteren naar elkaars perspectieven, constructief discussiëren en helder zijn over het doel. Ook belangrijk: gelijke vergoeding voor deelname, en dat teksten en uitkomsten eerst binnen de groep gedeeld worden voordat ze naar buiten gaan. Dat zorgt voor vertrouwen.

Stigma als kernprobleem

Sekswerk is in de lokale politiek vaak een heet hangijzer. In Utrecht verdween eerder een bekende werkplek (de boten), en daarna waren er lange tijd weinig veilige of legale werkplekken. Hoe kijk je naar die ontwikkeling?
Vaak voelen omwonenden zich ongemakkelijk zodra er ergens sprake is de mogelijke komst van een sekswerklocatie. Tegelijk begrijp ik het: je moet met de omgeving werken. Maar voor mij is de kern dat we het stigma moeten doorbreken. Sekswerk is serieus werk—net als ander werk—en het kan veilig zijn als je het goed organiseert. Daar horen regels, rechten, veiligheid en waardigheid bij. En we moeten er normaler over praten, zoals we nu doen. Sekswerkers zijn gewoon mensen. Als de stad sekswerk in een beter licht durft te zetten, verandert op termijn ook hoe cliënten zich gedragen én hoe inwoners ernaar kijken.

Wordt het stigma de afgelopen jaren minder?
Het is moeilijk te meten, maar ik zie wel beweging. Er zijn verbeteringen geweest, zoals nieuwe regels rond thuiswerken en plannen voor nieuwe werkplekken. Er zijn ook initiatieven zoals tentoonstellingen, festivals en conferenties waar sekswerk besproken wordt. Dat helpt. Tegelijk zijn er nog veel uitdagingen.

“Veiligheid begint bij houding en ontwerp”

Bij nieuwe plannen voor een sekswerklocatie zijn omwonenden soms bang voor criminaliteit en overlast. Wat zou je tegen hen zeggen?
Als je sekswerk en sekswerkers benadert alsof het per definitie crimineel is, leg je een slechte basis. Dan duw je alles naar de schaduw, en dáár ontstaat juist onveiligheid. Je hebt een positieve, duidelijke en veilige plek nodig—met een goed kader. Dat gaat over infrastructuur en ontwerp: hoe verwelkom je mensen, hoe is de verlichting, hoe ziet de plek eruit, hoe is de routing? Maar het gaat ook over community building: betrek buren, winkels, politie, zorg dat er “leven” is. Een plek kan veiliger worden als er sociale controle is en het onderdeel is van de stad.

Een locatie aan de rand van de stad en ‘buiten het zicht’ klinkt logisch voor mensen die afstand willen, maar aan de rand mis je vaak juist die menging en sociale controle. Vanuit mijn perspectief is het beter als sekswerk zichtbaarder en normaler onderdeel is van de samenleving.

“Betrek ook cliënten, en zie de diversiteit”

Er wordt vaak met sekswerkers gesproken, maar zelden met cliënten. Moet dat veranderen?
Ja, honderd procent. Cliënten zijn een diverse groep. In mijn werk zijn veel cliënten vrouwen. Soms hoor je in discussies: “we moeten vrouwen beschermen, dus strengere regels.” Maar als je het kopen van sekswerk criminaliseert, raak je ook vrouwelijke cliënten—en ontneem je mensen toegang tot ondersteunende of ‘empowerende’ ervaringen. Ik zie bijvoorbeeld cliënten die na seksueel misbruik, ‘body shaming’ of schaamte weer vertrouwen opbouwen. Dat welzijn verdwijnt uit beeld als je alleen in termen van probleem en straf denkt.

En er zijn nog groepen die minder stem hebben: mensen met een beperking, mensen met weinig middelen, mensen die afhankelijk zijn van onlinediensten of discreet contact. Die diversiteit moeten we zien en meenemen— aan beide kanten: sekswerkers én cliënten.

Toekomst: begin bij seksualiteit en autonomie

Wat zou er in de toekomst moeten veranderen—als Utrecht of als Nederland?
Het begint eerder dan beleid: bij onze houding tegenover seksualiteit. Seksualiteit is iets positiefs. Mensen moeten zelfbeschikking hebben over hoe ze hun seksualiteit vormgeven. Als je diversiteit in lichamen, relaties en manieren van leven normaliseert, wordt het gesprek over sekswerk ook minder beladen. Sekswerk is dan één van de manieren waarop mensen ondersteuning, intimiteit of seksuele ervaring kunnen vinden—offline of online, in verschillende vormen.

Heb je een boodschap richting Utrechtse beleidsmakers?
Blijf werken met die ronde tafel en gelijkwaardige stemmen. Luister naar sekswerkers, creëer meer en betere werkplekken, en zet het gesprek in de publieke ruimte voort. Het helpt enorm als een autoriteit expliciet uitstraalt: sekswerkers horen bij de stad; we nemen hun veiligheid, gezondheid en rechten serieus. En vergeet niet: privacy is essentieel. Controle en veiligheid mogen niet betekenen dat sekswerkers hun anonimiteit verliezen, want juist door stigma kan dat onveilig worden.

Ben is niet verbonden aan D66 of een andere politieke partij.

Meer weten of de standpunten van D66 over sekswerk?