Westfriese samenwerking rond uitstroom

Op 7 maart hebben de Westfriese gemeenten, zorgorganisaties en woningcorporaties in de raadszaal in Hoorn hun handtekening gezet onder de “Samenwerkingsovereenkomst Uitstroomregeling Bijzondere Doelgroepen Westfriesland.” Na een succesvolle pilot waarbij cliënten van opvang- en woonlocaties geholpen werden bij de uitstroom naar een eigen woonruimte, is besloten deze samenwerking te bestendigen in de bovengenoemde overeenkomst. 

De Westfriese uitstroomregeling is bedoeld voor cliënten van daklozenopvang-, beschermd wonen- en jeugdzorglocaties. Zodra zij – na een periode van begeleiding – voldoende zelfredzaam zijn om (weer) zelfstandig te gaan wonen, zijn er vaak geen woonruimten beschikbaar. ‘Daardoor verblijven zij vaak onnodig lang in de intramurale voorzieningen en ontstaan er wachtlijsten’, licht wethouder Marjon van der Ven van Wonen en (Jeugd)Zorg toe. ‘Mensen hebben behoefte aan een eigen plek. Van daaruit kunnen zij beter hun leven opbouwen en participeren in de samenleving. Bovendien ontstaat door de uitstroomregeling meer doorstroom in de intramurale voorzieningen.’ 


Pilot
Tijdens de pilot van juli 2018 tot juli 2021 ontwikkelden de samenwerkingspartners een werkwijze om cliënten, eventueel met begeleiding, te laten uitstromen. Die komt op het volgende neer. De cliënt moet eerst zelf op zoek zijn gegaan naar woonruimte. Is dat niet gelukt en voldoet de cliënt aan de andere criteria, dan kan hij/zij een beroep doen op de Uitstroomregeling. De cliënt en begeleider sturen de daarvoor benodigde papieren naar de uitstroomcoördinator, de centrale factor binnen de regeling. 
Op grond van de papieren bepaalt de uitstroomcoördinator in welke gemeente de cliënt gaat wonen. De uitstroomcoördinator meldt de cliënt aan bij de woningcorporatie in die gemeente. Die gaat op zoek gaat naar een passende woning. Is er een geschikte woning gevonden? Dan geeft de woningcorporatie dit door aan de uitstroomcoördinator. Samen met de betreffende gemeente wordt gezorgd voor een goede landing in de woning en eventueel begeleiding voor de client. Deze begeleiding wordt regelmatig geëvalueerd en op grond van de evaluatie op- of afgeschaald. 
 
Cliëntervaringen
Uit gesprekken met uitgestroomde cliënten blijkt dat zij heel blij zijn met de stap die zij hebben gemaakt dankzij de pilot.Ze vonden het een spannende stap, maar ze waren er ook echt aan toe. Zo beschrijft een uitgestroomde cliënt het als volgt: “Helemaal voor jezelf gaan is toch wel weer spannend, op de goede manier spannend. In het verleden is het niet helemaal goed gegaan. Die ervaring neem je mee en je doet er alles aan om het goed te doen.” 


Goede resultaten
Uit de pilot blijkt dat deze werkwijze effect heeft, vertelt wethouder Kholoud al Mobayed van Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen. ‘Voor het merendeel van de bewoners die toe waren aan zelfstandig wonen is een huis gevonden. Ook blijkt het goed te gaan met de uitgestroomde bewoners. Met deze resultaten is besloten de samenwerking structureel voort te zetten.’