Schriftelijke vragen Laadpalenconcessie

Elektrisch rijden hoort bij de toekomst van Vlissingen. Steeds meer inwoners en bezoekers stappen over op een elektrische auto en verwachten dat zij hier eenvoudig kunnen laden. D66 Vlissingen wil dat de uitrol van publieke laadpalen daarbij eerlijk, transparant en innovatief gebeurt.
De gemeente staat nu op het punt om in te stappen in een regionale concessie voor publieke laadpalen in de NAL-regio Zuidwest. Twee marktpartijen zouden dan voor tien jaar vrijwel exclusief de publieke laadpalen in Vlissingen plaatsen en exploiteren. Tegelijkertijd wijst de Autoriteit Consument en Markt (ACM) juist op het belang van meer concurrentie, open toegang en goede informatie bij de aanleg van laadinfrastructuur.
Dat spanningsveld is voor D66 reden om schriftelijke vragen te stellen aan het college.

Houdt Vlissingen zelf de regie

In de stukken over de concessie wordt gesproken over een datagedreven aanpak met laaddrukanalyses en plankaarten. In de praktijk komen veel keuzes echter terecht bij het concessiemanagement en de exploitanten van de laadpalen. D66 wil daarom precies weten:

– hoe de gemeente zelf de regie houdt over locaties, tempo en de verdeling over wijken
– hoe we zorgen dat ook strategische plekken, zoals toeristische locaties en drukke woonstraten, voldoende aandacht krijgen
– welke concrete sturingsinstrumenten en weigergronden Vlissingen lokaal in handen heeft

D66 vindt dat het gemeentebestuur, en niet alleen grote marktpartijen, moet bepalen waar en wanneer laadpalen komen.

Betaalbaar, eerlijk en transparant

Een tweede zorg gaat over betaalbaarheid en transparantie. Wie tien jaar lang een exclusief recht krijgt om laadpalen te plaatsen, krijgt daarmee ook veel invloed op het tarief dat mensen betalen aan de paal. Daarom vraagt D66:

– welke afspraken er zijn over tarieven en hoe voorkomen wordt dat die te hoog worden
– welke gegevens over storingen, bezettingsgraad en prijsopbouw beschikbaar komen voor gemeente, raad en inwoners-
– of er openbare dashboards komen, zodat iedereen kan volgen hoe het netwerk presteert

Voor D66 is helder: publiek geld en publieke ruimte vragen om openheid. Inwoners moeten kunnen zien of de afspraken werken en of de gemeente bijstuurt als dat nodig is.

Ruimte voor Zeeuwse innovatie

D66 maakt zich ook zorgen over de kansen voor Zeeuwse bedrijven. Bij een exclusieve concessie is de ruimte voor kleinere en innovatieve partijen beperkt. In de vragen aan het college vraagt de fractie daarom:

– welke rol er overblijft voor lokale installateurs, energiecooperaties en andere regionale partners
– of er ruimte is voor pilots, bijvoorbeeld met bidirectioneel laden of dynamische tarieven, ook buiten de concessie om

Onze voorkeur gaat uit naar een model waarin meerdere aanbieders op basis van heldere regels kunnen meedoen en vernieuwen.

Eerst kaders, dan een keuze

Tot slot wijst D66 erop dat het Programma Mobiliteit pas later in 2025 ter besluitvorming aan de raad wordt aangeboden. Dat programma moet juist de langjarige kaders voor mobiliteit en laadinfrastructuur in Vlissingen geven. De vraag is dan ook waarom de gemeente nu al een langjarige en exclusieve concessie zou aangaan.
D66 vraagt het college om:

– een heldere vergelijking te maken tussen het concessiemodel en een openmarktmodel
– aan te geven welke juridische en financiele risico’s Vlissingen loopt
– te onderzoeken of deelname kan worden opgeschort of aangepast totdat de raad kaders heeft vastgesteld

Vooruit met elektrisch laden, maar wel doordacht

D66 Vlissingen wil tempo maken met duurzame mobiliteit en een dekkend netwerk van laadpalen. Tegelijkertijd vinden wij dat grote besluiten over publieke infrastructuur zorgvuldig moeten worden genomen, met oog voor concurrentie, innovatie, betaalbaarheid en lokale ondernemers.

Met de gestelde vragen wil D66 bereiken dat Vlissingen niet zomaar in een constructie stapt die tien jaar vastligt, maar bewust kiest voor een model dat past bij onze stad en haar inwoners. Zodra het college de vragen heeft beantwoord, komt D66 hierop terug.