Met de oorlog in Iran wordt maar weer voor de zoveelste keer duidelijk dat afhankelijkheid van energie uit het buitenland leidt tot steeds hogere prijzen en pieken die niet goed zijn voor de economie en de welvaart van onze inwoners.
De energietransitie is dus een mooie en ook heel logische stap. Wie wil er immers kans op koolmonoxide vergiftiging in zijn eigen huis en steeds meer moeten betalen om je huis te verwarmen. Maar het brengt wel ook dilemma’s met zich mee.
Zonder warmtenetten gaan we het niet redden, omdat je door de netcongestie immers niet iedereen aan de zonnepanelen en warmtepomp kunt laten beginnen.
De businesscase van warmtenetten is echter op dit moment niet altijd makkelijk sluitend te krijgen. Ook het vinden van duurzame bronnen is niet altijd makkelijk. Het is dus aan de ene kant goed om lokaal eigendom te onderzoeken, maar bij investeringen horen ook risico’s en het is de vraag bij wie dan de rekening komt te liggen.
Zorgen dat zowel bestaande als nieuwe huizen beter geïsoleerd worden en dus minder warmtevraag hebben is dus ontzettend belangrijk en we moeten goed blijven berekenen wat nu de beste stappen zijn die we kunnen nemen.
De mogelijkheden zijn legio, ook wat betreft buurtbatterijen, warmtebatterijen, lucht-water warmtepompen of split level airco’s. Dat levert op termijn vaak een besparing op, maar niet iedereen is kapitaalkrachtig genoeg of verbruikt genoeg om voor die opties te kunnen kiezen.
Dus als je eerlijk wil zijn naar je inwoners, dan reken je ze goed voor wat voor hun specifieke situatie de beste keuze is en help je ze waar nodig om het te realiseren.
We zetten nu al de eerste stappen via de woningcorporaties, maar we zullen ook bij de huiseigenaren aan de bak moeten.