Welzijn en zorg

Beeld: pixabay / thruthseeker08

Een goede gezondheid is een voorwaarde voor het leven in optimale vrijheid en geluk.

Een goede gezondheid begint in de eerste plaats bij een goede geestelijke gezondheid.

Soms zijn lichamelijke gebreken een gegeven, maar een goede geestelijke gezondheid kan betekenen dat er met die lichamelijke gebreken volop van het leven kan worden genoten.

Het tegenovergestelde is niet waar; zelfs in opperbeste lichamelijke gezondheid is het leven gemankeerd wanneer men lijdt aan een mindere geestelijke gezondheid.

Wij zetten daarom in op aandacht voor de breedst mogelijke definitie van gezondheid.

Veel aspecten die direct met gezondheid en financiën samenhangen liggen op het bordje van de rijksoverheid. Maar ook de gemeente kan op enkele punten haar bijdrage leveren. Wat betreft welbehagen heeft de gemeente echter wel een belangrijke vinger in de pap.

De welzijns- en zorgsector moet samen met de gemeente en inwonersinitiatieven een wezenlijke bijdrage leveren aan het ontlasten van het zorgstelsel. In een toekomstbestendig stelsel zijn zorg- en welzijnsoplossingen en samenredzaamheid complementair aan elkaar. Met de verschuiving van zorg naar welzijn en van welzijn naar gemeenschapszin moet de kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid ook op lange termijn worden geborgd. Het welzijnswerk slaat hierbij een brug tussen de zorg en de lokale gemeenschappen.

De gemeente gaat in samenwerking met de inwoners onderzoeken hoe mantelzorgers beter door de gemeente ondersteund kunnen worden. Er komt een steeds grotere last te rusten op mantelzorgers die veelal met dezelfde problemen te maken hebben. Door een betere ondersteuning en coördinatie vanuit de gemeente kunnen mantelzorgers ontlast worden, o.a. d.m.v. ‘respijtzorg’ (waarbij mantelzorgers even een moment vrijaf kunnen inplannen). De keuze voor ondersteuning, of voor welk soort ondersteuning zal te allen tijden bij de mantelzorger zelf liggen.

Voorzorgcirkels zijn informele netwerken van mensen die dicht bij elkaar in de buurt wonen en elkaar ondersteunen om zo de druk op de gezondheidszorg te verlichten;

Inzetten op verstevigen sociale cohesie door initiatieven te ondersteunen die bijdragen aan gemeenschapszin en omzien naar elkaar, zoals bijvoorbeeld het periodiek gezamenlijk eten in buurthuizen en sport en spelactiviteiten;

Buurthuizen in de wijk moeten worden gestimuleerd en gefaciliteerd omdat daar gelegenheid wordt geboden tot ontmoetingen in elke wijk, samen eten, en buurtactiviteiten in het algemeen. Buurthuizen moeten ontmoetingsplekken worden met een vrije inloop. Waar mogelijk moet dit worden gecombineerd met de bibliotheekvoorzieningen;

De gemeente zorgt voor de ontwikkeling van integrale eerstelijns zorgvoorzieningen. Dat wil zeggen dat eerstelijnszorg, zoals huisartsen, op dezelfde plaats een onderdak heeft als de sociale- en zorgondersteuning. De meerwaarde van het op een plek combineren van huisartsen en overige eerstelijnszorg en aansluitende zorgondersteuning staat inmiddels vast. Er moet nu fysieke ruimte worden gecreëerd om die samenwerking mogelijk te maken en uit te breiden.

Het aantal verpleeghuisplekken in Aalsmeer en Kudelstaart
moet minimaal op peil blijven om in de (toenemende) behoefte aan deze plekken te kunnen blijven voorzien.

Iedereen moet, ongeacht achtergrond, gezondheid of beperking gelijke kansen hebben om deel te nemen aan de samenleving. Stoepen, wandelgebieden, overheidsgebouwen en sport en
recreatieterreinen dienen goed begaanbaar en toegankelijk te zijn voor hen die moeilijk ter been zijn of een visuele handicap hebben. Er zijn voldoende openbare en toegankelijke toiletten, zodat iedereen zonder zorg naar buiten kan.

Er moeten in de gemeente Aalsmeer ontmoetingspunten of inlooppunten komen waar mensen die behoefte hebben aan een gesprek om specifieke ervaringen te delen samen kunnen komen. Dit kan eventueel regionaal opgepakt worden zoals bijvoorbeeld het Adamas centrum voor mensen die op enige manier in hun directe omgeving met kanker worden geconfronteerd.

Onze wereld wordt steeds meer geregeerd door fast-food en vervuiling door onder meer plastics en PFAS met alle kans op een slechte gezondheid. Een goede gezondheid is belangrijk voor een goed leven. Niet alleen een fysieke gezondheid maar ook en niet onbelangrijk een goede geestelijke gezondheid.

Gezondheid begint in de wijk: de lucht die we inademen, het groen dat we zien en de mensen om ons heen. Een gezonde omgeving voorkomt problemen, versterkt welzijn en maakt dat zorg later minder zwaar belast wordt. Een gezonde levensstijl draagt bij aan levensgeluk en voorkomt ziekte.

Daarom zetten wij in op buurten die uitnodigen tot beweging en ontmoeting, veilige fietsroutes, groene wandelpaden en toegankelijke sportvoorzieningen. We stimuleren gezonde keuzes met initiatieven zoals gezonde schoolkantines, rookvrije speelplekken en steun aan sportverenigingen en culturele organisaties. Ook stimuleren we gezonde voeding door samen te werken met scholen, horeca en supermarkten, zodat gezonde keuzes vanzelfsprekender worden.

Het bevorderen van gezond leven is niet alleen een individuele verantwoordelijkheid, maar een gezamenlijke opdracht van gemeente, inwoners, scholen, verenigingen en bedrijven. Zorg is een basisrecht, geen vangnet. Wij staan voor toegankelijke zorg dichtbij huis, waarbij preventie het uitgangspunt is.

Mentale gezondheid dient in het lokale beleid wordt verwerkt via de pijlers educatie, signalering en ondersteuning, bij de inrichting van de fysieke en sociale omgeving en door middel van regelgeving. De ‘Handreiking Mentale Gezondheid’ van de VNG biedt een kader voor gemeentelijke implementatie.

Is belangrijk voor een gezond leven. Er moet hierover meer voorlichting worden gegeven. Dit kan bijvoorbeeld in combinatie met kooklessen op basisniveau en in het kader van culturele uitwisseling in de wijken.

Internationale verdragen en afspraken, bijvoorbeeld het VN verdrag inzake de rechten van personen met een handicap, vormen een basis voor gemeentelijk beleid ten opzichte van mensen met een handicap. Deze afspraken vormen een basis die mede door rijksoverheid, gemeenten, maatschappelijke organisaties en ervaringsdeskundigen nader moet worden ingevuld. De gemeente Aalsmeer neemt het initiatief om in 2022 te voldoen aan het opzetten van een lokale inclusie-agenda conform de Handreiking Lokale Inclusie Agenda zoals opgesteld door de VNG en deze vanaf 2023 daadwerkelijk te gaan uitvoeren.

Aalsmeerse sport- en cultuurinstellingen worden aangemoedigd ouderen en mensen met een beperking of aandoening bij hun activiteiten te betrekken. De gemeente ontwikkelt samen met de partners een vervoersplan om deze groepen van vervoer te voorzien richting deze activiteiten.

Iedere dienst die de gemeente digitaal levert moet ook persoonlijk kunnen worden geleverd. De gemeente biedt aan iedere inwoner persoonlijke hulp bij het invullen van (digitale) formulieren en bij het doorlopen van procedures.

De eerstelijnszorg (huisarts, tandarts, fysio etc.) is goed georganiseerd met gezondheidscentra in Kudelstaart, Dorp en Oost. Vanuit deze wijksamenwerkingsverbanden kan de gezondheidszorg verbeterd worden zodanig dat beter ingespeeld kan worden op individuele behoeften en mogelijkheden in de wijk. Samenwerking met het sociaal domein (armoedebeleid, migratiebeleid) moet hierbij geïntensiveerd worden.

Kinderen opvoeden en zeker de omgang met pubers is in onze complexe samenleving met veel verleidingen zoals drugs- alcohol, gokken en gaming is niet eenvoudig. Ouders en jongeren verdienen ondersteuning daarbij omdat deze een grote impact hebben op de relatie en de stabiliteit van het gezin. Wij willen dan ook preventief emotionele gerichte trainingen zoals “Houd me vast, laat me los” beschikbaar stellen voor gezinnen.

De kosten van de jeugdzorg zijn op dit moment voor praktisch alle gemeente in Nederland een molensteen om de nek van de gemeentebegrotingen. De bezuinigingen die de rijksoverheid heeft toegepast bij het overhevelen naar de gemeenten, het ondoordachte concept voor die gemeenten met instellingen voor jeugdzorg en de inconsequente berekening van vergoedingen richting de gemeenten maakt dit tot een hoofdpijndossier. Nu de rijksoverheid de gemeente gaat verplichten om de jeugdzorg regionaal aan te besteden verandert alles weer en hebben we er minder invloed op.
Buiten het feit dat er wel enige oplossingen binnen het gemeentelijk werkgebied gevonden kunnen worden is ook hier de lobby richting ‘Den Haag’ belangrijk. Onze inzet betreft op dat punt met name:
– VNG : Voortgaande samenwerking in VNG verband (Vereniging Nederlandse Gemeente – het samenwerkingsverband van de Nederlandse gemeenten richting rijksoverheid) voor een grotere bijdrage van de rijksoverheid richting de gemeenten.
– Rijksvergoeding : Een eerlijke vergoeding van het Rijk gebaseerd op daadwerkelijke kosten in plaats van gebaseerd op een rekenmodel.
– Categorie C zorg : Het verplaatsen van de kosten voor de zwaarste, zogenaamde categorie C, zorg van de gemeente naar de rijksoverheid. Deze zwaarste zorg kent immers maar weinig aspecten waar de gemeente invloed op kan hebben. Daarmee vervalt de reden voor het verschuiven van deze verantwoordelijkheid naar gemeentelijk niveau. Dit type zorg heeft de grootste invloed op de financiële problemen op dit gebied voor de Nederlandse gemeenten.

Sinds 2015 is de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) van kracht. Hierbij worden onder meer een groot aantal taken van de rijksoverheid naar de gemeente overgeheveld.
Een van de belangrijkste onderwerpen de komende jaren vormt het spanningsveld tussen de komende vergrijzingsgolf en de daarmee samenhangende financiering en bemensing van de zorgtaken.
 
Dit betekent een groot beroep op de aanwezige flexibiliteit en creativiteit in samenwerking met alle betrokken maatschappelijke organisaties om deze grote opgave van antwoorden te kunnen voorzien. Dit betekent ook dat de verdeling die in de WMO is neergelegd van tijd tot tijd zal moeten worden geëvalueerd om er zeker van te zijn dat deze problemen niet alleen op de best mogelijke manier worden aangepakt, maar vooral dat niemand buiten de boot valt.
 
Wij zullen in onze lobby daarom inzetten dat er door de rijksoverheid voldoende ruimte geboden wordt om met alternatieve en vernieuwende samenwerkingsvormen binnen de gemeente een oplossing te vinden ten opzichte van deze uitdagingen.