17. Jeroen Kok

Beeld: D66 Vught

Even voorstellen…

  • 48 jaar
  • Rutten (gem. Noordoostpolder)
  • Vught

Ik ben Jeroen Kok, ik ben getrouwd met Geertje en wij wonen samen met onze dochter Elke van 17 jaar en onze zoon Ties van 14 jaar in de Vughtse Gement. Ik ben graag buiten actief, dus in het weekend lekker thuis aan de slag in de tuin of op het erf. Na mijn studie in Wageningen ben ik aan het werk gegaan in de duurzame energie. Met name als projectontwikkelaar en de laatste jaren ook in verschillende bestuursfuncties. Sinds 2 jaar werk ik als zelfstandige voor verschillende opdrachtgevers.

Waarom D66?

Wat mij aanspreekt in D66 is dat er gedacht wordt vanuit de stip op de horizon. In welke wereld willen wij wonen? Waar willen we als samenleving heen? En, hoe gaan we dat bereiken? (En niet: hoe houden we de status quo en gaan we door op de ingeslagen weg?)

Waarom Vught?

De mensen. Veel inwoners van Vught komen oorspronkelijk ergens anders vandaan. Mijn ervaring is dat de mensen die naar Vught komen open staan voor ontmoeting en het leggen van nieuwe sociale verbindingen. Dat is mooi aan Vught.

Grootste uitdaging?

Al zolang als ik in Vught woon (20 jaren nu) is er complete onduidelijkheid over de toekomst van De Speeldoos. De discussie hierover is echt een verkwisting van tijd. Ik volg het niet inhoudelijk, maar dat zoiets ogenschijnlijk simpels en in het algemeen belang niet voortvarend wordt behandeld voelt voor mij niet goed.

Een ander punt is het naast elkaar bestaan van twee voetbalverenigingen, ik vraag mij af of er op deze wijze efficiënt met gemeenschapsgeld wordt omgesprongen. Misschien heb ik het mis, maar deze vraagstukken zouden wel mijn aandacht hebben als ik een actieve rol in de gemeente zou hebben.

Favoriete plek?

De IJzeren Man vind ik het meest positieve aan Vught. Iedere keer als ik er ben of erlangs kom denk ik ‘wat een fantastische plek is dit, wat hebben we een mazzel dat we dit op fietsafstand van thuis hebben’.

Zijn plek op 18 maart?

Nummer 17 bij D66 Vught (lijst 2)

Zijn motto?

Het kan wél

Beeld: Ruud Strobbe