College erkent: ‘Gestelse aanpak’ voldoet niet aan wettelijke opvang-opgave

Asielopvang onder toezicht Den Haag

College erkent opdracht voor 388 opvangplaatsen

Het college van Sint-Michielsgestel heeft snel antwoord gegeven op de schriftelijke vragen van D66 over het actieve toezicht door het rijk op de asielopvang in onze gemeente. Die antwoorden zijn helder: de wettelijke opgave bedraagt 388 opvangplaatsen, die opgave hangt rechtstreeks samen met de bestuurlijke afspraak met Boxtel en de huidige ‘Gestelse aanpak’ van maximaal 90 plaatsen is volgens het college zelf onvoldoende om aan die taak te voldoen.

“De discussie gaat niet meer over de vraag óf er een probleem is”, zegt fractievoorzitter Floris Ran. “Het college erkent zelf dat 90 plaatsen niet genoeg zijn. De vraag is nu hoe het college het verschil tussen 90 en 388 gaat overbruggen.”

Afspraken met Boxtel nog niet waargemaakt

Het college bevestigt ook dat de huidige opgave voortkomt uit de afspraak met Boxtel. Boxtel nam een groter deel van de opvang van Oekraïense vluchtelingen op zich, Sint-Michielsgestel de gezamenlijke asielopgave. Het college noemt het feit dat Sint-Michielsgestel die afspraak nog niet heeft waargemaakt een ongewenste situatie, ook vanuit het oogpunt van bestuurlijke betrouwbaarheid. Zolang er geen nieuwe afspraken zijn gemaakt, blijft de huidige wettelijke taak bovendien volledig gelden.
D66 is voorstander van kleinschalige opvang, maar vindt dat kleinschaligheid geen excuus kan zijn om de wettelijke verantwoordelijkheid niet waar te maken.

“Drie locaties van dertig plaatsen kunnen onderdeel zijn van een oplossing. Maar 90 is geen 388. Het college zal dus moeten uitleggen hoe de rest van de opgave wordt opgelost, zonder die verantwoordelijkheid simpelweg bij andere gemeenten neer te leggen.”

Concrete plannen op korte termijn nodig

Door het actieve toezicht wordt die vraag urgenter. Het Rijk verlangt nu concrete en toetsbare afspraken over acties en termijnen. D66 zal het college daarom de komende periode scherp volgen op de vraag of de gekozen aanpak daadwerkelijk leidt tot een geloofwaardige oplossing.