Openbare verlichting: cijfers zijn er, maar echte regie ontbreekt

D66 Hulst heeft antwoord gekregen op de schriftelijke vragen over de staat van de openbare verlichting. Die antwoorden geven eindelijk inzicht in cijfers en procedures, maar laten tegelijk zien dat de gemeente beleidsmatig nog steeds achter de feiten aanloopt.

Op papier lijkt het probleem beheersbaar: 64 openstaande meldingen in december. Dit betreft mogelijk meer palen, want een melding kan gaan over meerdere palen. Maar wie verder kijkt, ziet dat een groot deel van deze storingen al weken tot maanden openstaat. Vooral schadegevallen duren lang — gemiddeld meer dan een maand. Juist in die periode blijven straten en fietspaden onverlicht, met directe gevolgen voor het gevoel van veiligheid.

Wat ons zorgen baart, is dat de gemeente er nu voor kiest om normen aan te passen aan de praktijk, in plaats van de praktijk te verbeteren. De herstelnorm voor storingen wordt verruimd van vijf naar tien werkdagen, omdat vijf dagen “niet haalbaar” zou zijn. Voor inwoners betekent dit geen vooruitgang, maar het accepteren van vertraging.

Daarnaast blijkt dat storingen niet actief worden opgespoord. Er is geen nachtschouw en geen automatische monitoring. Als inwoners niet melden, blijft het donker. Dat is een risico, juist voor mensen die zich onveilig voelen om ’s avonds naar buiten te gaan. D66 Hulst vindt dat de gemeente hier meer verantwoordelijkheid moet nemen.

Ook op het punt van sociale veiligheid schiet de beantwoording tekort. Het college waarschuwt voor “schijnveiligheid” bij betere verlichting. Natuurlijk vraagt verlichting altijd om een zorgvuldige afweging, maar dat mag geen reden zijn om het belang van goede verlichting te relativeren. Iedere vrouw moet veilig over straat kunnen. Dat vraagt om duidelijke keuzes en prioriteit voor plekken waar mensen zich onveilig voelen.

De nieuwe Fixi-app kan helpen om meldingen overzichtelijker en transparanter te maken. Dat is positief. Maar Fixi is geen wondermiddel. Zonder heldere prestatieafspraken en actieve sturing blijft het risico bestaan dat meldingen alsnog te lang blijven liggen.

Tot slot schuift het college veel beslissingen vooruit naar een nieuw beleidsplan in 2026. Dat biedt kansen, maar ook risico’s. D66 Hulst zal dit dossier daarom scherp blijven volgen. Wij willen geen papieren verbeteringen, maar zichtbaar beter licht op straat: veiliger, duurzamer en betrouwbaar.

Openbare verlichting is geen detail. Het raakt veiligheid, leefbaarheid en duurzaamheid. En daar hoort regie bij.

Beoordeling cijfers:
Het probleem is kleiner gepresenteerd dan de beleving van inwoners
Op papier zijn er 64 openstaande meldingen op 17 december.
Dat lijkt overzichtelijk, maar:
40 meldingen staan langer dan een maand open
18 zelfs langer dan 3 maanden
2 langer dan 6 maanden

Hersteltijden zijn gemiddeld acceptabel, maar schades duren extreem lang:
Gemiddelde hersteltijd: 14 dagen.
Maar bij schades: gemiddeld 38 dagen.
Dat betekent in de praktijk vaak meer dan een maand geen verlichting.

We sturen het volgende stuk via de griffie naar het college om enkele doelstellingen/kaders mee te geven voor het nieuwe beleidsplan:
Begin 2026 komt het college met een nieuw beleidsplan openbare verlichting. Dat plan is hard nodig. De beantwoording van onze schriftelijke vragen laat zien dat er wel cijfers en systemen zijn, maar dat echte keuzes en duidelijke prioriteiten te vaak ontbreken.
D66 Hulst vindt dat het nieuwe beleidsplan meer moet zijn dan een technische meerjarenplanning. Het moet een duidelijke koers uitzetten: voor veiligheid, duurzaamheid én betrouwbaarheid.

1. Veiligheid als expliciete prioriteit
Goede verlichting is geen luxe. Het is een basisvoorwaarde voor een veilige openbare ruimte. Dat geldt in het bijzonder voor vrouwen, jongeren en ouderen.
In het nieuwe beleidsplan moet daarom helder worden vastgelegd:
-op welke plekken sociale veiligheid zwaarder weegt dan andere belangen;
-hoe onveilige routes, parken en oversteekplaatsen actief worden aangepakt;
-en hoe inwoners structureel betrokken worden bij het signaleren van onveilige situaties.
Afwegingen zijn nodig, maar veiligheid mag niet verdwijnen achter abstracte begrippen als “schijnveiligheid”.

2. Van reageren naar regie
Op dit moment is de gemeente grotendeels afhankelijk van meldingen van inwoners. Als niemand meldt, blijft het donker. Dat is kwetsbaar en onwenselijk.
D66 Hulst wil dat het nieuwe beleidsplan inzet op:
-actieve controle (bijvoorbeeld periodieke schouw);
duidelijke prioritering van langdurige én grotere storingen, zoals groepsuitval of storingen op belangrijke routes;
-en concrete doelstellingen voor maximale hersteltijden.
Normen mogen geen papieren werkelijkheid zijn die later worden versoepeld omdat ze “niet haalbaar” blijken.

3. Transparantie en verantwoording
Inwoners en raad hebben recht op inzicht. Niet één keer per jaar in de jaarrekening, maar regelmatig en begrijpelijk.
Wij pleiten voor:
-periodieke en actuele rapportages over storingen, hersteltermijnen en achterstanden;
-inzicht in de voortgang van vervanging en verduurzaming;
-en heldere communicatie over wat inwoners mogen verwachten.
Het ligt voor de hand om deze statistieken openbaar en doorlopend te publiceren, bijvoorbeeld op
http://www.ovstoringzeeland.nl/.
Net zoals we op andere platforms transparant cijfers delen — denk aan https://opvanginzeeland.nl/ — kunnen inwoners zo zelf volgen hoe het staat met de openbare verlichting in hun gemeente.
De nieuwe Fixi-app kan hierbij helpen, maar alleen als de gemeente ook actief stuurt en controleert.

4. Verduurzaming versnellen
Meer dan 60% van de verlichting is inmiddels LED, maar de resterende achterstand is nog groot. Het nieuwe beleidsplan moet duidelijke keuzes bevatten over:
-versnelling van de vervanging van oude masten;
-inzet van dimbare en slimme verlichting waar dat kan;
-en het koppelen van duurzaamheid aan lagere onderhoudskosten en minder storingen.
Verduurzaming moet niet alleen goed zijn voor het klimaat, maar ook zichtbaar voordeel opleveren voor inwoners.