De ambitie staat er al
In de Omgevingsvisie Land van Hulst 2050 staat het goed. Het hoofddoel op klimaat is een klimaatbestendige en waterrobuuste gemeente, met klimaatadaptatie als uitgangspunt bij nieuwe ontwikkelingen. Regenwater niet snel afvoeren maar vasthouden. Bomen geven schaduw en bergen water. De uitwerking komt in een klimaatadaptatieprogramma.
Er staat ook iets opvallends in. De gemeente bereidt een “stok achter de deur” voor in de vorm van regels over de maximale verharding op privé-eigendom. Voor de eigen openbare ruimte staat er iets anders: de gemeente “benut kansen” bij projecten en onderhoud.
Daar zit het gat. Voor de tuin van een inwoner bereiden we een norm voor; voor onze eigen straten en parkeerterreinen hebben we een intentie. Wie regels wil stellen aan de tegels van een ander, begint bij de zijne.
Waarom dit hier extra telt
Elders gaat dit debat vooral over wateroverlast. Bij ons ligt dat anders. Zoet water wordt in onze gemeente vrijwel alleen aangevuld door regen, plus wat overtollig water uit België. Elke millimeter die we via het riool naar de Westerschelde sturen, is zoet water dat we weggooien in een gebied dat er te weinig van heeft.
En schaduw is in een vergrijzende gemeente geen luxe maar een gezondheidsvoorziening: het bepaalt of iemand met een rollator in juli nog naar de supermarkt loopt.
Eerlijk over wat werkt
Infiltreren kan niet overal. Onze bodem is grotendeels klei; alleen ten zuiden van Heikant en Sint Jansteen en rond Clinge is die zandig. Op klei zakt water nauwelijks weg. De opgave is daar bergen en vertraagd afvoeren. Leg dus een prestatie vast — millimeters berging per vierkante meter — en geen materiaal.
Doorlatende verharding slibt bovendien dicht en vraagt ongeveer eens per vier jaar reiniging. Begroot dat beheer meteen mee; een dichtgeslibd parkeerterrein bewijst alleen de scepticus gelijk.
Bij geluid ligt laaghangend fruit. Klinkers zijn luidruchtiger dan glad asfalt, maar het verschil tussen aanlegverbanden is groot: bij 50 km/uur geldt een toeslag van +1,9 dB in keperverband tegenover +5,5 dB in andere verbanden. Dat kost bij aanleg vrijwel niets en wordt vandaag in het bestek beslist.
En de lucht? Die staat hier juist zwaar onder druk. De uitstoot van ArcelorMittal in de Gentse kanaalzone, van North Sea Port en van de scheepvaart op de Westerschelde waait bij westenwind over onze dorpen, en de havenuitbreiding bij Antwerpen komt daar nog bovenop. Verharding en groen lossen dat niet op — die belofte doen wij niet. Maar juist daarom moeten we thuis wél leveren. Alles wat we zelf doen maakt onze eigen lucht schoner én geeft ons het recht van spreken tegenover onze buren. Wie zelf niets onderneemt, staat met lege handen aan de overlegtafel. Om diezelfde reden blijft D66 Hulst pleiten voor aansluiting bij het Schone Lucht Akkoord.
En nee: wij vragen geen gras in elk parkeervak, niet op zwaar belaste rijbanen en zeker niet in de vesting.
Vier kaders die de raad kan meegeven
1. Een prestatienorm, geen materiaalvoorschrift. Leg vast hoeveel berging per vierkante meter nieuwe of vervangen verharding nodig is. Besteed functioneel aan op die prestatie en reken met levensduurkosten.
2. “Groen en waterrobuust, tenzij” bij elk vervangingsmoment. Gaat de grond open voor riool, kabels of wegonderhoud, dan is de klimaatadaptieve variant het vertrekpunt. Afwijken mag, mits gemotiveerd en gemeld.
3. Een klimaatparagraaf bij elk raadsvoorstel met ruimtelijke impact. Een half A4: hoeveel verharding erbij of eraf, hoeveel berging, wat er met bomen gebeurt, en welk alternatief afviel.
4. Meten en jaarlijks rapporteren. Hoeveel doorlatende verharding ligt er nu? Hoeveel verhard oppervlak is afgekoppeld? Wij kunnen die vragen vandaag niet beantwoorden — en zonder nulmeting is elk doel vrijblijvend.
Waar het landt
De omgevingsvisie noemt zelf de plekken die de komende vijftien jaar worden aangepakt: de centra van Clinge, Graauw, Nieuw-Namen, Sint Jansteen en Vogelwaarde, het Stationsplein, de binnenstad en de haven van Walsoorden. Bij elk van die projecten valt straks een keuze over verharding, water en schaduw — bewust, tegen een norm van de raad, of stilzwijgend in een bestek.
Een bezoeker beoordeelt ons niet op onze visiedocumenten, maar op de vraag of het plein waar hij zijn auto neerzet een stenen vlakte is of een plek met bomen. De omgevingsvisie is vastgesteld; het klimaatadaptatieprogramma en het programma parkeren staan op de rol. Dat zijn de momenten voor de raad.
Van steen naar spons. Het kost geen extra straat — het kost een besluit op het juiste moment.
LET OP: auteursrechten ontbreken. S.v.p. de auteursrechten invullen voor deze afbeelding before using it.