Blijf op de hoogte!

Steun ons en help Nederland vooruit

zaterdag 28 januari 2017

Toespraak Alexander Pechtold verkiezingscongres

 

Lees hier de congresspeech van Alexander Pechtold op het verkiezingscongres in Nieuwegein terug. Onze afspraak met Nederland leest u hier.

Partijgenoten, Ga er maar eens goed voor zitten. Maar niet als jullie verwachten dat ik hier eens flink ga uithalen. Anderen de maat ga nemen. Partijen. Collega’s. De premier. Hoewel daar alle reden toe is, zeker na deze week, toch zal ik dat vandaag niet doen. Wat ik wel ga doen is deze campagne een beetje uit de mode geraakt. Ik wil jullie meenemen in wat ik voor Nederland wil betekenen. Misschien een beetje ouderwets. Maar denken jullie ook niet dat mensen uiteindelijk vooral geïnteresseerd zijn in onze plannen? Hoe partijen Nederland verder willen brengen? Want zouden mensen niet moe worden om weer een partij te horen zeggen wat ze niet willen. En vooral met wie ze iets niet willen. Met in hun achterhoofd de teleurstelling na de vorige verkiezingen. Waar een opgeklopte tweestrijd soepeltjes overging in een innige coalitie. Hoe vaak zijn mensen niet voor de gek gehouden, bedonderd met beloftes en breekpunten? “Wees integer en onkreukbaar. En dien het publieke belang”, zei onze Jan Terlouw recht in de camera. Heel Nederland viel hem bij. Het leek even of de wereld niet door draaide.

Congres, Waar gaan deze verkiezingen over? Wat staat er op het spel? We zeggen altijd zo mooi: verkiezingen gaan over de toekomst van het land. Concreet betekent dat deze keer: welk signaal geven wij aan de wereld? Wie sturen wij dadelijk naar Trump en Poetin? Wie onderhandelt er straks met mevrouw May over de Brexit? Wie zorgt ervoor dat we elkaar weer een beetje de ruimte geven? Wie gidst ons land uit het chagrijn? Dát staat er op het spel. En wat is óns doel bij deze verkiezingen? Alle progressieve kiezers naar de stembus krijgen. Onmisbaar worden voor een kabinet. En dus: zo groot mogelijk worden. En mijn persoonlijke drijfveer is: het bestrijden van onrecht én onzin. Daarom sta ik hier opnieuw als jullie lijsttrekker.

Mensen zijn onzeker, vragen zich af: is de politiek er wel voor mij? Zien ze mij wel staan? Herken ik mij in wat die politici doen? Ik heb gemerkt dat er pas waardering komt voor de politiek als er wordt samengewerkt en er resultaten komen. Dat begon in 2012 bij het Lente-akkoord. Het kabinet spetterde uiteen. Midden in de crisis. En toch vonden vijf partijen elkaar. En we hebben nog nooit zoveel gladiolen gekregen voor zulke stevige maatregelen. De inhoud van dat akkoord was bepaald geen feest voor mensen. Maar er werd wat gedáán. Mensen zagen: ‘hé, de politiek kan het wél!’ En zo ging het ook bij het Herfstakkoord. Wederom een wonderlijke combinatie. D66 en twee christelijke partijen. Maar ook hier: steun voor resultaten. Daardoor is er al vier jaar op rij 600 miljoen euro naar het onderwijs gegaan. 2,5 miljard extra. Een duizelingwekkend bedrag. Ik weet nog goed dat Wouter en ik in één van die nachten het ministerie van Financiën uit liepen. We hadden urenlang onze poot stijf gehouden voor de laatste 50 miljoen. Al wandelend rekende Wouter me voor: 50 miljoen, dat zijn 1500 conciërges. En dus vaste banen. Én een veilig gevoel op school voor onze kinderen.

Congres, dat zijn nou de momenten waar je het voor doet. En waarbij mensen het gevoel hebben: ‘hèhè, ze snappen ons, ze doen iets voor ons.’ Iedere partij stond de afgelopen jaren steeds opnieuw voor de keuze: langs de zijlijn blijven staan of meedoen op het speelveld. De fractie en ik hebben gekozen voor dat laatste. Welbewust. Weloverwogen. Was dat de makkelijke weg? Nee. Was dat de populairste weg? Verre van. Het is altijd makkelijker mensen te volgen dan ze vóór te gaan. Maar bij dat laatste voel ik me toch echt het meeste thuis. Het was niet pers e beter voor mij, voor de partij, dat mee besluiten in crisistijd. Maar het bleek wel het beste voor Nederland.

Congres, In die sfeer wil ik door. Wij blijven verantwoordelijkheid nemen. Nu het erop aan komt willen wij regeren. En wat kunnen mensen dan van ons verwachten? Wat is onze afspraak met de kiezer? Wat wil ik kunnen afspreken met mensen die ik tegenkom? Die worstelen met de vraag wat ik voor hen kan betekenen? Wat krijgen die mensen terug voor hun stem? Dat wil ik hier vandaag precies uit de doeken doen. Als mensen ons hun stem geven, krijgen wij het volgende voor elkaar.

– Wij gaan de kiezer zeggen dat iedereen die werkt erop vooruit gaat. De lasten voor mensen waren in twintig jaar niet zo hoog. Wij gaan die lasten verlagen. Voor die gewone Nederlanders met een middeninkomen die de afgelopen jaren de klappen van de crisis moesten opvangen. Zo’n 100 euro minder inkomstenbelasting per maand. En dat levert ook veel nieuwe banen op.

– Wij gaan de kiezer vertellen dat we de zorg een steun in de rug geven. Een steun in de rug voor ouderen, die zo lang mogelijk thuis willen wonen. Zelf boodschappen doen. Je eigen spullen om je heen. Dat is voor mensen heel veel waard. Een steun in de rug ook voor verpleegkundigen. Zij hebben meer en beter opgeleide collega’s nodig voor het zware, goede werk dat ze doen. En daarom willen we duizenden extra verpleegkundigen.

– De kiezer kan er op rekenen dat wij nieuwkomers in dit land vanaf dag één onze taal leren. Want wie geen Nederlands spreekt, krijgt geen werk. Snapt niets van de ouderavond van de kinderen. Heeft geen contact met de buren. Leert onze vrijheden niet waarderen. Raakt geïsoleerd. Die vóórtdurende integratieramp – veroorzaakt door politiek wegkijken – gaan wij stoppen.

– En alle mensen, vriend en vijand van Brussel, zullen wij vertellen dat Europa niet alleen een ideaal is, maar een absolute noodzaak. En een nationaal belang. President Trump is een kans voor Europa. Schuivende panelen in Washington, Moskou, Peking en Ankara dwingen ons continent de krachten te bundelen. Dan blijft Europa een wereldspeler van formaat. Ik kies voor een rol die Nederland ligt en die ons past: als overtuigd, maar kritisch lid van de Europese Unie. Daarom werk ik op geen enkele manier mee aan een Nexit! Ook die duidelijkheid geef ik voor verkiezingen.

– Wij gaan de kiezer ook vertellen dat we kunnen hopen op een beter klimaat, maar dat het beter is om nu in actie te komen. Klimaatverandering kan leiden tot overstromingen en mislukte oogsten,oorlog en daardoor vluchtelingen. Alle reden voor een breuk met wat we nu doen, of beter gezegd: niet doen. Wie het milieu vervuilt, gaat bij ons meer betalen en wij sluiten de kolencentrales wél. Waar Trump oliepijpleidingen aanlegt als bypasses voor zijn oude economie, klopt ons hart sneller door wind, water en zon in een nieuwe economie.

– En de kiezer zal niet verbaasd zijn dat wij het onderwijs het best bedélen. De ondernemers van de toekomst, de verpleegkundigen, de toekomstige leraren, de wetenschappers van morgen, zitten vandaag op school. Maar in een te volle klas. Aandacht en niveau staan onder druk. Wij maken de klassen kleiner, maximaal 24 kinderen. Beter voor leerling én docent.

Deze ambities, dit is wat ik namens jullie, heel concreet met de kiezer wil afspreken. Van minder lasten naar meer vaste banen. Van kleinere klassen tot meer verpleegkundigen. Van een nieuwe economie en een sterk Europa tot een samenleving waarin iedereen meedoet en elkaar verstaat. Dat is mijn inzet voor een nieuw regeerakkoord. Dáár teken ik voor. En in ruil daarvoor vraag ik van de kiezer: 15 maart uw stem. Hand erop. Samen krijgen we ’t voor elkaar!

Partijgenoten, Deze afspraak is helder. Wij laten zien wat mensen aan ons hebben. Maar het gaat er óók om hoe wij als D66 in de politiek staan. Onze mentaliteit. Ik had het over mijn persoonlijke drijfveer. Het bestrijden van onrecht én onzin. Sinds we elkaar eind oktober voor het laatst zagen, is er veel gebeurd. De Verenigde Staten zijn een verscheurd land. Met een potentaat die per decreet muren bouwt, zorg afbreekt en de wereldeconomie de stuipen op het lijf jaagt. De Brexit heeft de Britse samenleving inmiddels diep verdeeld en hun economie geïsoleerd en een slag toegebracht. En elders in Europa rammelen Marine le Pen en Alternative für Deutschland aan de poort met een boodschap van splijten, van discrimineren. Dat laten we ons hier niet gebeuren. Dat tij kunnen we keren.

Ik wil de samenleving bij elkaar brengen. Tegenstellingen overbruggen. Tussen mensen. Tussen partijen. Soms vanuit verschillende wereldbeelden, maar altijd met wederzijds respect. Als wij bijvoorbeeld, vrijzinnig als we zijn, iets willen regelen voor mensen die meer zeggenschap willen over het einde van het leven, staan we extreem ver bij christelijke partijen vandaan. Die willen dat niet meemaken. En dat snap ik. Wij zullen niemand dogmatisch dwingen. Maar dat verwacht ik dan ook van anderen. Laten we elkaar de ruimte geven.

Ik wil de samenleving bij elkaar houden. In een tijd van globalisering, waarin mensen het gevoel hebben de grip kwijt te raken, wil ik oog blijven houden voor het individu. Het beklemmende groepsdenken van de verzuiling hebben we ingeruild voor een grote mate van persoonlijke vrijheid.

Maar omwille van de samenleving is die vrijheid niet onbegrensd. En binnen die grenzen mag er veel, maar hoeft niet alles. Waarom zouden we in de samenleving accepteren wat we thuis ook niet tolereren? Het blijft zoeken naar een evenwicht tussen vrijheid en verantwoordelijkheid. Maar is het niet juist die zoektocht die een open samenleving zo interessant, zo spannend maakt?

Ik wil de samenleving bij elkaar houden. Nederland verenigen en vooruitbrengen. Waarom zou je als politicus een coalitie willen waarvan je op voorhand weet dat de helft van de mensen zich buitengesloten voelt? Ik ben ervan overtuigd: het laatste waar mensen op zitten te wachten is een kabinet dat óf de ene óf de andere helft van Nederland vertegenwoordigt. Als in Amsterdam een socialistische wethouder prima samenwerkt met een liberaal, waarom zou dat lándelijk dan niet kunnen? Toen ik wethouder was in Leiden en burgemeester in Wageningen werkten we samen in brede coalities vanuit het midden. Dat is nu in veel steden niet anders. Van Groningen via Utrecht tot Maastricht. Wij, landelijke politici, kunnen een voorbeeld nemen aan lokale bestuurders. Laten we ons niet blindstaren op wat niet kan, maar vooral oog hebben voor wat wél kan. Oog hebben voor wat oud-collega Diederik Samsom noemt: “de gruwelijke schoonheid van het compromis”. Ik geef toe, hij en ik konden elkaar af en toe wel achter het behang plakken. Maar met hem deel ik een rotsvast geloof dat het compromis geen stap terug is maar een stap vooruit.

Het gaat erom spannen, Democraten. Maar het is mogelijk. We hebben met elkaar een lange weg afgelegd. 15 maart kunnen we de kroon zetten op tien jaar ledengroei en tien jaar verkiezingswinst. Al jaren zijn wij de grootste progressieve partij. In Europa. In de gemeenten. In de provincies. En in de Eerste Kamer. Met die brede basis hebben we goud in handen. Kunnen we veel mensen aan ons binden. En veel voor mensen betekenen. Dit is ónze tijd. Dit is hét moment.

Mijn ouders hanteerden het motto: Geen schuwe apen’. Ze spoorden ons thuis aan je nek uit te steken. D66’ers, nu ‘t erom spant, vraag ik jullie: wees geen schuwe aap! Want het goede komt niet vanzelf. Dat zagen we in Amerika. Clinton kreeg minder Democraten op de been dan Obama. We zagen het in Groot-Brittannië: als er net zoveel jongeren én werkenden waren gaan stemmen als ouderen, dan was er geen Brexit. Zie hier de paradox van de hedendaagse democratie: wie thuis blijft, bepaalt. Het kan ook anders. De opkomst van vrouwen zorgde er in Oostenrijk voor dat niet de extreemrechtse, maar de progressieve kandidaat won.

Democraten, Wij willen regeren. Wij hebben de ambitie het hart te zijn van het volgende kabinet. Links sluit een verbond tegen rechts. En die donderwolk op rechts hangt weer boven ons hoofd. Wij leveren ons niet uit. Niet aan links. Niet aan rechts. Wij vragen de kiezer: maak ons, maak het midden machtig. Het progressieve midden. Na tien jaar opbouw en constructieve oppositie leg ik de lat hoog. Voor jullie, de partij én voor mezelf. Ik ben er klaar voor. Dank jullie wel.

Lees hier onze afspraken met Nederland. D66 krijgt het voor elkaar.