Blijf op de hoogte

Kies zelf van welke thema's jij op de hoogte blijft en schrijf je in voor een van onze nieuwsbrieven. Je ontvangt dan altijd de laatste updates op basis van jouw interesses. Wil je ook via Whatsapp op de hoogte blijven? Meld je dan direct aan.

Door je e-mailadres in te vullen en op "aanmelden" te klikken geef je ons toestemming om je e-mailadres op te slaan. Dit gebruiken wij om je regelmatig updates te sturen. Hier kun je meer lezen over hoe we omgaan met jouw persoonsgegevens. Hier kun je alle voorkeuren wijzigen.

Steun ons en help Nederland vooruit

Congresspeech Jan Terlouw

Publicaties

Congresspeech Jan Terlouw

U kunt hier de integrale congresspeech Jan Terlouw lezen of beluisteren. Deze speech is gehouden op het 100e partijcongres op 1 november 2014 in Den Bosch. Het gesproken woord geldt.

Nooit had ik gedacht nog te zullen meemaken dat D66 twee verkiezingen achtereen als grootste uit de bus zou komen. We danken het aan het goede werk van Alexander en zijn fractie, aan onze Eerste Kamerfractie, onze Europese vertegenwoordigers, het partijbestuur, en aan de vele geïnspireerde werkers op provinciaal en lokaal niveau. En omdat ik geen enkele functie in de partij bekleed, mag ik er wel voor applaudisseren. Maar waar macht groeit, groeit verantwoordelijkheid.

Het honderdste congres. We hebben ze gehad in alle soorten. In de begintijd de chaotische congressen, met de votometer, waarin we moesten leren hoe je een congres zo inricht dat de leden echt invloed kunnen hebben op het beleid, zonder dat de bijeenkomst in moties van orde, of van wanorde, verzandt. We hebben congressen gehad die sterk partijpolitiek getint waren, waarin het al dan niet samenwerken met andere partijen het centrale thema was. De opheffingscongressen, waarin het minstens éénmaal is voorgekomen dat formele statutaire regels de partij van de ondergang hebben gered. De emotionele congressen, waarin de hartstochten hoog oplaaiden en weer duidelijk werd dat politiek een door en door menselijk vak is. Maar in al die congressen werd gediscussieerd op een respectvolle manier, op basis van argumenten en zonder de afgrijselijke fact free politics waarvan tegenwoordig soms sprake is.

We leven in een periode van transitie, op meerdere gebieden. Ik noem er enkele.

  • De bescherming van de privacy in de digitale wereld. Dat probleem is belangrijk, want de bedreiging van onze privacy is evident.
  • Een economisch systeem dat in zijn huidige verspillende vorm niet houdbaar is. Crisis na crisis, het systeem kraakt.
  • De fysieke toestand van de aarde, het milieuprobleem. Onderzoek toont aan dat de conclusies van de Club van Rome van 1972 voor het overgrote deel juist zijn gebleken. We vragen meer van de aarde dan die kan leveren. En dat heeft alles met politiek te maken.
  • Daarnaast zijn er de toenemende politieke spanningen in de wereld, in het Oosten van Europa, in de Levant, en als een soort continu, soms bijna vergeten proces in Afrika. Het blijft ons er bij bepalen hoe weinig voortgang we boeken als het gaat om de grote ongelijkheid in de wereld, hoe pover het is gesteld met het begrip broederschap.

Duurzaam handelen, wat is dat? Het houdt in dat je de aarde niet slechter achterlaat dan je hem hebt aangetroffen. Dat was lange tijd geen probleem. Generaties lang was een volgende generatie er beter aan toe dan de voorgaande, met meer ontgonnen landbouwgrond, meer en beter voedsel, betere geneesmiddelen, een hogere gemiddelde levensduur en zo veel meer. Dat gaat niet meer op. We hebben de aarde uitgeput. Wereld in transitie. In de eerste congressen van D66 discussieerden we er over of we een beginselprogramma moesten schrijven. Alle gevestigde partijen hadden er een en het werd als nagenoeg onfatsoenlijk gezien als we daar niet aan deden. We waren een onNederlandse partij, zei ARPman Barend Biesheuvel indertijd.

Maar we kwamen tot de conclusie dat we geen beginselprogramma moesten opschrijven, omdat ook beginselen onderwerp van discussie moeten kunnen blijven. Andere tijden vragen andere accenten, ook als het gaat om beginselen. Een liberaal blijft in beweging. Andere accenten, dat is nu aan de hand. Vooral wat betreft duurzaamheid. We zijn sociaal-liberalen, maar we hebben dus niet opgeschreven wat dat precies wel en niet inhoudt. Natuurlijk, we hebben principes, overtuigingen die de afgelopen 48 jaar niet zijn veranderd. We vinden bijvoorbeeld dat burgers en dus ook bedrijven verantwoordelijkheid moeten mogen dragen. En dat de overheid zijn betutteldrift moet intomen. Maar juist als het gaat om de rol van de overheid moet er volgens mij wel degelijk iets veranderen, omdat duurzaam handelen in gevaar is. Daar moet de overheid verantwoordelijkheid nemen, omdat de overheid, de politiek, de enige instantie is die garanties voor toekomstige generaties kan vastleggen en handhaven. Dat kunnen burgers niet. Dat kunnen bedrijven niet. De markt kan beleid uitvoeren, niet maken. De overheid moet verantwoordelijkheid nemen voor de nog ongeborenen, voor een leefbare aarde, voor onze kinderen en kleinkinderen, is er iets belangrijker? De overheid moet meer dan vroeger de toekomst bewaken. Een accentverschuiving in het sociale liberalisme. Dat kan, als je niet werkt met in beton gegoten beginselverklaringen.

De meest acute, mondiale bedreiging is de klimaatverandering, het begint langzaam door te dringen. Ook op dit congres gelukkig weer een belangrijk onderwerp. Onlangs zei Obama in een toespraak: ‘Van alle directe uitdagingen (terrorisme, instabiliteit, ongelijkheid, ziektes) (…) is er één onderwerp dat de contouren van deze eeuw meer dramatisch zal bepalen dan welk ander ook, en dat is de urgente en groeiende dreiging van de klimaatverandering. [“For all the immediate challenges that we gather to address this week — terrorism, instability, inequality, disease — there’s one issue that will define the contours of this century more dramatically than any other, and that is the urgent and growing threat of a changing climate.”]

Vanwege het enorme belang kan ik het niet laten enkele feiten te noemen. De mondiale uitstoot van CO2 stijgt nog steeds, de grens van 400 ppm is overschreden. De uitstoot is nu 44 miljard ton per jaar. De ijskap op de Noordelijke IJszee krimpt sneller dan berekend. De oppervlakte die zonlicht weerkaatst wordt daardoor snel kleiner. Permafrostlagen ontdooien, waarbij o.a. het sterke broeikasgas methaan vrijkomt. Dat zijn niet-lineaire effecten, onvoorspelbaar en bedreigend. China, Rusland, energie-multinationals rekenen er op dat ontdooien van de ijskap een betere toegang gaat bieden tot olie en gas onder de Noordelijke IJszee. Ook dat is een niet-lineaire en bedreigende ontwikkeling. Zo’n 97% van de wetenschappers die zich met het probleem bezighouden, klimatologen, geologen, fysici, achten het hoogst waarschijnlijk dat bij ongewijzigd beleid de temperatuur op aarde deze eeuw met aanzienlijk meer dan 2 graden gaat stijgen. Dat betekent o.a. een stijging van de zeespiegel met meerdere meters, heftiger stormen en regenval, op andere plaatsen grote droogte. Met alle ontwrichtende gevolgen van dien. Dit is geen doemdenken, het zijn wetenschappelijke feiten. Thuis zitten geitenwollen sokken me heerlijk warm, maar naar een congres trek ik ze niet aan.

Toen wetenschappers ontdekten hoe de kindersterfte terug kon worden gedrongen, geloofden we ze. Toen ze de gemiddelde leeftijd die mensen bereiken wisten te verdubbelden, geloofden we ze. Toen ze de weg wezen om na 1945 de welvaart te vervijfvoudigen, geloofden we ze. Maar nu wetenschappers tot de conclusie komen dat we op moeten houden met fossiele brandstoffen te gebruiken, op straffe van, om maar eens wat te noemen, een grote stroom klimaatvluchtelingen, die in Afrika en Oost-Azie al begonnen is, nu ons dat niet zo goed uitkomt, nu geloven we ze gemakshalve maar niet.

Er wordt me soms verweten dat ik sprookjes vertel, maar ik verzeker u dat er veel sprookjes zijn waaraan ik part noch deel heb.

  • Het sprookje dat schaliegas milieuvriendelijk is en dat de VS daar energie-onafhankelijk mee worden. Van de zeven belangrijkste schaliegasgebieden daar zijn er zes structureel op hun retour. En het verbranden van schaliegas produceert CO2.
  • Het sprookje dat de aanplant van bomen opweegt tegen de wereldwijde ontbossing die tegelijkertijd plaatsvindt. Ontbossing draagt voor 10% bij aan de uitstoot van broeikasgassen.
  • Het sprookje dat CO2 in de grond stoppen de oplossing is. De opslagcapaciteit is op het ogenblik duizend maal zo klein als de uitstoot.

Gelukkig doet D66 niet mee aan deze populaire ontkenningsstrategie. Geen fact free politiek. Bij de gedoogconstructies waren de inspanningen van onze Tweede Kamerfractie gericht op verduurzaming van de energiemix.
Maar de ernst van het probleem neemt toe en de noodzakelijke aanpak tekent zich duidelijker af. Verduurzaming hoeft helemaal geen verarming te betekenen. De kosten die de klimaatverandering te weeg gaat brengen zijn veel hoger dan de kosten om dat te voorkomen. Alleen al de ziektekosten door luchtvervuiling in China en India zijn gigantisch. Klimaatbeleid schaadt de economie niet. Integendeel, het schept werkgelegenheid en geeft economische groei, zij het op een andere basis dan nu. Een oerwoud met zijn ontelbare ingewikkelde processen heeft niets anders van buitenaf nodig dan de duurzame energie die de zon dagelijks levert. Zou een menselijke samenleving daar niet mee toe kunnen ? Simpel, zeg ik u nu even als natuurkundige.

De overheid moet duurzame voorwaarden stellen aan het produceren van bedrijven, en dat zeg ik als liberaal. Het is de politiek die kan en moet optreden tegen de enorme kapitaalaccumulaties en de daarmee verbonden belangen. Kapitaalaccumulaties die door de enorme macht die ze vertegenwoordigen ook de democratie bedreigen.

D66 groeit. En waar macht groeit, groeit verantwoordelijkheid. Eigenlijk is het zo simpel. Als de overheid het principe ‘de vervuiler betaalt’ rigoureus zou toepassen, was er al veel gewonnen. Alle kosten die voor een product worden gemaakt, ook toekomstige, horen thuis in de prijs van dat product. Dat principe is simpel. Het is rechtvaardig. Het schept een gelijk speelveld. Ondernemers gruwen van concurreren op een ongelijk speelveld. Op het ogenblik wordt volgens het IEA duurzame energie wereldwijd jaarlijks gesubsidieerd met 101 miljard dollar, fossiele brandstoffen met bijna vijfeneenhalf maal zoveel , 544 miljard dollar. De vervuiler betaalt niet. Nee, dat gaan onze nakomelingen straks doen.

Ik hou niet van luchtfietserij. Net als u weet ik heel goed dat het probleem bij uitstek internationaal is. Maar Nederland bungelt in Europa in de staart van het peloton als het gaat om de transitie naar duurzame energie en er is veel wat we kunnen doen. Bijvoorbeeld:

  • Er zijn in ons land zo’n twee miljoen huurwoningen die beter geïsoleerd kunnen worden tegen warmteverlies. Dat kan in tien jaar gebeuren, met bv rendabele overheidsinvesteringen. Waarom doet het kabinet dat niet? Onbegrijpelijk. Neoliberale verstarring? De overheid kan het geld bijna voor niets op de markt en bij particuliere spaarders lenen. Morgen beginnen.
  • De zon straalt iedere dag een hoeveelheid duurzame energie zelfs op het dikwijls bewolkte Nederland waarvan maar een fractie hoeft te worden benut om in onze energiebehoefte te voorzien. We kunnen een capsule laten landen op een komeet. We kunnen met een laserstaal een oog repareren. Zouden we die energie niet bruikbaar kunnen maken? Simpel. Morgen beginnen met een deltaplan voor zonne-energie.
  • De chemische industrie kan concurrerend blijven en toch een enorme reductie in uitstoot van schadelijke gassen bereiken, dat tonen recente studies aan.
  • Nederland zou met kracht in Europa en in groter internationaal verband maatregelen kunnen bepleiten.

Maar nee: Nederland bungelt in de staart van Europa als het gaat om verduurzaming van de energievoorziening. Viereneenhalf procent duurzame energie. Op Prinsjesdag heeft het kabinet het Deltaplan 2015 aangeboden aan de Tweede Kamer. Daarin wordt voorgesteld om gedurende vele jaren een miljard euro per jaar extra uit te geven voor bescherming van Nederland tegen overstromingen vanuit zee en vanuit de rivieren. Daar ben ik natuurlijk voor. Maar tegelijkertijd is het kabinet geen voorvechter van een bindend klimaatakkoord in de EU. Met andere woorden, we willen wel investeren in onze veiligheid als het gaat om gevolgen van klimaatverandering, maar preventie van klimaatverandering, dat knappen andere landen maar op. Ik vind dat beschamend. Green peace Diederik Samsom, waar ben je gebleven? Het kabinet zegt duurzaam, denkt erbij: na mijn tijd, en handelt in spiegeltjes en kraaltjes. Er worden doelen gesteld voor 2020 en die datum wordt dan weer opgeschoven. Ook een activiteit, kun je zeggen. Vorige week in Brussel weer een klimaatakkoord met ontsnappingsclausules. Windmolens op zee? Per molen in Polen meer kolen.

Wereld in transitie. We moeten onherroepelijk naar een ander type economie.

  • Een circulaire economie, cradle to cradle.
  • Een economie (en de erbij horende politiek) die misschien niet meer zal kunnen zijn gebaseerd op volledige werkgelegenheid, maar wel zo is ingericht dat iedereen er een zinvolle plaats in kan vinden.
  • Een economie zonder de krankzinnige kapitaalaccumulaties in de handen van weinigen, die dan ook nog eens een vruchtbaar klimaatbeleid tegenhouden, de democratie bedreigen en bijvoorbeeld het cultuurbeleid ontwrichten, door prijzen van kunstwerken op te drijven waar nationale musea door uit de markt worden verdrongen.

De Nobelprijs voor economie gaat dit jaar naar Jean Tirole, voor zijn werk op het gebied van marktregulering. Waarvan acte.

Voor een andere economie is visie nodig, en moed, en een ondogmatische benadering, allemaal dingen die ik in honderd congressen in D66 heb gezien. We hebben in de jaren zestig en zeventig gepleit voor inspraak en medezeggenschap, voor openheid, voor het serieus nemen van de burgers, en van lieverlee hebben we andere partijen daarin meegekregen. De huidige partijleiding heeft lastige onderwerpen aangepakt, zoals de AOW-leeftijd en de hypotheekrente aftrek. Daar was politieke moed voor nodig. Het voortouw nemen is een onvervreemdbaar kenmerk van onze partij. Dat kan en zal ook nu gebeuren als D66, zoals ik vertrouw, in deze nieuwe wereld in deze nieuwe tijd met nieuwe politieke concepten zal komen. In onze toekomstige programma’s. In onze oppositie tegen het huidige kabinet. Bij de statenverkiezingen volgend jaar. Bij een eventuele kabinetsformatie als het kabinet na de Statenverkiezingen wellicht valt.

Er is veel wat burgers kunnen doen. Er is veel wat bedrijven kunnen doen. Maar we zijn een politieke partij en dus spreek ik vooral de politiek aan: besef dat de politiek, de overheid, de dingen moet durven doen, de eisen moet stellen, de voorwaarden moet scheppen die voor onze kinderen en kleinkinderen de aarde een kansrijke plek maken. Toekomstbewaking.

Honderd congressen. Wat heb ik er een geestverwantschap gevoeld. Wat een creativiteit om problemen te benoemen en wat een moed om ze aan te pakken. Nieuwe wegen. Op naar de volgende honderd.

Terug naar de Congres 100 pagina

Gepubliceerd op 07-11-2014 - Laatst gewijzigd op 11-11-2014