Blijf op de hoogte!

Steun ons en help Nederland vooruit

dinsdag 13 juni 2017

Inbreng Alexander Pechtold bij debat over het tussenverslag van informateur Tjeenk Willink

Vandaag debatteert de Tweede Kamer over het tussenverslag van informateur Herman Tjeenk Willink. Lees hier de bijdrage van fractievoorzitter Alexander Pechtold.

De tweede poging om te komen tot een kabinet van VVD, CDA, D66 en Groen Links is mislukt. Dat is uitermate teleurstellend. Voor mij. En voor mijn fractie, die hier één missie had: deze formatiepoging te laten slagen. We hebben er, veel energie in gestoken. Net als mijn collega’s. Drie maanden lang.

Onder leiding van de informateur, die op zijn eigen, formidabele wijze te werk ging. Daarvoor ben ik hem erkentelijk. De sfeer aan tafel was niet áltijd goed. Dat zou ook een veeg teken zijn geweest. Zonder wrijving komt er geen glans. Of het ontbrak aan politieke wil, kan en wil ik niet geloven. Dat we het land opnieuw een staaltje van politieke onmacht hebben laten zien, is voor de politiek al beschamend genoeg.

Een oplossing voor het ‘breukpunt’ op migratie bij de eerste formatiepoging met GroenLinks kwam er uiteindelijk niet. Terwijl het zicht daarop steeds aanwezig was. ‘Ongelofelijk jammer’, zei de informateur. En zo is het. Ook, omdat we de kans laten liggen het Parijsakkoord ambitieus uit te voeren, sociale ongelijkheid te verkleinen, en op het Europese toneel een voortrekkersrol te vervullen.

Dit was de kans in Nederland voor het politieke midden te laten zien dat het wél lukt. In navolging van Macron. Een kans om op Europees niveau tegenwicht te bieden aan de instabiliteit in een wereld, die verder reikt dan de Brexit in het Verenigd Koninkrijk. Dat alles kwam niet meer aan bod. Er was wél zicht op.

Het ging om een herstelbare breuk.  En het was de informateur die al bij de start van zijn werkzaamheden daarvoor zíjn eigen piketpalen sloeg. Hij zou nooit meewerken aan politieke afspraken, die op gespannen voet staan met onze rechtsorde, met internationale verdragen, met het Vluchtelingenverdrag. Dat is dus ook geen moment aan de orde geweest. Alles gebeurde binnen het rechtsstatelijke, binnen de grenzen van het recht, nationaal en internationaal!

Uiteindelijk komt dan de vraag: aan welke kant van het risico ga je staan? In een situatie dat de toekomst niet zó maakbaar is als je zou willen. Daarom is gezocht naar maximale garanties. En die lagen er. Voorzover mogelijk als je één van de 27 bent. Waterdichte garanties voor een onzekere toekomst zijn niet te geven. Die bestaan niet.

Hoe cynisch, hoe wrang is het eigenlijk. Als je bedenkt dat vluchtelingen voor grof geld door mensensmokkelaars de zee op worden gestuurd. In bootjes, die alles behalve waterdicht zijn. Die blijven bestaan als je niet bij machte bent bestuurlijke verantwoordelijkheid  te nemen.

Heeft mijn fractie geleerd van de Turkije-afspraak? Ja, dat hebben we. Internationale verdragen,  juridische waarborgen zijn pas wat waard als je ze toepast. Een rechterlijke toets op de Turkije-afspraak is er nog niet. Die wachten we af.

Maar één ding is zeker. Wat in de eindfase op tafel lag, is beter dan de Turkije-afspraak. Bij een mogelijke, toekomstige Europese afspraak over vluchtelingenopvang, zullen opgedane ervaring en rechterlijke oordelen leidend zijn. Ook die garantie lag er. Tot het onmogelijke is niemand gehouden. Tot het onredelijke heb ik me niet laten verleiden.

Ik weiger te geloven dat het onmogelijk zou zijn een stabiel kabinet te vormen. Met een ruime meerderheid in het parlement. Vanuit het politieke midden. Het politieke midden dat progressief en conservatief verbindt. Dat in staat is antwoord te geven op de grote vraagstukken van deze tijd. Nationaal en internationaal.