Blijf op de hoogte!

Steun ons en help Nederland vooruit

woensdag 1 november 2017

Inbreng Alexander Pechtold bij het debat over de regeringsverklaring

Vandaag debatteert de Tweede Kamer over de regeringsverklaring. Lees hier de inbreng van fractievoorzitter Alexander Pechtold terug.

D66 kiest voor samenwerking. We doen dat met overtuiging, met vertrouwen en met trots. We doen het om Nederland vooruit te brengen. Wij kunnen en willen niet aan de zijlijn staan op dit belangrijke moment voor ons land, voor Europa, voor de wereld. Klimaatverandering bedreigt ons voortbestaan. Kansenongelijkheid voedt het wantrouwen tussen bevolkingsgroepen. Geloof in de politiek, vooruitgang, wetenschap, de rechtstaat, en internationale samenwerking staan onder ongekende druk. Populisme en nationalisme vinden telkens nieuwe zondebokken voor problemen, maar bieden mensen geen oplossingen.

De tijd voor oplossingen, voor nieuwe perspectieven, ik durf zelfs te zeggen voor visies, is nú. Mijn partij kiest er juist nú voor verantwoordelijkheid te nemen. Het regeerakkoord is het resultaat  van een soms complex maar altijd zorgvuldig proces. Een proces van het vinden van gemeenschappelijke grond. En natuurlijk ook een proces van het overbruggen van soms forse tegenstellingen. Zo’n proces gaat niet zonder goede samenwerking.

De samenwerking met de collega’s van ChristenUnie, CDA en VVD is gebaseerd op goede wil. Op respect voor elkaars diepgewortelde overtuigingen. Boven alles is onze samenwerking gebaseerd op een overtuiging die ons verbindt. Dat is het besef dat wij secuur met het vertrouwen van onze kiezers om moeten gaan. Dat zij van ons antwoorden verwachten op de uitdagingen waar wij voor staan. Zonder dat gedeelde besef kom je er nooit uit.

Voorzitter, D66 voerde afgelopen jaar campagne voor kansen voor iedereen. Onderwijs als motor van persoonlijke en economische ontwikkeling. Onderwijs als zuurstof voor onze democratie, die afhankelijk is van goed geïnformeerde, geïnteresseerde en mondige deelnemers. Radicale verduurzaming als morele plicht maar ook als economische buitenkans. Steeds diepere Europese integratie als vredesproject maar ook als harde noodzaak in een veranderende wereld. Niets van dit alles komt tot stand zonder samenwerking. Dat is niet makkelijk. Niet altijd comfortabel. Maar wel nodig. En dat werd dit jaar overal in Nederland gehoord.

D66 werd voor het eerst de grootste progressieve partij. 19 zetels. Anderhalf miljoen stemmen. Een solide mandaat voor deelname aan een inclusief, ambitieus en vooruitstrevend kabinet. De ochtend na de verkiezingen begon de formatiedans. En in de Nederlandse traditie ontstond al snel verontwaardiging. Journalisten, duiders, teleurgestelde politici —allen waren vaak onomwonden kritisch. Het duurde zo lang. Het land werd zo in spanning gehouden. De Kamer werd zo gebrekkig geïnformeerd. Mensen moesten het doen met de ontwijkende taal van snelwandelende onderhandelaars. Alleen af en toe liet één van ons een straaltje licht vallen op het akkoord in aanbouw. Soms per ongeluk. Soms niet.

Ook ik ben kritisch op dit aspect van het proces. Het was op initiatief van mijn partij dat de Kamer zelf de regie bij het proces van regeringsvorming in handen nam. Dit was pas de tweede keer. Een belangrijk moment. De Kamer moest zichzelf weer bewijzen. Nu met een moeilijker opdracht dan vijf jaar geleden.

Heel even was ik bang voor een terugval nadat GroenLinks wegliep van de onderhandelingstafel. De weg vooruit was niet direct duidelijk. De aanblik van gesloten gordijnen en de geur van dampende sigaren leken weer even de kop op te steken. Maar de Kamer hield de rug recht. Daarmee is niet gezegd dat het nieuwe proces al perfect is. De laatste kinderziekten zijn er nog niet helemaal uit. Bij deze formatie hield de ene informateur er een ander regime op na dan de ander. Dat mag ook.

In alle drie gevallen gebeurde er niet veel in totale openheid. Binnen de grenzen van ons parlementaire stelsel blijft dat ook begrijpelijk en verdedigbaar. Formatiebesprekingen vlotten nu eenmaal slecht voor de lichtbak van de camera’s.

Maar, wat mijn fractie betreft, zouden de grenzen wel íets opgerekt mogen worden. Mensen moeten meer inzicht  krijgen in de hoofdlijnen van de agenda. Tegelijkertijd moeten we blijven waken  voor nep-transparantie. Niemand heeft iets aan de lege huls van nietszeggend commentaar of tactische schijnbewegingen. Waar het om gaat is niet alleen dat er verantwoording wordt afgelegd maar ook dat mensen de kans hebben stapsgewijs mee te gaan in het proces.

Voorzitter, ik moet toegeven dat ik ook niet had verwacht dat deze formatie zó lang zou duren. Voor mijn fractie was de eerste wens een coalitie met GroenLinks. Na honderd dagen klapten de onderhandelingen voor de tweede én laatste keer. GroenLinks wilde de handen vrij hebben voor een eigen bouwwerk. Een “beweging”.

Wat volgde was een druppelende miezerbui van afwijzingen. De PvdA volhardde in de wens de wonden te blijven likken langs de zijlijn. De Socialistische Partij beantwoordde de uitnodiging aan tafel te komen met een vertrouwd “njet”. De vijfpartijen variant stuitte op onneembare blokkades. Er bleef nog één mogelijke coalitie over. Een onorthodoxe samenstelling. Alle vier wilden wij tempo maken, maar geen haastwerk leveren. Alle vier zeiden we ‘nee’ tegen een proces van klakkeloos kwartetten.

Alle vier probeerden wij elkaar te vinden in het diepst van onze overtuigingen. Alle vier wilden we de kiezer een nieuwe gang naar de stembus besparen. Maar de duivel houdt zich schuil in de details. Daar waren we van doordrongen. Daarom leek de laatste fase op het opruimen van de zolder van oma. Allemaal wilden wij alles nog één keer zien. Nog één keer alles door onze handen laten gaan. Nog één keer omkijken voordat we een laatste keer de deur achter ons dicht deden. Voorzitter, u zal binnenkort weer een evaluatie uitvoeren van het formatieproces. Ik loop op de zaken vooruit, maar ik ben niet ontevreden.

Voorzitter, Mensen verwachten dat we in Den Haag samen tot oplossingen komen. Of het nu gaat over het proces of over de inhoud. We moeten samen begrijpelijk maken wat we doen. Elkaar scherp houden. Daarbij is het van groot belang dat we bij de feiten blijven. Feit is dat D66 met dit akkoord de kernafspraken nakomt die wij in de campagne met Nederland maakten:

  • Onderwijs wordt persoonlijker: De juf, de meester en de docent hebben meer tijd in de klas.
  • Werken gaat écht lonen: Iedereen die dag in dag uit naar zijn of haar werk gaat, betaalt minder belasting.
  • We investeren meer in onze gezondheidszorg: er komen extra handen om onze vaders, moeders, opa’s en oma’s te verzorgen.
  • We maken werk van integratie: Vluchtelingen mogen eindelijk écht meedoen vanaf dag één.
  • En we ondernemen onmiddellijke actie tegen klimaatverandering: Wij kunnen onze kinderen recht in de ogen kijken.

Ik voel niet de behoefte nu in detail iedere regel van het regeerakkoord te ontleden. Maar nu we met de feiten bezig zijn, dan toch een kleine greep. Feit is dat Nederland een baken blijft van Europese ambitie. Deze coalitie weet dat de Europese Unie zoals die nu bestaat, geen uitkomst is maar een tussenstand. Wij onderhouden haar, brengen haar verder. Wij omarmen voortdurende verandering als voorwaarde voor het aanpakken van de grote uitdagingen van deze tijd. Of het nu gaat om klimaat, energie, migratie, terrorisme, defensie of belastingontduiking.

Feit is ook dat door ambitieuze hervormingen een vaste baan, een koophuis, en een beter pensioen weer bereikbaar worden.  Feit is dat ons rijke kunst- en cultuurerfgoed toegankelijker wordt voor iedereen. Feit is dat we meer investeren in ontwikkelingshulp, zoals een rijk en beschaafd land als het onze hoort te doen.

Feit is dat we op medisch-ethische thema’s niet stilstaan. Feit is dat we het Regenboog Stembusakkoord helemaal uitvoeren. Feit is dat partners niet twee dagen maar zes weken verlof krijgen bij de geboorte van hun kind. Feit is dat Nederland als eerste in Europa serieuze experimenten gaat uitvoeren met het reguleren van wietteelt.

Voorzitter, Het zal u niet zijn ontgaan dat ik en mijn wat saaie schoenen ontbraken op het bordes. Met overtuiging kies ik ervoor mijn stappers nog wat langer onder de kamerbanken te steken. Mijn zolen toch vooral te verslijten met loopjes naar de interruptie microfoon.

Mijn eerste en voornaamste politieke liefde is het debat. De woordenstrijd. Het georganiseerde meningsverschil. In dit huis ben ik thuis. Dat geldt ook voor coalitie-collega’s Segers en Buma. Samen zijn we nu de drie musketiers van de coalitie. En ja, collega Dijkhoff, u mag d’Artagnan zijn. Onze vierde musketier. Gefeliciteerd met uw benoeming tot fractievoorzitter.

Mijn fractie heeft vertrouwen in deze coalitie, maar we staan niet op de drempel van een fusie. Om een frase te stelen die Abraham Lincoln gebruikte voor zijn ministersploeg: wij zijn een team van rivalen. Rivaliteit is natuurlijk niet mijn drijfveer. Dat is het waarborgen van de geloofwaardigheid van onze parlementaire democratie. De ideologische verschillen binnen dit kabinet blijven zichtbaar in de Kamer. Want voorzitter, u moet maar zo denken: Wie vuile was buiten hangt, houdt het binnen fris.

Voorzitter, D66 heeft niet alles voor elkaar gekregen. Sommige maatregelen stuitten bij voorbaat op onbegrip. Werd ik vrolijk van het beeld dat ontstond rond het Wilhelmus? Mwah. Had ik erop gerekend dat het grootste bezwaar van de oppositie zou liggen bij de BTW? Nee. Maar ook voor die punten sta ik.

Wij mogen in de context van onze complexe geschiedenis best iets weten over een opstandslied uit de Tachtigjarige Oorlog. En het is niet vreemd dat we een keuze maken voor een lastenverschuiving van arbeid naar consumptie. Eerlijk én groen.

Voorzitter, Ik sta voor dit akkoord. Ik ben er zelfs trots op. Wat gebeurt er in de komende vier jaar? Wat gebeurt er dit jaar? Ik begrijp dat niet alles wat de coalitie heeft bedacht in één keer werkelijkheid wordt. Maar we moeten nú onomkeerbare stappen zetten. Bij de volgende Algemene Politieke Beschouwingen wil ik weten:

  • Hoeveel scholen hebben de werkdruk voor leraren daadwerkelijk verlaagd?
  • Wanneer is de eerste kolencentrale gesloten?
  • Hoe zit Nederland precies in het wiel van Merkel en Macron?
  • Ligt er een sociaal akkoord om een vaste baan weer beter bereikbaar te maken?
  • Heeft het defensiepersoneel weer meer vertrouwen in de eigen organisatie?
  • Is cyber security nu écht een prioriteit?
  • Hoe verliep het eerste experiment met veilige wietteelt?
  • Welke vorderingen maken we met natuurbescherming?

Want ik zie wel geld, maar ik wil vooral plannen zien. Er is zoveel ambitie dat mijn vraag aan de minister-president vandaag zou zijn: Hoe brengt het kabinet het regeerakkoord van papier naar praktijk? Wanneer komen de concrete voorstellen?

Bij de aankomende begrotingsbesprekingen ziet mijn fractie uit naar heldere overzichten per bewindspersoon. Zodat we daarna precies kunnen volgen hoe onze ambities worden vertaald naar acties. Ik vraag hier om een toezegging, maar met deze bewindspersonen moet dat lukken! Mijn partij had voor iedere portefeuille wel iemand op het oog, maar ik zie nu op iedere post mensen die ik vertrouw.

Voorzitter, Wat mag het kabinet vervolgens van mijn fractie verwachten? Steun waar mogelijk; constructieve kritiek waar nodig. Daar staat tegenover mijn grotere verwachting van het kabinet. Het kabinet behoeft een progressief perspectief. Dat wil zeggen: een houding waarmee we open vooruit kunnen denken. Een mentaliteit waarmee we kunnen inspelen op wat er gebeurt in de wereld om ons heen. Want dat de wereld ook de komende vier jaar niet stil zal staan, is misschien wel de enige voorspelling die we in deze Kamer gezamenlijk durven doen.

Voorzitter, Wat verwachten we van de oppositie de komende vier jaar? Ik hoop: feitelijke kritiek en oplossingsgerichtheid. D66 heeft vele partijen uitgenodigd voor samenwerking. Dat blijven we doen. Dit is wat mij betreft geen coalitie van 76 tegen 74. Natuurlijk, we hebben te maken met getuigenispartijen die nooit meedoen. Maar voor de strijd tegen de wegwerppolitiek zijn álle partijen uitgenodigd. Iedereen in deze Kamer moet zo goed mogelijk een bijdrage kunnen leveren. Daarom vraag ik alle partijen, rechts of links, progressief of conservatief, christelijk of seculier: Denk mee. Doe mee. Bouw mee.

Voorzitter, Het regeerakkoord is doorwrocht en gedetailleerd. Dat is de nuchtere politieke realiteit. Maar nu staat het. Met ruime ambitie voor vier jaar hard werk. Uit dit akkoord blijkt de politieke wil van het midden. De Europese geschiedenis leert ons dat waar extremen tegenover elkaar komen te staan en het politieke midden verdeeld raakt, de democratie zelf onder druk komt te staan. Als democraat is het daarom voor mij grote winst dat dit akkoord er is gekomen. En nu: aan het werk.