Volg jouw D66-thema

Schrijf je in voor onze nieuwsbrieven en ontvang de laatste updates op basis van jouw interesses.

Door je e-mailadres in te vullen en op "aanmelden" te klikken geef je ons toestemming om je e-mailadres op te slaan. Dit gebruiken wij om je regelmatig updates te sturen. Hier kun je meer lezen over hoe we omgaan met jouw persoonsgegevens. Hier kun je alle voorkeuren wijzigen.

Steun ons en help Nederland vooruit

Actueel

Lees hier alle actualiteiten rondom de Familie van nu.

Initiatiefwetsvoorstel koppeling erkenning & gezag

Mei/juni 2016

De Tweede Kamerfractie van D66 is druk bezig met uitvoering van het punt uit de resolutie “Familie van Nu” over het koppelen van erkenning en gezag voor ongehuwde partners. Het voornemen is om dit jaar hierover een initiatiefwetsvoorstel in te dienen. Op 17 mei 2016 was Tweede Kamerlid Vera Bergkamp in het NOS ochtendjournaal te zien waarin zij het initiatiefwetsvoorstel toelichtte.

In het Nederlands familierecht bestaat een verschil tussen erkenning van een kind en gezag over het kind. Wanneer gehuwde ouders of ouders met een geregistreerd partnerschap een kind krijgen, zijn zij automatisch juridisch ouder van het kind (het ‘erkennen’). Daarbij wordt ook van rechtswege het gezag aan hen toegekend. Bij ongehuwde ouders moet na de gezamenlijke erkenning bij de burgerlijke stand nog een apart verzoek bij de rechtbank worden ingediend om voor de ongehuwde partner van de geboortemoeder het gezag aan te vragen.

De wetgever maakt hiermee dus een onderscheid tussen gehuwde/geregistreerde partners en ongehuwde partners en gaat er wat D66 betreft onterecht vanuit dat de ongehuwde partner niet vanzelfsprekend het gezag zal uitoefenen. Het recht zou volgens D66 immers uit moeten gaan van de regel in plaats van de uitzondering: namelijk dat ook ongehuwde vaders die een kind krijgen, hierover het gezag willen en zullen uitoefenen. Zeker aangezien sinds 2012 meer dan de helft van de eerstgeboren kinderen buiten het huwelijk wordt geboren. Ook het aantal koppels dat ongehuwd samenleeft neemt toe. Mensen volgen simpelweg niet meer vanzelfsprekend de traditionele volgorde van eerst trouwen, dan kinderen. De scheiding tussen gehuwde/geregistreerde en ongehuwde ouders vindt D66 daarom niet meer van deze tijd.

Naast dit principiële onderscheid tussen gehuwde/geregistreerde partners en ongehuwde partners door de wetgever kan de scheiding van erkenning en gezag voor ongehuwde partners nadelige gevolgen hebben. Vaak weten ongehuwde partners niet dat zij het gezag apart aan moeten vragen en laten dit uit onwetendheid na. Dit kan problemen opleveren wanneer bijvoorbeeld de juridisch ouder (de geboortemoeder) overlijdt en haar partner geen juridisch gezag over zijn of haar kind heeft. Daarnaast bestaat na een relatiebreuk de kans dat de ongehuwde partner het gezag niet alsnog krijgt, omdat hier toestemming van de geboortemoeder voor nodig is. De partner heeft dan zelf niet de juridische gronden om dit te regelen. Zeker in vechtscheidingen kan dit tot vervelende situaties leiden waarbij de partner een minder sterke positie heeft ten opzichte van de moeder. Onder andere in gevallen van kinderontvoering heeft de ouder zonder gezag geen juridische grond om contact met het kind te krijgen.

D66 dient daarom een initiatiefwetsvoorstel in om erkenning en gezag ook voor ongehuwde ouders aan elkaar te koppelen. Wanneer een vader of duomoeder het kind erkent bij de burgerlijke stand, verkrijgt hij of zij tevens automatisch het gezag over het kind en daarmee alle rechten en plichten jegens het kind, die ook automatisch bij gehuwde en geregistreerde koppels toegewezen worden. Om meer informatie over het onderwerp en draagvlak voor de aangedragen oplossing te vinden, heeft D66 een steekproef laten houden onder de leden van de Vereniging van Familierecht Advocaten en Scheidingsmediators. Hieruit blijkt dat 91% van de ondervraagden regelmatig tot vaak problemen in de beroepspraktijk voorbij ziet komen door de huidige regeling rondom erkenning en gezag voor ongehuwden. 72% van de respondenten vindt dat de huidige regelgeving moet wijzigen. 68% van de respondenten vindt dat ook ongehuwde vaders en duomoeders van rechtswege het gezag zouden moeten krijgen. Ook is het niet aanvragen van gezag volgens 66% van de respondenten nooit een bewuste keuze, maar kan dit gevolg zijn van onwetendheid. Met mogelijk vergaande juridische gevolgen.

Vertraging Staatscommissie Herijking ouderschap

1 mei 2016

In april 2014 heeft de ministerraad, op voorstel van de toenmalig staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, besloten de Staatscommissie Herijking ouderschap in te stellen. De Staatscommissie buigt zich over vraagstukken rond afstamming, het meerouderschap, meeroudergezag en het draagmoederschap. Concreet heeft de Staatscommissie tot taak de regering te adviseren over de wenselijkheid van de wijziging van het Burgerlijk Wetboek en aanverwante wetten met het oog op de hiervoor genoemde onderwerpen. D66 is positief over de instelling van de Staatscommissie. In deze bijdrage is de input van D66 over het meerouderschap- en gezag, geschreven vanuit het oogpunt van de ‘Familie van Nu’, aan de Staatscommissie te lezen.

In eerste instantie zou de Staatscommissie voor 1 mei 2016 rapport uitbrengen over de bevindingen. Door middel van een brief op 4 april 2016 heeft de Minister van Veiligheid en Justitie laten weten dat ondanks dat de werkzaamheden voorspoedig verlopen, de datum van 1 mei 2016 niet haalbaar blijkt. Het mandaat voor de staatscommissie is daarom verlengd tot en met 31 december 2016. De verwachting is dat het rapport van de staatscommissie in de tweede helft van 2016 al zal worden aangeboden en openbaar wordt gemaakt. D66 kijkt uit naar de bevindingen van de commissie.

Motie over omgangsregelingen door ouders

25 april 2016

Op 25 april 2016 vond in de Tweede Kamer een notaoverleg plaats over een door het CDA geschreven initiatiefnota: “Opgroeien met opa en oma. Omgang in het belang van het kleinkind en grootouders”. Tijdens dit notaoverleg vroeg D66 specifiek aandacht voor het niet nakomen van omgangsregelingen door ouders. Door de rechter opgestelde omgangsregelingen tussen ouders worden vaak niet nagekomen en er zijn geen sancties aan verbonden. In eerste instantie diende D66 samen met de SP tijdens het overleg een motie in waarin de partijen de regering opriepen het niet nakomen van omgangsregelingen door ouders in de praktijk te onderzoeken en de Kamer hierover voor het eind van 2016 te informeren. De Minister gaf aan dat momenteel het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatiecentrum een analyse opstelt naar aanleiding van lopende onderzoeken naar (echt)scheidingen en dit onderwerp tevens bij betrokken wordt. Tot de uitkomsten van de WODC houden de indieners daarom de motie aan, om vervolgens te bepalen of voldoende tegemoet is gekomen aan de oproep om meer onderzoek te doen naar het niet nakomen van omgangsregelingen door ouders. Is dit niet het geval, dan zal deze motie naar verwachting eind 2016 alsnog in stemming worden gebracht.

Aangenomen motie leefvormvoorlichting

14 april 2016

Op 14 april 2016 werd het initiatiefwetsvoorstel van de partijen D66, VVD en PvdA om de algehele gemeenschap van goederen te beperken, behandeld in de Tweede Kamer. Naast het heugelijke feit dat het initiatiefwetsvoorstel door de Tweede Kamer is aangenomen en voor behandeling naar de Eerste Kamer zal gaan, vroeg de Tweede Kamerfractie van D66 aandacht voor het belang van neutrale leefvormvoorlichting. Mensen zijn vaak onvoldoende op de hoogte van de juridische bijkomstigheden en gevolgen die het kiezen voor een bepaalde leefvorm met zich meebrengen, zoals het sluiten van een huwelijk, samenwonen en scheiden. Vaak komt dit voort uit onwetendheid en maken mensen niet de keuze om hun relatie juridisch te beschermen. Dit kan vervelende gevolgen in de toekomst hebben. Zeker als er kinderen in het spel zijn, is het belangrijk om te bezien hoe de voorlichting over juridische bescherming van een leefvorm verbeterd kan worden.

Om dit te bereiken heeft D66 samen met de Tweede Kamerfractie van de VVD en de PvdA een motie ingediend, waarin de partijen de regering oproepen om, in samenspraak met de beroepsgroepen uit de rechtspraktijk en het notariaat, een geïntegreerde aanpak te ontwikkelen voor neutrale leefvormvoorlichting. Tevens vroegen de partijen de regering om de Kamer hierover voor het eind van 2016 te informeren, Deze motie werd, naast het initiatiefwetsvoorstel, aangenomen.

Borging van de volwaardige scheiding: tegengaan huwelijksdwang

7 april 2016

De borging van de volwaardige scheiding is één van de onderwerpen dat onderdeel is van de resolutie “Familie van Nu”. Alle Nederlanders hebben recht op de ontbinding van het huwelijk. In 1971 is het schuldbeginsel afgeschaft; partners hoeven geen oorzaak meer te geven voor een scheiding. In de praktijk is dit recht niet voor iedereen toegankelijk. In sommige gemeenschappen worden vrouwen onder druk gezet om niet te scheiden; zij blijven onder dwang getrouwd.

Er is weinig bekend over de omvang van het probleem rondom huwelijksdwang in Nederland. D66 vindt het recht op een volwaardige scheiding fundamenteel voor de vrijheid van je leefvormkeuze. Helaas is het lastig om vrouwen in huwelijksdwang en huwelijkse gevangenschap te bereiken met voorlichting en hulpverlening.

Tijdens een algemeen overleg over huwelijksdwang en achterlating op 7 april 2016, heeft D66 daarom de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid gevraagd naar de effectiviteit van interventies die gericht zijn op het tegengaan van huwelijksdwang en huwelijkse gevangenschap. De vraag is of er niet meer onderzoek nodig is om te bezien of en welke interventies werkelijk effectief zijn. Ook de culturele context en de specifieke gevolgen voor kinderen waren hierbij een punt van aandacht, net als de gevolgen van de huidige vluchtelingeninstroom. De Minister erkende dat de kennis over effectieve interventies nog beperkt is. In het overleg deed hij een toezegging aan de Kamer om het Kenniscentrum Integratie en Samenleving (KIS) te vragen de effectiviteit van interventies te onderzoeken. In de voortgangsrapportage zal de Minister hierop terugkomen.

Daarnaast vroeg D66 de Minister op welke manier het onderwijs een rol heeft in het bespreekbaar maken van onderwerpen rondom huwelijksdwang, en daarmee tevens seksuele vrijheid en diversiteit. De Minister onderschreef het belang van het onderwijs hierin. Vanuit het oogpunt van integratie helpt het als het normaal is om over vrijheid en seksuele vrijheid en diversiteit te kunnen praten. D66 heeft de Minister verzocht op het element onderwijs in de voortgangsrapportage over integratie terug te komen. Deze zal naar verwachting later dit jaar naar de Kamer gestuurd worden.

Ten slotte vroeg D66 naar de strafrechtelijke aanpak rondom huwelijksdwang en eergerelateerd geweld. Hoeveel van dit soort zaken komen nu eigenlijk voor de rechter en volgen er ook veroordelingen? Op verzoek van D66 zal de Minister van Veiligheid en Justitie binnen drie weken de Kamer hierover schriftelijk informeren.

Meer inzicht in (echt)scheidingen en contactverlies kind en uitwonende ouder na een scheiding

27 januari 2016

Na een scheiding kan het contact tussen kinderen en hun ouders, met name de uitwonende ouder, veranderen. Over de mogelijke negatieve gevolgen hiervan is echter nog maar weinig bekend. D66 heeft daarom tijdens een algemeen overleg over familierechtelijke onderwerpen op 27 januari 2016 de Minister van Veiligheid en Justitie gevraagd onderzoek te doen, om zo tot een concrete aanpak rondom vechtscheidingen te komen, met name gericht op het contactverlies tussen kinderen en hun uitwonende ouder na een scheiding.

Samen met de SP heeft D66 hiervoor in eerste instantie een motie opgesteld, maar tijdens het algemeen overleg deed de Minister een aantal toezeggingen wat betreft onderzoek naar (echt)scheidingen en specifiek het contactverlies tussen kind en de uitwonende ouder. Voor D66 en de SP waren deze toezeggingen vooralsnog afdoende. De Minister gaf hierop in deze brief een overzicht van de momenteel lopende onderzoeken op het gebied van (echt)scheidingen. Daarnaast heeft hij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum verzocht een analyse op te stellen aan de hand van de bevindingen en uitkomsten van deze onderzoeken. Specifiek heeft de Minister het WODC verzocht in te gaan op 1) de gevolgen van verschillende verblijfsarrangementen na scheiding op het welzijn van kinderen en ouders, 2) op verzoek van D66, wat de gevolgen zijn voor kinderen die na een scheiding weinig of geen contact meer hebben met één ouder en de omvang van dit probleem, 3) wat de inzichten van deze onderzoeken opleveren over hoe “vechtscheidingen” en uiteindelijk contactverlies tussen ouder en kind te voorkomen zijn. De verwachting is dat het WODC eind 2016 deze analyse zal afronden. Op basis daarvan beziet de Minister in hoeverre meer onderzoek nodig is, het beleid aanpassing behoeft en stuurt hij het rapport met zijn beleidsreactie naar de Kamer.

D66 is tevreden met deze toezegging en de brief van de Minister. Het wordt tijd dat meer inzicht in de omvang en gevolgen van de problematiek rondom (echt)scheidingen komt, om vervolgens te bepalen of bepaalde beleidswijzigingen hier van toepassingen kunnen of moeten zijn. Met name in het belang van kinderen, die het slachtoffer kunnen worden van een juridische strijd tussen ouders. D66 ziet uit naar de analyse van het WODC, de analyse van de Minister of er meer onderzoek nodig is en zijn beleidsanalyse. Op deze punten zal D66 uiteraard actief met de Minister meedenken.

Interview Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie

December 2015

Interview met Vera Bergkamp in het Notariaat Magazine over de resolutie “Familie van Nu”.

Laatst gewijzigd op 30 mei 2016