Joost Röselaers – Tussen twee werelden

Beeld: Joost Roselaers

Je hoeft niet in de politiek te zitten om je D66-idealen in te zetten voor een betere wereld. In deze aflevering portretteren we Joost Röselaers, remonstrants predikant en scheidend hoofdredacteur van Idee.

03.08.2021
Dit artikel verscheen eerder in ons ledenblad Democraat.
Tekst: Jan Remmert Fröling

Drie jaar geleden werd hij ook al geïnterviewd door Democraat. Predikant, opiniemaker en D66’er Joost Röselaers begon toen als hoofdredacteur van Idee, het politiekwetenschappelijk tijdschrift van de Mr. Hans van Mierlo Stichting. Zelf zei hij daar toen over: “Religie betekent verbinden. Diepgang zoeken. Een vertrouwde plek waar je met elkaar kwetsbaar kan zijn […] Het sociaalliberalisme biedt daar ruimte voor, met haar nadruk op het sociale, menselijke liberalisme. Dat je er als mens niet alleen voor staat en de gemeenschap nodig hebt om tot volledig mens-zijn te komen”.

Seculiere biecht

Als er één ding bepalend is geweest in het leven van Joost Röselaers, dan is het dat hij een groot deel ervan in het buitenland heeft doorgebracht. Hij werd geboren in Genève, waar zijn vader werkte voor de International Labour Organisation (ILO) van de Verenigde Naties. Op zijn elfde verhuisde hij met zijn ouders en zusje naar Dakar, Senegal, waar hij zijn schooltijd doorbracht bij de Franse Jezuïeten. Desondanks ging het gezin naar de enige protestantse kerk die Senegal rijk is. Voor de paters gelukkig geen probleem: “Ik hoefde niet mee te biechten, dus dat scheelde. Ik ben overigens voor een seculiere biecht; het kan heel bevrijdend zijn om met iemand anders te praten over wat je gedaan hebt…”.

Wat hem bijzonder aansprak in de Jezuïeten was hun lange intellectuele traditie, waarin men heel geïnteresseerd is in de gedachten van de ander. In Senegal leerde hij de vader van zijn beste vriend kennen, een theoloog die ook werkzaam was bij de Verenigde Naties. “Hij zag tijdens onze gesprekken dat ik veel met het geloof bezig was. Hij deed mij de suggestie om theologie te gaan studeren. Dat idee heb ik nooit meer losgelaten.” Op zijn zeventiende keerde het gezin terug naar Nederland en na een jaar op de Vrije Hogeschool begon Röselaers aan de studie theologie in Leiden. En hij werd lid van D66.

Het besef van
‘niet weten’

Om predikant te worden, moest de kerkelijke opleiding gevolgd worden. De keuze die hij had, was bepalend voor waar hij nu staat: “In Leiden kon je twee opleidingen doen: de PKN, maar die vond ik wat orthodox, en de Remonstranten. Daar sprak de sfeer me meteen aan. Remonstranten staan heel open en liberaal in het geloof én in het leven, geïnteresseerd in de ander, nieuwsgierig en zonder dogma’s. Dat vind ik het belangrijkst. We geloven vanuit een besef van ‘niet weten’” – een durf tot twijfelen die hij ook bij D66 terugvindt. Dat die twee werelden ook kunnen botsen, ontdekte hij toen hij zich – namens D66 – in 2010 verkiesbaar stelde voor de Provinciale Staten. Hij kreeg te maken met misplaatste loyaliteiten, zoals: dominee, ik heb op u gestemd! “Het was een vrij ongelukkige keuze, vond ik zelf. Ik zou zelf niet meer als gemeentepredikant op een kandidatenlijst staan.”

D66 heeft in sommige kringen een antikerkelijk imago; Röselaers ervaart dat niet zo maar heeft er wel een verklaring voor. “Het begon al bij de oprichting in 1966: Van Mierlo en de zijnen waren tegen de dominantie van christelijke partijen, zowel in de politiek als in de privésfeer. Dat werd al snel een loskomen van de christelijke partijen maar ook van het christendom zelf. Dat zie ik nog steeds wel een beetje. Al is er de afgelopen jaren veel veranderd op dit gebied. Ik heb sterk geijverd voor een positievere blik op religie binnen D66 en heb daar veel gesprekken over gevoerd. Met name Sigrid Kaag en Rob Jetten hebben een antenne voor de betekenis van religie voor velen. Het is opvallend hoeveel kerkleden op D66 hebben gestemd bij de afgelopen verkiezingen.”

Bijzonder wapenfeit

In 2013 toog Röselaers naar Londen om predikant te worden van de Nederlandse Kerk. Bijzonder wapenfeit: in 2016 voltrok hij daar het eerste kerkelijke homohuwelijk in het Verenigd Koninkrijk. “Bij wet was het homohuwelijk daar inmiddels geregeld, maar bij de Anglicaanse kerk kon het niet want die was op dit onderwerp hopeloos verdeeld. Dus opeens was ik de enige kerk in Engeland waar je wél kerkelijk kon trouwen. En het mooie was dat dit huwelijk, doordat er in Engeland geen scheiding van kerk en staat is, meteen ook een burgerlijk huwelijk was!

“Het sociaalliberalisme is een stroming die echt nog in ontwikkeling is. Ik heb het altijd belangrijk gevonden om daar aan bij te dragen”

Overigens: in mijn gemeente Vrijburg is in 1986 het allereerste homohuwelijk ooit gesloten. Het mocht dus bij de remonstranten al vér voordat dit door de Nederlandse Staat – of welke staat dan ook – geregeld was.”

In 2017 keerde hij terug naar ‘zijn’ Vrijburg in Amsterdam. Daarnaast begon hij in 2018 als hoofdredacteur bij Idee. Dat was soms best lastig te combineren, zegt hij. “Het predikantschap roept en vergt veel tijd. Ik vind het belangrijk om me daar volledig op in te zetten. De twee werelden naast elkaar botsen weliswaar nooit echt, maar het schakelen was vaak wel lastig. En beide vragen de nodige aandacht.” Toen de afgelopen maanden twee collega’s van hem in Vrijburg besloten te stoppen, maakte hij een keuze voor het predikantschap.

Grote thema’s

Röselaers zal zijn werk voor het tijdschrift – of zeg maar gerust boekje, het magazine telt tegenwoordig gemiddeld 120 pagina’s – missen. “Je kunt bij Idee grote maatschappelijke thema’s aansnijden en analyseren hoe deze aansluiten bij het sociaalliberalisme. Dat is belangrijk, want dit is een stroming die echt nog in ontwikkeling is, nog geen rijke traditie heeft. Ik heb het altijd belangrijk gevonden om daar aan bij te dragen. Het viel me daarbij op dat er jegens D66 zeer veel goodwill bestaat binnen de universitaire wereld; veel wetenschappers willen graag meewerken aan onze themanummers. Ik merk ook dat onze volksvertegenwoordigers die Idee lezen meer betrokken zijn bij het inhoudelijk debat in de partij. Dat dat nog niet voor allemaal geldt, is natuurlijk wel een gemiste kans. Laat dat mijn wens voor de toekomst zijn: lees allemaal Idee en doe er wat mee!” ■

Afke Groen, wetenschappelijk medewerker bij de Mr. Hans van Mierlo Stichting, volgt Joost Röselaers deze zomer op als hoofdredacteur van Idee.

Amsterdam – ter land, ter zee en in de lucht

Beeld: greenprint.schoonschipamsterdam.org

D66 Amsterdam maakt zich op voor de
gemeenteraadsverkiezingen van 16 maart 2022. Wonen en bouwen is een belangrijk thema in het concept verkiezingsprogramma, dat deze zomer zal worden voorgelegd aan de leden.

03.08.2021
Dit artikel verscheen eerder in ons ledenblad Democraat.
Tekst: Frans Dijkstra

Het beloofde een mooie lentedag te worden, toch verschenen er tientallen gezichten op het computerscherm van het Amsterdamse
D66-bestuur. Ze kwamen voor de algemene ledenvergadering en – misschien belangrijker – een eerste aanzet voor het programma waarmee D66 in maart volgend jaar opnieuw de grootste partij van Amsterdam wil worden.

Virtuele post-its

De afdeling heeft ruime ervaring met online vergaderen, toch levert het verzamelen van losse ideeën uitdagingen op. De techniek helpt met virtuele plakbriefjes die iedereen kan toevoegen. Maar een discussie komt moeilijk op gang. “Wie heeft een wethouder toerisme voorgesteld? Of wil die anoniem blijven?” De 52 deelnemers op dat moment gaan uiteen naar verschillende digitale thema-kamers. De meeste belangstelling trekt het thema wonen, met 13 mensen. Vreemd genoeg trekt onderwijs, hét D66-speerpunt, maar vijf mensen. Dat verbaast Marlies van Gelderen niet. Zij is voorzitter van de kennisgroep Wonen van D66 Amsterdam. “Met onderwijs heb je in sommige fasen van je leven te maken. Wonen doe je je hele leven. Het houdt iedereen in Amsterdam bezig.”

Beeld: Isabel Nabuurs / schoonschipamsterdam.org

Geen plaats voor middeninkomens

De woningnood dreigt de stad te ontwrichten: sociale huurwoningen zitten vol, ook met hogere inkomens die blijven plakken, en de vrije sector is zo duur geworden dat weinigen die nog kunnen betalen. De middeninkomens hebben het nakijken. Tussen arm en rijk is geen plaats meer voor het cement van de middeninkomens. Van Gelderen werkt met haar kennisgroep aan veel meer dan alleen het verkiezingsprogramma. “We willen een uitgebreider woonprogramma schrijven. De bouw, de regulering, de financiering en de markt, het is allemaal zo complex dat we behoefte hebben aan meer dan alleen de hoofdlijnen van een verkiezingsprogramma. Bovendien komen we dan beter beslagen ten ijs als we onderhandelen over de coalitie.”

De lucht in,
maar hoe hoog?

Veel is afhankelijk van landelijk en provinciaal beleid. Maar uiteindelijk moet de eerste paal de grond in van de gemeente. “De gemeente moet ook kritisch naar zichzelf kijken”, vindt Marlies van Gelderen. “Er ligt een opeenstapeling van regels, procedures en ambities. Dat vertraagt. Mogelijk dat een lokaal woonpact tussen gemeente, ontwikkelaars, beleggers en corporaties, met heldere uitgangspunten en gedeelde ambities, de bouw kan versnellen.”

De Amsterdamse D66’ers hebben al eerder gekozen om hoogbouw mogelijk te maken, ondanks de traditionele Amsterdamse weerzin tegen torenflats. “Ja, we moeten de lucht in”, zegt Van Gelderen. “Tenminste, op sommige plaatsen in de stad. Maar hóe hoog, dat is de vraag. Hoe hoger je gaat, des te duurder het wordt. We willen ook een leefbare stad. Amsterdam is beroemd om zijn menselijke maat. We zijn gehecht aan het leven op de stoep voor je deur, dat bij hoogbouw nauwelijks meer bestaat. In een stad als New York, met zijn spectaculaire hoogbouw, liggen de meest gewilde buurten in oude delen van Manhattan waar de gebouwen betrekkelijk laag zijn.”

“We moeten de lucht in, maar hóe hoog, dat is de vraag. We willen ook een leefbare stad”

MARLIES VAN GELDEREN (VOORZITTER KENNISGROEP WONEN)

Stadswijken
op het water

De een wil de lucht in, een ander wil het water op. D66-fractieleider en onbetwist lijsttrekker Reinier van Dantzig heeft al een voorschot genomen op de partijdiscussie: bouwen op het water. Geen woonboten of watervilla’s, maar hele stadswijken die op het water drijven. “Als ik naar de kaart van Amsterdam kijk, dan zie ik vooral kansen op het water. Een drijvend IJburg 3, een park in het Oosterdok, woningen in de havens.” Van Dantzig heeft zelfs al een drijvend lint van Amsterdam naar Almere voor ogen. Hij ziet “complete wijken met veel groen, goede infrastructuur en zeker vijf woonlagen met betaalbare appartementen”.

In de Haven-Stad die Amsterdam gaat bouwen, zou tijdelijk een drijvend buurtje met betaalbare huurwoningen voor starters kunnen komen. Als de Haven-Stad van de grond komt, kan het hele complex naar elders worden gesleept. In de onmiddellijke toekomst zal er nog op grond moeten worden gebouwd. Van Dantzig: “Er is nog wel ruimte te vinden voor 50.000 tot 70.000 woningen, door te verdichten bij stations en op bedrijventerreinen. Maar dan moeten we echt iets anders vinden als je geen natuurgebied wilt opofferen.”

“Als ik naar de kaart van Amsterdam kijk, dan zie ik vooral kansen op het water”

Reinier van Dantzig (lijsttrekker D66 Amsterdam)

Historische lijn

Van Dantzig trekt een historische lijn door. “In feite heeft Amsterdam altijd op water gebouwd, alleen werd dan eerst het water gedempt en het nieuwe land opgespoten. Dat kunnen we met de nieuwste techniek overslaan. Dan hoeft water niet duurder te zijn dan een bedrijventerrein. Zeker als je kansen benut om huizen te prefabriceren.” Van Dantzig ziet nog een voordeel: biodiversiteit. De vissen zullen het prima vinden onder de huizen, denkt hij. “We kunnen het water juist verrijken met meer broedplaatsen voor vogels en vissen, zodat je ook in Amsterdam midden in de natuur kunt
wonen.” ■

Herindelingen: Amsterdam & Weesp

De leden van D66 Amsterdam hebben Ron Anches (Weesp-Driemond) en Reinier van Dantzig (Amsterdam) tot lijsttrekkers verkozen voor de verkiezingen op 16 maart 2022.

Raadslid worden – ook iets voor jou?

02.08.2021
Dit artikel verscheen eerder in ons ledenblad Democraat.
Tekst: Caïne Roland

Met het prachtige resultaat van de Tweede Kamerverkiezingen vers achter de kiezen, komen de gemeenteraadsverkiezingen alweer in zicht. Stemmen doen we pas volgend jaar, maar je kandidaat stellen als raadslid doe je deze zomer al! Democraat vroeg drie oud raadsleden naar hun ervaringen in de lokale politiek.

Jan-Willem Langenbach
Was lijsttrekker en raadslid in Rhenen (2018-2021), studeert nu scheikunde.

“Je hebt superveel vrijheid in je werk”

“Zoals veel anderen ben ik het raadslidmaatschap ingerold. Ik zat vier jaar in de Rhenense jongerenraad en woonde vergaderingen bij als fractievolger van D66. Als je wil weten of het werk bij je past, sluit dan gewoon een keer aan! Het is best spannend om je te kandideren. Dat vond ik ook, zeker omdat ik pas 19 was, maar je ontwikkelt je op totaal nieuwe vlakken. Verder is het niet erg om fouten te maken. Ik moest zelf wel eens terugkomen op iets wat ik had gezegd wat niet waar bleek te zijn. Als je open en eerlijk bent, is er geen probleem.

Het geeft de meeste voldoening om samen iets voor elkaar te krijgen. Zo zijn we gestart met een burgerpanel. Er wonen 20 duizend mensen in Rhenen; duizend daarvan krijgen een paar keer per jaar een enquête. Ze mogen meedenken over bijvoorbeeld parkeren en windmolens. Lastige onderwerpen, waar iedereen iets anders van vindt, daarom is hun input enorm waardevol voor ons. Daarnaast kom je op allerlei plekken. Je kunt op de fiets stappen naar een nieuwbouwproject en aanbellen om te vragen wat mensen van hun nieuwe wijk vinden. Je hebt superveel vrijheid in je werk, het is allesbehalve stoffig!”

Hülya Kat
Was raadslid in Velsen (2010-2018) en
Amsterdam (2018-2021), is nu Tweede Kamerlid.


“De kleine overwinningen zijn het mooist”

“Tijdens mijn studie in Groningen werd ik politiek actief. Partijen als de LPF kwamen op, die de multiculturele samenleving mislukt verklaarden. Dat vond ik het moment om op te staan: ik heb een Turkse achtergrond maar ben geboren in Nederland. Ik kwam in 2010 in de raad in Velsen, mét voorkeursstemmen. Dat gaf me vertrouwen, dat mensen zich via mij betrokken voelen bij de lokale politiek. Een diverse en inclusieve maatschappij moet afgespiegeld worden in de politiek. Helaas zijn er weinig jongeren, vrouwen en bi-culturelen die zich kandidaatstellen. Als je wil meebeslissen, moet je dat zeker doen!

Het mooist zijn de kleine overwinningen. Zo werd in Velsen onze motie waarin we opriepen om te mogen experimenteren met gereguleerde wietteelt aangenomen. Als raadslid heb je vooral energie en een hart op de juiste plek nodig. Verder helpt goed zitvlees en een lange adem, haha. De vergaderingen duren best lang. Mensen zullen veel vragen stellen, maar je hoeft niet alles zelf op te lossen. Je leert samenwerken, ook met andere partijen. En het is fijn om te sparren en coaching te krijgen. Dat heb ik zelf een beetje gemist in het begin. Ja, nieuwe raadsleden mogen mij zeker mailen als ze willen dat ik even meedenk!”

Harma van der Roest
Was raadslid en fractievoorzitter (2010-2021) in
Midden-Drenthe, is nu talentscout voor D66 Drenthe.

“Je kunt echt iets voor mensen betekenen”

“Het was geen heel bewuste keuze om raadslid te worden. Ik was al langer actief in de partij en heb altijd last gehad van een positieve bemoeizucht, haha. Uiteindelijk heb ik het raadswerk elf jaar gedaan. De enige reden dat ik nu stop, is omdat ik ga verhuizen. Het is nooit hetzelfde, heel veelzijdig en je leert steeds bij. Ik denk dat iedereen raadslid kan worden. Je hoeft niet direct alles te weten: als je bezig bent met onderwijs, ga er dan naartoe. Dat geeft nieuwe input die je enorm kan verrassen. Er wordt nog steeds te veel óver mensen gepraat in plaats van mét ze.

Ik hoop dat de volgende generatie aan de slag gaat met de bestuurscultuur. Openheid van bestuur is een echt D66 onderwerp. Vergaderingen horen in de openbare raadszaal thuis, niet achter gesloten deuren. Het is belangrijk om zichtbaar en benaderbaar te zijn. Tijdens de campagne in 2014 hadden we bijvoorbeeld een campagnewinkel; mensen konden een maand lang met vragen of plannen bij ons komen. Zo kom je in contact en zie je wat voor hen belangrijk is. Het zijn de kleine dingen uit de omgeving die impact maken, niet alleen grote zaken. Je kunt dan echt iets voor mensen betekenen!” ■

Lezen | Kijken | Luisteren met Anne-Marijke Podt

02.08.2021
Tekst: Jan Vincent Meertens
Dit artikel verscheen eerder in ons ledenblad Democraat.

Deze aflevering: de drie tips van…

Anne-Marijke Podt (1975) is sinds 2014 raadslid namens D66 in Utrecht, waar ze zich bezighoudt met werk, inkomen, schulden, maatschappelijke opvang, asiel en integratie. Daarnaast is zij zelfstandig adviseur voor non-profitorganisaties en overheid én kandidaat voor de Tweede Kamer namens D66 (nummer 26 op de kandidatenlijst 2021).

Years and Years
NPO Plus | 2019 | 6 afleveringen

Years and Years een HBO serie

Beeld: HBO

“Deze Britse miniserie volgt een doodgewone familie uit Manchester, die wordt meegezogen in de politieke en maatschappelijke veranderingen door de jaren heen. De serie start in 2019, in het verlengde van de ontwikkelingen van nu: de gevolgen van Brexit, een herverkiezing van Trump en de komst van meer vluchtelingen – en gaat door tot 2034. Met een meeslepend plot, de nodige zwarte humor en geweldige acteurs – zoals Emma Thompson als populistische politica, een soort doorgeslagen Britse versie van Rita Verdonk – gaat deze serie stiekem helemaal niet over de toekomst, maar over de gevolgen van alles wat we nú doen.”

Guajiro Natural (album)
Polo Montañez | 2000

Guajiro Natural, een album van Polo Montañez

Beeld: Polo Montañez

“Iedereen heeft zo zijn eigen kleine en grote gemissen in coronatijd. Ik ben dol op reizen en op dansen – vooral salsa, bachata en andere LatijnsAmerikaanse dansen. Beide liggen al meer dan een jaar stil. Dit album van de veel te jong overleden Cubaanse zanger Polo Montañez is wat minder gelikt dan de veel bekendere Buena Vista Social Club-artiesten uit hetzelfde land. Maar het brengt me zelfs op de meest druilerige Nederlandse dag terug naar de dansvloer in Cuba.”

Far from the Tree: Parents, Children and the Search for Identity
Andrew Solomon | 2012

Cover van het boek Far from the Tree van Adrew Solomon

Beeld: Andrew Solomon, Laurie Calkhoven. Scribner Book Company

“Dit is voor mij dat ene boek dat je na lezing voor eeuwig opdringt aan vrienden en familie. Solomon deed tien jaar lang onderzoek naar ‘bijzondere families’: gezinnen met een kind dat doof is, met downsyndroom, meervoudige beperkingen, een transgender kind, een hoogbegaafd kind en een kind dat misdaden pleegt – allemaal kinderen die anders zijn dan hun ouders. Het is een echt onderzoeksboek, een flinke pil dus, gebaseerd op heel veel interviews en met veel verwijzingen. Wat me trof is hoe empathisch en persoonlijk Solomon het boek heeft gemaakt. Hij stelt de vraag die iedere ouder – en misschien ook wel ieder kind – kent: in hoeverre accepteer je als ouders je kinderen zoals ze zijn en in hoeverre help je ze om het beste uit hun leven te halen? Of zoals Solomon zelf zegt: How do we decide what to cure and what to celebrate? Uiteindelijk draait het boek om veel meer dan ouders en kinderen; het gaat over identiteit, vooroordelen, diversiteit, acceptatie en waartoe we in staat zijn voor en door liefde. Leerzaam en buitengewoon ontroerend.” ■

Lisa van Ginneken: Zij-instromer & techtopper

Dat haar beëdiging als Tweede Kamerlid op 31 maart plaatsvond – de Internationale Dag van Transgendervisibiliteit – is van historische betekenis, zegt Lisa van Ginneken. Democraat vroeg onze nieuwe ICT-specialist naar haar eerste weken in de Kamer en haar ambities voor de toekomst.

30.07.2021
Tekst: Caïne Roland
Foto’s: Jeroen Mooijman

Dit artikel verscheen eerder in ons ledenblad Democraat.

Lisa van Ginneken stond op nummer 22.
In de peilingen in de weken voor de verkiezingen
waren drie zetels minder voorspeld, dus haar
blauwe stoel was op 17 maart nog allesbehalve
zeker. Uiteindelijk kwam het dubbel en dwars
goed. Sigrid Kaag was niet de enige die op de
tafel kon dansen van geluk, zegt Van Ginneken.
“Het was een hele spannende verkiezingsavond.
Toen de eerste exitpoll bekend werd, dacht ik:
Wauw, ik kom gewoon metéén in de Kamer!”


Collega’s in 3D

Ondanks de coronamaatregelen kon de kersverse D66-fractie de volgende dag toch voltallig bijeen komen voor de eerste vergadering. Om te bespreken hoe de eerste weken eruit zouden gaan zien, maar ook om het succes te vieren, zegt Van Ginneken. “Voor mij was dat de eerste keer dat ik collega’s in 3D zag, verder hadden we alleen contact gehad via Zoom.” De prachtige fractiekamer van D66 kon helaas niet gebruikt worden in verband met de 1,5-meterregel, daarom gaan ze naar de Thorbeckezaal. “Bij de ingang stond een muur van journalisten op ons te wachten. Aan alle kanten staken er microfoonhengels uit, het leek net een scene uit Game of Thrones; zo’n meute met speren”, vertelt Van Ginneken lachend. “Met een groepje probeerden we erlangs te glippen maar ik werd herkend door een journalist die vroeg: En, wat vindt u ervan dat u als eerste transgender in de Kamer bent gekozen? Een moment later werd ik ineens omringd door microfoons. Toen wist ik: we zijn begonnen.”

De eerste weken

Zoals velen zullen herkennen, is werken in coronatijd anders. Ook Kamerleden krijgen hiermee te maken. “Net als vrijwel iedereen heb
ik het afgelopen jaar thuisgewerkt. Nu mag ik er iets meer op uit, toch gaat er nog ontzettend veel via Zoom. Bijvoorbeeld kennismakingsgesprekken die relevant zijn binnen mijn portefeuille. Het zijn de mensen die ik probeer zo goed mogelijk te vertegenwoordigen, dus dat is lastig. Ik kijk er ontzettend naar uit om ze live te zien en om collega’s te ontmoeten waar ik geen post
mee deel. Daarnaast wil ik ook graag de ervaring meemaken van met 150 volksvertegenwoordigers in de plenaire zaal zijn. Dat lijkt me zo
indrukwekkend.”

Het wennen zit hem vooral in de enorme, nieuwe stortvloed aan informatie. “Dag in, dag uit, word je overspoeld. Mails, commissies,
mensen uit het veld, lobbyisten, bedrijven én alle Whatsapp-groepen, zowel binnen als buiten de partij en fractie”, somt Van Ginneken op. “En dan moet je nog het nieuws over je portefeuille bijhouden. In het begin verkeerde ik daarom in een permanente staat van zowel ambitie, euforie als paniek.” Ook de nieuwe werkplek was natuurlijk even zoeken en ontdekken, zoals “waar zijn de toiletten op deze gang nu weer?” Na de zomer kan ze wat dat betreft opnieuw beginnen, want tijdens het zomerreces verhuist de Tweede Kamer naar Bezuidenhoutseweg 67 vanwege de renovatie van het Binnenhof.

Beeld: Fotograaf: Jeroen Mooijman

Van games tot grondwet

Terwijl haar leeftijdsgenoten vakken vullen in de plaatselijke supermarkt, is Lisa van Ginneken op haar 15de freelance game developer. Ze zal daarna nog bijna vijftien jaar werkzaam blijven in
de ICT, daarna begint ze een eigen praktijk voor coaching en organisatieverandering. Naar eigen zeggen is ze “eerst systemen en toen mensen gaan ontwikkelen”. Daar blijkt ze zowel handigheid als lol in te hebben. Het voorzitterschap van een belangenorganisatie voor transgender personen en het lidmaatschap van de Raad van
Advies bij het College voor de Rechten van de Mens volgen. “Mijn leven meandert een beetje, dat past ook wel bij mij”, zegt ze over
haar carrière tot dan toe. “Met een knipoog gezegd, heeft Thierry [Baudet, red.] mij politiek geïnspireerd. Hij zei zulke vreselijke en polariserende dingen over vrouwen, dat ik besloot me ermee te gaan bemoeien.” Ze had alleen niet verwacht daadwerkelijk al meteen in de plenaire zaal aan de slag te mogen: “Aanvankelijk hoopte ik in 2025 de Kamer in te gaan. Ik wilde bij de ronde van 2021 vooral ervaring opdoen als kandidaat. Dat ik terecht kwam op plek 22 was een prettige erkenning van mijn kennis en kunde, maar toen zat ik dus ineens in de Kamer!”

ICT-portefeuille

Haar portefeuille is een hele mond vol: ICT & privacy, Digitale overheid, Inlichtingendiensten, Personen- & Familierecht, Identiteit. Al deze onderwerpen zitten Van Ginneken als gegoten. Het is dan ook geen wonder dat haar plannen groot en ambitieus zijn. Zo wil ze de macht van techbedrijven aanpakken. “We zijn nu enorm afhankelijk. Burgers en de overheid moeten hun eigen keuzes kunnen maken, anders komen de democratie en mensenrechten in gevaar.” Als voorbeeld noemt ze partijen waarvan gedacht wordt dat ze onder andere bedrijfsgeheimen afluisteren. “Deze partijen willen we niet in het hart van ons telecomnetwerk, maar ze zijn gekozen om een reden. We moeten investeren in een alternatief, in een
grotere Europese techindustrie.”

Met deze ambities treedt ze in de voetsporen van Kees Verhoeven, tot dit jaar D66-Kamerlid met ICT in zijn portefeuille. IT-platform AG
Connect riep Verhoeven tot twee keer toe uit tot IT-politicus van het jaar. Het platform is verheugd met Verhoevens opvolger. Op hun
website schrijven ze: “Verhoeven liet in zijn periode als Kamerlid al ontvallen dat er met Lisa van Ginneken binnen zijn partij een nieuwe
‘techtopper’ aanstaande is. Met portefeuilles ICT en privacy is inmiddels de daad bij het woord gevoegd. In haar eerste weken stelde ze Kamervragen over de praktijken van het Amerikaans techbedrijf Palantir en ze riep de Kamer op tot toegroeien naar Europese ‘techsoevereiniteit’.”

Digitale onderwerpen voelen nog wel eens abstract en complex aan. Volgens Van Ginneken is het echter niet nodig om er bang voor te zijn. “Je hoeft niet te kunnen programmeren, als je maar snapt hoe macht en innovatie werkt. Die dynamiek is in een technische context niet anders dan in een andere.” Het is hoog tijd dat er betere regels komen voor de online wereld, meent ze. “Er gebeurt steeds meer online, in bijna alle interacties gebruik je digitale hulpmiddelen. Het is een infrastructurele voorziening geworden, net als het waterleidingnet of het wegennetwerk, maar dan met informatie.
Je wil dat dat een gezond systeem is. Op de snelweg hebben we ook regels, maar op het internet nauwelijks. Dat is eigenlijk heel raar.

Lisa van Ginneken

“Ons huidige beleid is ontwikkeld vanuit tech-optimisme, naar wat er allemaal kan. De vraag wat we wíllen dat technologie doet, wordt te weinig gesteld”

Zij-instromer

Veel Kamerleden hebben een politieke achtergrond. Dat geldt niet voor Lisa van Ginneken, wat volgens haar juist een voordeel kan zijn:
“Ik heb in verschillende rollen mijn sporen verdiend, dat geeft me een andere kijk op de politiek. Wanneer je vooral dezelfde soort mensen in je fractie hebt, laat je kansen liggen. Juist een
zij-instromer als ik kan dan wat toevoegen.” D66 heeft zich bijvoorbeeld altijd ingezet om medisch-ethische kwesties op de agenda te zetten, wat Van Ginneken betreft mag daar ook digitale ethiek bijkomen. “Ons huidige beleid is ontwikkeld vanuit techoptimisme. Er wordt nu vooral gekeken naar wat er allemaal kan met digitalisering. De vraag wat we wíllen dat technologie allemaal doet, wordt te weinig gesteld.”

Verder hoopt ze bij te dragen aan meer ruimte voor iedereen in de samenleving. “In de woorden van Eberhard van der Laan: laten we een beetje lief voor elkaar zijn. We zijn soms zo gepolariseerd. Alsof ruimte geven aan de één de ander iets kost. Het is geen taart!” Deze normen en waarden ziet ze terug bij D66. “Al zo lang ik mag stemmen, is het mijn partij”, zegt ze. “We zijn genuanceerd, uitgesproken en oplossingsgericht, geven mensen ruimte en beseffen dat we voor elkaar en de planeet moeten zorgen.
Die combinatie past echt bij mij. Bij sommige vraagstukken kunnen we ons geen lange principiële discussies veroorloven, zoals het klimaat. Dat moeten we gewoon aanpakken en oplossen.” Ook de sfeer in de Kamer voelt als thuiskomen voor Van Ginneken. “Door sommige mensen werd gezegd: jeetje, die slangenkuil! Daar krijgt ik vast nog mee te maken, maar tot dusver is het heel prettig en positief. Onze eigen fractie is zo’n warme en leuke ploeg.”

WARNING – Copyright missing. Please fill in the copyright fields for this image before using it.

Kippenvelmoment

Vanwege de coronamaatregelen werd niet iedereen tegelijk beëdigd. Lisa van Ginneken verklaarde haar trouw aan de Grondwet tegelijk
met 49 in plaats van 149 andere Kamerleden. “Het is een prachtige ceremonie, de namen worden voorgelezen en je belooft je in te
zetten voor de bevolking. Toch was mijn kippenvelmoment een paar dagen eerder, toen ik met een aantal andere nieuwelingen voor een kennismaking door de Kamervoorzitter was uitgenodigd in de plenaire zaal en de eerste stap op die vloer zette. De grootsheid van het hier mogen zijn als eerste transgender-parlementariër drong toen echt tot me door.”

Dat haar inauguratie op 31 maart plaatsvond – de International Transgender Day of Visibility – is van historische betekenis, zegt Van Ginneken. Een van haar doelen is dan ook om deze groep meer zichtbaarheid te geven. “Die missie was door mijn beëdiging eigenlijk op de eerste dag al geslaagd. Nu is het een kwestie van
doorpakken, zodat we op álle vlakken mee mogen doen.” Ze wil echter geen one-issue-parlementariër zijn: “Ik wil een ontzettend goed en breed Kamerlid zijn én laten zien dat transgendermensen meer zijn dan hun transitie. Dus ja, ik ben ‘de eerste transgender in de Kamer’, maar niet alléén dat!” ■

PRIDE66: Trots en strijdvaardig

Helaas: wéér geen botenparade tijdens Pride Amsterdam. Maar er zijn genoeg redenen om er deze zomer toch een feestje van te maken, vindt Eric Klaver, voorzitter van PRIDE66.

30.07.2021
Tekst: Lisanne van ‘t Riet
Foto’s: Jeroen Mooijman

Dit artikel verscheen eerder in ons ledenblad Democraat.

Met de openstelling van het burgerlijk huwelijk op 1 april 2001 – dankzij de inzet van Boris Dittrich, destijds Tweede Kamerlid, nu senator namens D66 – had Nederland een wereldprimeur: koppels van hetzelfde geslacht konden voor het eerst voor de wet met elkaar trouwen. Inmiddels is het twintig jaar later en vraagt de redactie van Democraat zich af: wat moet Nederland doen om weer zo’n stap vooruit te zetten? We vroegen het aan Eric Klaver, oprichter, voorzitter en boegbeeld van PRIDE66, het regenboognetwerk van D66.

Beeld: Fotograaf: Jeroen Mooijman

Wat hebben we sinds de openstelling van het burgerlijk huwelijk verder bereikt voor de LHBTIQ-gemeenschap in Nederland?
“Ons Kamerlid Vera Bergkamp heeft onder andere veel bereikt voor het moderne gezin. Positieve ontwikkelingen op het gebied van meerouderschap en erfrecht zijn in aantocht, en dat is goed nieuws. Dit sluit ook beter aan op de huidige samenleving, die al lang niet meer bestaat uit louter man-vrouw kinderen. Ook de Transgenderwet is een stap in de goede richting; iedereen van zestien jaar en ouder kan nu in de Basisregistratie Personen het geslacht veranderen van ‘man’ naar ‘vrouw’ en andersom. Wij zouden graag nog zien dat deze leeftijd wordt verlaagd naar twaalf jaar. Kinderen rond die leeftijd kunnen vaak al zelfstandig beslissingen maken en hun identiteit begint zich dan ook al echt te vormen. Genoeg jonge kinderen hebben moeite met hun biologisch geslacht. Ze leven met een andere identiteit.”

Beeld: © Jeroen Mooijman

We horen regelmatig over incidenten waarbij LHBTIQ’ers te maken krijgen met agressie en geweld. Hoe staat het met de acceptatie van de LHBTIQ-gemeenschap in Nederland?
“Er is altijd een gebrek aan acceptatie geweest. Gelukkig wordt er tegenwoordig veel beter geregistreerd om wat voor soort agressie het gaat en wie hiermee te maken krijgt. Het politienetwerk Roze in Blauw pakt dit goed op. Maar vaak zijn dit agenten die naast hun reguliere werk bezig zijn met geweldszaken tegen LHBTIQ’ers. Dit team zou eigenlijk moeten worden uitgebreid met agenten die hier permanent mee bezig zijn. Het bevorderen van acceptatie en begrip ligt natuurlijk niet alleen bij de politie, maar ook bij scholen en bij de politiek. Begrip komt met kennis en die kennis kunnen we op scholen overbrengen aan onze kinderen. Ik vind dat rolmodellen hierin cruciaal zijn. Rolmodellen heb je overal nodig; in de politiek, op school, bij de politie, in de sport, you name it. Als we het hebben over overall acceptatie, vraag ik me trouwens wel af of dit wel het doel op zich moet zijn. Wil ik geaccepteerd worden? Ik wil gewoon kunnen leven en overal zichtbaar mijzelf kunnen zijn. Dat is voor mij het belangrijkst. Niet gewelddadig bejegend worden staat eigenlijk voorop.”

Wat zou de politiek nu als eerste moeten
oppakken, volgens PRIDE66?

“Als eerste moet zo snel mogelijk Artikel 1 van de Grondwet worden uitgebreid. Discrimineren op basis van seksuele geaardheid of handicap staat dan expliciet in de Grondwet. Hiervoor zijn de eerste stappen al gezet. De wetswijziging is nu voor de eerste keer aangenomen door de Tweede en Eerste Kamer. Dit moet nog een keer gebeuren om de Grondwet ook daadwerkelijk te kunnen wijzigen. Ik heb er vertrouwen in dat dit gaat lukken. Ook vinden wij het belangrijk om relatief makkelijke aanpassingen snel door te kunnen voeren, zoals het schrappen van onnodige sekseregistratie. Waarom moet PostNL mijn geslacht weten als ik online een postzegel koop? Het is onnodig en kan relatief makkelijk worden aangepast. Ik vind dat de overheid hier een belangrijke rol in heeft. Hier zou ze meer aan kunnen doen.”

“De uitbreiding van Artikel 1 van de Grondwet; dat is de belangrijkste volgende stap”

En internationaal? Wat kan de Europese Unie doen voor de LHBTIQ-community?
De EU mag wel een wat harder standpunt innemen over de ontwikkelingen in bepaalde EU-landen, bijvoorbeeld Hongarije en Polen, waar nu LHBTIQ vrije zones zijn. Dat is natuurlijk absurd. De EU heeft genoeg gereedschappen in huis om dit aan te pakken en sancties op te leggen tegen deze landen. Hongarije en Polen zijn onderdeel van de EU en profiteren hiervan. Maar het lidmaatschap komt ook met een aantal afspraken, waar deze landen zich niet aan houden. Tot nu toe heeft de EU hier veel te slap tegen opgetreden.”

Deze zomer vieren we weer Pride in de hoofdstad. Helaas zullen we nog wel even vastzitten aan de coronaregels. Hoe kunnen we er toch een feestje van maken?
“Pride Amsterdam heeft besloten dat de botenparade dit jaar niet doorgaat. Maar dat betekent niet dat we er geen feest van kunnen maken. Al drie jaar lang werkt PRIDE66 heel goed samen met de roze netwerken van andere politieke partijen. Die samenwerking hopen we ook deze zomer voort te kunnen zetten. We hopen dat de PrideWalk weer plaatsvindt. Net als PrideTV, waarmee mensen de viering via het scherm gewoon thuis kunnen volgen.” ■

Word lid van PRIDE66

PRIDE66 is het regenboognetwerk van D66. PRIDE66 heeft verschillende afdelingen in het land, zoals in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht. Samen met de afdelingen verzorgt PRIDE66 voor inhoudelijke en sociale activiteiten.