Extra coronasteun voor culturele sector

D66 wil dat het kabinet meer geld beschikbaar stelt voor het steunen van de culturele sector. De steun maakt het voor makers en creatieve ondernemers mogelijk om te blijven investeren in nieuwe producties, programma’s en voorstellingen.

Kamerlid Romke de Jong: “Cultuur is van levensbelang voor onze samenleving. De impact van de coronacrisis op de sector is nog altijd groot. Door de laagdrempelige leningen met een lage rente van Cultuur+Ondernemen kunnen makers en creatieve ondernemers het hoofd boven water houden. Het geeft deze ondernemers het broodnodige perspectief. Daarmee kunnen ze nu en in de toekomst mooie dingen blijven maken.”

Steun in de rug

Kamerlid Jorien Wuite: “Cultuur inspireert, verbindt en ontroert. Het is heel belangrijk dat cultuurmakers door kunnen blijven gaan met het ontwikkelen van mooie en waardevolle producties en voorstellingen. De leningen zijn daarbij een goede steun in de rug gebleken. Deze moeten daarom beschikbaar blijven.”

De D66-Kamerleden doen dit voorstel tijdens het vervolg van het wetgevingsoverleg in de Tweede Kamer over de coronasteunpakketten. Met dit voorstel wordt meer geld gereserveerd voor de Cultuur Opstartlening en de Cultuur Vermogenslening van Cultuur+Ondernemen.

Maidenspeech Anne-Marijke Podt: “Mensen hebben meer gemeen dan ze verschillen.”

Anne-Marijke Podt gaf haar maidenspeech tijdens de Begroting Justitie en Veiligheid. Hier lees je haar speech terug.

Geef nieuwkomers een plek

In 2014 begon ik als raadslid in de Utrechtse gemeenteraad. Ik wilde in mijn eigen stad doen wat ik daarvoor jarenlang internationaal had gedaan: het beter maken voor mensen bij wie het niet vanzelf gaat. Ik stak daar mijn hand op voor de portefeuille ‘Asiel’. Ondanks waarschuwingen dat de gemeente helemaal ‘niks deed op dat vlak’.

Tot 2015. Utrecht opende een noodopvang voor asielzoekers, waar mensen op de vlucht voor oorlog en geweld op matrasjes op de vloer moesten slapen. Het was een heftige tijd, met stevige debatten, emotioneel protest uit de buurt en heel veel inwoners die zich als vrijwilliger meldden om nieuwkomers te helpen een plek te vinden in onze stad.

Mensen hebben meer gemeen dan ze verschillen

Het was ook een tijd die mij vormde als politica: het besef dat je dingen kunt veranderen als je eerlijk bent over de soms lastige afwegingen die je maakt én als je blijft beseffen dat mensen vaak veel meer gemeen hebben, dan ze verschillen –, ook die buurtbewoners en asielzoekers. En ik leerde in de lokale politiek dingen, die ik graag meeneem naar deze plek, de Kamer.

Allereerst: “Draagvlak is geen natuurwet”.
Je kunt veel doen om draagvlak voor de opvang van asielzoekers uit te hollen, óf juist te vergroten. Je kunt fabels vertellen om mensen bang te maken. Of je kunt voorzieningen opzetten als de Utrechtse asielopvang Plan Einstein, waar asielzoekers en buurtbewoners samen van profiteren.

Ten tweede: “Doe wat werkt”.
Baseer je op onderzoek, op feiten en op de praktijk. Lokale bestuurders, organisaties en burgers krijgen te vaak te maken met regels die meer tekentafel dan praktijk zijn.

Tenslotte: “Vluchtelingen en migranten zijn niet slechts slachtoffers”.
Het zijn vooral mensen met ervaring en capaciteiten, die zich kunnen en wíllen inzetten. Zoals de Afghaanse ‘burgemeester’ van de opvanglocatie in Harskamp die met ‘zijn’ bewoners het COA hielp met de organisatie van het vluchtelingenkamp. Deze drie lessen vormen de rode draad van mijn verhaal vandaag.

Anne Marijke Podt

“Het is ellendig dat we mensen die vaak gevlucht zijn voor oorlog en geweld niet beter welkom heten.”

Anne-Marijke Podt

Problemen in de asielopvang

Want voorzitter, wat ik ook meeneem uit Utrecht is – helaas – een déjà vu: de problemen in de asielopvang. Van mensen die op stoelen slapen in Ter Apel, tot de protesten in Harskamp en de klapperende noodtenten in Heumensoord. Het is ellendig dat we mensen die vaak gevlucht zijn voor oorlog en geweld niet beter welkom heten en dat we gemeenten toch weer overvallen. Maar het is vooral ellendig omdat we zoveel beter voorbereid hadden kúnnen zijn als we de lessen uit 2015-2016 in de praktijk hadden gebracht. Door opvanglocaties flexibel in te richten en de capaciteit van het COA en de IND niet direct te verminderen als er minder mensen komen.

Daarom twee vragen aan de staatssecretaris over de Meerjaren Productie Prognose (MPP) in de begroting, dure woorden voor de planning van opvang en procedures van asielzoekers: Als het COA aangeeft dat ze vlak voor de zomer nog een verzoek kregen om opvanglocaties te sluiten – dan zie je dat de MPP niet klopt met de realiteit.

Hoe kan dit, terwijl bijvoorbeeld hogere nareis, redelijk voorspelbaar was? En hoe organiseren we dit de volgende keer wél goed?

En laten we nog eens kritisch kijken naar de randvoorwaarden die het COA stelt aan opvanglocaties. Zou meer flexibiliteit in de randvoorwaarden naar gemeenten niet helpen om meer locaties te krijgen?

En wanneer komt er eindelijk een extra aanmeldcentrum om Ter Apel te ontlasten?

Draagvlak

Deze problemen voorzitter, helpen niet mee aan het vergroten van het draagvlak dat ik eerder benoemde. Veel gemeenten willen helpen, maar je kunt ze niet op het laatste moment overvallen met veel mensen in matige opvang. Dan hol je het draagvlak uit.

Wat D66 betreft is structurele financiering van de keten dan ook noodzakelijk voor meer rust én draagvlak.

Hoe reflecteert de staatssecretaris op de afgelopen periode?

Doen wat werkt

Iets anders dat ik meenam uit Utrecht voorzitter: doen wat werkt.
Zo vroeg D66 eerder naar het makkelijker maken van de regelingen die het mogelijk maken dat mensen bij vrienden of familie buiten de opvang kunnen logeren. Laten we alles doen om bedden bij het COA vrij te spelen!

Kunnen we regelen dat asielzoekers die zich moeten melden dat echt zo dicht mogelijk in de buurt kunnen doen – desnoods gewoon bij de politie in de gemeente waar ze verblijven?

En kunnen asielzoekers die bij familie wonen hun leefgeld houden? De echte kosten besparen we al omdat mensen dat bed niet nodig hebben!

Investeren in jonge mensen

Voorzitter, ‘doen wat werkt’ betekent ook: investeren in jonge mensen die naar Nederland zijn gekomen. Kinderen die vaak heftige dingen hebben meegemaakt.

De Nationale Ombudsman wees er al op: het belang van verlengde opvang voor Alleenstaande Minderjarige Vreemdelingen – jongeren die alleen naar Nederland kwamen! D66 zou graag zien dat deze jongeren, nét als andere Nederlandse jongeren, als dat nodig is wat langer begeleiding kunnen krijgen na hun 18e jaar. De VNG vroeg ook om in ieder geval voor komend jaar financiering te regelen.

Kan de staatssecretaris hierop reageren?

Over mensenrechten valt niet te onderhandelen

Tot slot het Europese migratiebeleid, of beter gezegd het gebrek daaraan. Wat er op dit moment aan onze buitengrenzen gebeurt, kan niet onbenoemd blijven.

Illegale pushbacks lijken te normaliseren. Vrijwilligers die hulp bieden worden voor de rechter gedaagd in Griekenland en migranten worden ingezet als geopolitiek wapen om de EU te chanteren. Dat heeft niets meer met migratiebeleid te maken. Maar het is wel een consequentie van een gebrek daaraan.

Wat doet Nederland in dit verband om te markeren dat over mensenrechten niet te onderhandelen valt?

Hoe ingewikkeld dit vraagstuk ook is, D66 is er van overtuigd dat er ook in Europa, meer is dat ons bindt, dan dat ons verdeeld. Meer dan ooit is er behoefte aan een gezamenlijk lange termijn perspectief op migratie.

In dat verband heeft mijn voorganger Maarten Groothuizen vorig jaar nog gepleit voor het gecontroleerd experimenteren met meer legale arbeidsmigratie van buiten de EU. Om kansloze asielverzoeken van economische migranten tegen te gaan en ze in plaats daarvan echte kansen te bieden op werk en ontplooiing. Want zoals gezegd: migranten en vluchtelingen zijn mensen met capaciteiten en ervaring om in te zetten.

Oplossingen die werken

En dat brengt mij weer bij waar ik mijn betoog mee begon. Want in Utrecht zag ik dat – hoe complex zaken soms ook zijn, mensen meer gemeen hebben, dan dat ze verschillen. Er zijn weinig thema’s waar de meningen zo over verschillen als over migratie. Maar ik geloof heilig dat de meeste mensen in deze zaal, in gemeenten in Nederland én niet in de laatste plaats: zij die naar Nederland komen, snakken naar oplossingen.

Oplossingen die werken, die bouwen op het draagvlak dat er overal is en die gebruik maken van de capaciteiten van vluchtelingen en migranten.

Dank u wel.

Geef agenten meer tijd om op straat te zijn

D66 wil het extra geld dat beschikbaar is voor de politie onder andere inzetten op medewerkers die wijkagenten op korte termijn kunnen ontzorgen. Door vergrijzing is er de komende jaren een groot tekort aan politieagenten. Het werk stapelt zich op. 

Van der Werf: “We hebben meer blauw op straat nodig. Het kabinet investeert in het aantrekken van nieuwe agenten. Maar de opleiding daarvan duurt nog jaren. Terwijl we nu extra agenten nodig hebben. Die tijd moeten we overbruggen. Neem daarom tijdelijk meer mensen aan die relatief snel aan de slag kunnen, binnen een aantal maanden al. Door deze medewerkers bijvoorbeeld meldingen, aangiften en administratieve taken op te laten pakken, krijgen wijkagenten snel meer tijd voor hun werk in de wijk.”

Ogen en oren van de politie

Van der Werf: “In de wijk zijn agenten de ogen en oren van de politie. Dat kan een wijkagent alleen doen door in de wijk aan het werk te zijn. Door mensen te kennen, door te praten met bewoners en door meteen in te grijpen wanneer het nodig is. Wijkagenten zitten nu door het vele administratieve werk langer dan hen lief is achter hun bureau.”

Kamerlid Hanneke van der Werf doet dit voorstel deze week bij de begrotingsbehandeling van het ministerie van Justitie en Veiligheid.

Initiatiefwet meerdaags stemmen bij verkiezingen

D66 wil dat meerdaags stemmen een blijvertje wordt. Dit betekent dat voortaan niet één, maar drie dagen kan worden gestemd bij verkiezingen.

D66-Tweede Kamerlid Joost Sneller en PvdA-Tweede Kamerlid Barbara Kathmann slaan hiervoor de handen ineen. Samen werken zij aan een initiatiefwet om meerdaags stemmen dit mogelijk te maken. Het ontwerp-initiatiefwetsvoorstel ‘Wet vervroegd stemmen in het stemlokaal’ is 18 november 2021 in internetconsultatie gegaan.

Veilig je stem uitbrengen in coronatijd

Bij de afgelopen Tweede Kamerverkiezingen kon voor het eerst in de geschiedenis ook worden gestemd op de twee dagen voorafgaande aan de officiële verkiezingsdag. Door de stemlokalen dit keer op maandag, dinsdag én woensdag open te stellen, probeerde het kabinet de opkomst over drie dagen te verdelen en daarmee de kans op verdere verspreiding van het coronavirus beperken. Met name kwetsbare kiezers en ouderen konden zo relatief veilig hun stem uitbrengen.

“Verkiezingen vormen het cement van onze democratie. Hoe meer mensen naar de stembus gaan, hoe beter.”

Joost Sneller

Maak er een blijvertje van

Het meerdaags stemmen bij verkiezingen werd uit nood geboren, maar D66’er Sneller wil daar nu samen met zijn PvdA-collega Kathmann een blijvertje van maken. “Verkiezingen vormen het cement van onze democratie. Hoe meer mensen naar de stembus gaan, hoe beter. Als we stemmen makkelijker en toegankelijker kunnen maken door de stemlokalen op drie dagen te openen in plaats van één, moeten we dat doen. Zeker omdat kiezers aangeven hier behoefte aan te hebben,” aldus Sneller.

Uit onderzoek blijkt dat twee op de tien kiezers graag gebruik zou willen maken van meerdaags stemmen, als die mogelijkheid er zou zijn. Bovendien is gebleken dat het ook praktisch goed uitvoerbaar is. Met het wetsvoorstel stellen de initiatiefnemers daarom de permanente invoering van meerdaags stemmen voor. Zo wordt een stem uitbrengen toegankelijker en makkelijker omdat mensen meer tijd en flexibiliteit hebben zelf een geschikt moment te vinden om te stemmen. Hopelijk werkt dit ook een hogere opkomst bij de verkiezingen in de hand.

Eén volmacht per persoon

Sneller en Kathmann stellen daarnaast voor het maximum aantal volmachten te beperken tot één volmacht per persoon. Doordat kiezers straks op meerdere dagen naar de stembus kunnen, hoeven zij minder snel uit te wijken naar een volmacht die een bekende of familielid namens hen uitbrengt. Zo kunnen kiezers zonder beïnvloeding of druk van anderen, privé en in het geheim, gewoon zelf hun stem uitbrengen op één van de drie stemdagen.

Tot 31 december 2021 kan gereageerd worden op het concept-initiatiefwetsvoorstel. Na de internetconsultatiefase zullen de initiatiefnemers de gegeven reacties beoordelen en betrekken bij het verdere proces.
 

Wij willen geen winter met lockdowns

De ziekenhuizen raken steeds voller met coronapatiënten. En daarom zijn maatregelen nodig. Sommige mensen gaan de straat op om hun ongenoegen uit te spreken. Maar wie niet demonstreren, zijn de kankerpatiënten, hartpatiënten, patiënten die wachten op een nier. Mensen die in levensgevaar komen. Hun recht op goede zorg staat onder druk.

Daarover gaat de inbreng van Jan Paternotte tijdens het coronadebat. Lees hier verder.

Een pijnlijke realiteit

Want stel je eens voor. Dat je voor de derde, vierde keer te horen krijgt dat je levensbepalende operatie wéér niet doorgaat. Dat je als hartpatiënt, vol spanning, na uren niet gegeten of gedronken te hebben, en met het infuus al in je arm je alsnog te horen krijgt: ‘Sorry, er is een spoedopname bijgekomen op de Intensive Care. Jouw operatie moeten we wederom uitstellen.’

Daar krijg je toch pijn van in je buik als je dat hoort? Als je bedenkt, dat de meeste opnames op de IC te voorkomen was met twee simpele prikjes?

Artsen moeten niet hoeven kiezen

In ons land is iedereen gelijk. Wie in het ziekenhuis belandt, krijgt de beste zorg die nodig is. Ongeacht of je gevaccineerd bent. Alle artsen hebben daarvoor een artseneed afgelegd, die komt van Hippocrates, die zei: “In ieder huis waar ik binnentreed, zal ik slechts komen in het belang van mijn patiënten.”

Artsen moeten niet hoeven kiezen. Dus voorzitter, is het terecht dat er nu actie wordt ondernomen. Maar laten we wel wezen. Het zijn opnieuw hele ingrijpende maatregelen. Want net als vorig jaar, verliezen ondernemers omzet, moeten studenten colleges vanuit hun kleine kamertje volgen en mogen we minder mensen thuis uitnodigen. Onze vrijheden worden ingeperkt.

De schaduwzijde van dit soort lockdown-achtige maatregelen kennen we inmiddels: leerachterstanden, depressies onder jongeren, ouderen die vereenzamen. Laten we dat allen hier, samen, wel heel goed tot ons laten doordringen.

Zorgvuldige keuzes

Net als veel andere politici worstel ik ook met dit dilemma. We komen voor keuzes waar we eigenlijk niet voor willen staan. Tegelijkertijd, zijn wij juist daarvoor politici. Om alles afwegende –gehoord de wetenschap, gehoord de mensen in het land en indachtig ervaringen van andere landen– een zorgvuldige keuze te maken.

Laten we daarbij blijven zoeken naar de redelijke alternatieven. Ik hoor anderen zeggen: Moeten we niet beter de basismaatregelen naleven? Zorgen voor een hogere vaccinatiegraad? Inzetten op medicatie? Meer testen? Sneller boosteren? Beter gaan handhaven? Daarop zeg ik: ja!

Vaccineren!

Ik roep iedereen op: blijf thuis bij klachten, laat je testen en zet een raam open. Ik zeg ook hier: laat je alsjeblieft vaccineren. Doe het voor jezelf en voor elkaar. En ik vraag de minister wederom om alles op alles zetten voor een hoge vaccinatiegraad. Er zijn nog te veel mensen niet gevaccineerd in Nederland, vooral 50-plussers. Wat doet hij bijvoorbeeld met het onderzoek van het UMCG, waaruit blijkt dat mensen nog altijd wachten op een uitnodiging of denken dat vaccineren geld kost?

Gaat de minister toezien op eerlijke patiëntenspreiding? Wordt de testcapaciteit weer opgeschaald naar meer dan 130.000 per dag? Wanneer hebben alle 60-plussers een booster? En krijgen ouders keuzevrijheid als het EMA ergens komende weken een vaccin als veilig en effectief beoordeelt voor 5-11 jarigen?

En aan de minister van justitie vraag ik of met de uitbreiding van het coronatoegangsbewijs, er ook extra geld komt voor naleving en handhaving. Burgemeesters geven aan dat dat nodig is. En hoe kijkt hij terug op de afgelopen twee weken, waar uit protest de regels simpelweg genegeerd werden? En onderzoek van J&V zélf laat zien dat het niet goed gaat met die handhaving.

2G is een noodgreep

Voor het merendeel van deze Kamer, die hun informatie niet uit de Fabeltjeskrant haalt, zijn het allemaal punten waar we het snel over eens zijn.

Maar laten we ook eerlijk zijn: het is goed denkbaar dat de Intensive Cares verder bezwijken. Dan moeten we durven spreken over hoe we vrijheden zoveel als mogelijk kunnen waarborgen én tegelijkertijd de gezondheid van mensen zoveel mogelijk kunnen beschermen. Alleen toegang voor mensen die gevaccineerd of genezen zijn is daarbij een noodgreep. Een noodgreep voor het moment dat we moeten kiezen tussen sluitingen voor iedereen, of een tijdelijke beperking voor degene die onvoldoende beschermd zijn.

Want mensen die niet beschermd zijn, lopen nu een te groot risico om besmet te raken en in het ziekenhuis te komen. Dat gaat ten koste van hun eigen gezondheid. En ten koste van de toegang tot zorg voor iedereen. Ik vraag de minister daarbij wel: gaan we een uitzondering maken voor de mensen die niet gevaccineerd kúnnen worden?

Geen winter met lockdowns

Het zijn de moeilijke keuzes die we hier moeten maken. Ik hoop dat we daar vandaag een inhoudelijk debat over kunnen voeren. Dat is onze taak als politiek. We moeten wegen wat proportioneel is. En wegen wat de alternatieven zijn. Wij willen geen winter met lockdowns.

Het recht op gezondheid is óók een grondrecht. En de redelijke alternatieven zijn helaas schaars.

Eerste hulp voor slachtoffers van seksueel geweld

Jaarlijks zijn er 100.000 mensen slachtoffer van seksueel geweld. 1 op de 8 vrouwen en 1 op de 25 mannen is ooit verkracht. 1 op de 3 kinderen jonger dan 18 jaar maakt een vorm van seksueel misbruik mee.

Achter deze schokkende cijfers zitten mensen die geholpen en gesteund moeten worden. D66-Kamerlid Hanneke van der Werf wil daarom dat slachtoffers van seksueel geweld terecht kunnen bij één Eerste Hulp bij seksueel geweld. Daar kan het slachtoffer de hulp en steun krijgen die het wil en nodig heeft.

Eén centrale plek

Hanneke van der Werf: “Slachtoffers van seksueel geweld weten vaak niet waar ze moeten beginnen met zoeken naar hulp. D66 wil dat slachtoffers makkelijk en veilig hulp kunnen vragen op één plek. Of dat nou een dokter, advocaat, agent, psycholoog of allemaal is. Een Eerste Hulp bij seksueel geweld. Daar moeten ze verder op weg worden geholpen naar de juiste hulpverlening.”
 

Gezamenlijke oproep

De organisaties Rutgers, Amnesty International en het Centrum voor Seksueel Geweld deden samen met de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen een oproep om de krachten te bundelen. Zij zien dat de hulp nu te versnipperd is. Ook de politie heeft behoefte aan één plek om slachtoffers naar door te verwijzen.

Meer geld voor een professioneel netwerk voor lotgenoten van long-COVID

Tijdens de begroting van het ministerie van VWS vraagt Wieke Paulusma aandacht voor long-COVID. Patiënten geven aan behoefte te hebben aan contact met lotgenoten en deskundigen. Daarom stelt Paulusma voor om een half miljoen euro vrij te maken voor een beter lotgenotennetwerk in Nederland.

Wieke Paulusma heeft zelf COVID gehad. Tijdens haar herstel ondervond ze wat er allemaal bij long-COVID komt kijken. En vooral hoeveel er nog onduidelijk is.

Patiënten vinden steun bij elkaar en bij deskundigen. Dat biedt troost, maar ook kracht en kennis.

Wieke Paulusma, Kamerlid voor D66

Wat is long-COVID?

Ongeveer 1 op de 5 mensen houdt ook na 12 weken klachten over aan een coronabesmetting. Klachten variëren van vermoeidheid, kortademigheid, pijn op de borst, spierpijn, hoofdpijn, hartkloppingen, aanhoudende verhoging, langdurig verlies van reukvermogen, of zelfs depressie en vergeetachtigheid. Long-COVID heeft daarmee grote impact op het dagelijks leven van een grote groep mensen. Op hun werk, maar ook op hun privéleven.

Meer geld voor onderzoek

In juni heeft Paulusma al een tienpuntenplan aangeboden aan voormalig minister Van Ark. Rond Prinsjesdag kreeg ze daar reactie op: er ging 7.8 miljoen euro naar onderzoek naar long-COVID. Dat was goed nieuws. Maar voor long-COVID patiënten is er meer nodig dan onderzoek alleen.

Een professioneel netwerk voor lotgenoten

Een belangrijk onderdeel voor goede (na)zorg van long-COVID patiënten is lotgenotencontact. Dat is een georganiseerde plek waar patiënten bij elkaar kunnen komen, ervaringen uitwisselen én een plek die professioneel wordt ondersteund met betrouwbare info. Op dit moment is het lotgenotencontact nog erg versnipperd in Nederland. Er zijn wel websites en Facebook-pagina’s, maar weinig professionele netwerken waar je terecht kan.

Dit willen we nu goed aanpakken. Lotgenotencontact helpt met beter omgaan met een nieuwe situatie en om tips en trucs te krijgen van anderen. Het kan ook voorkomen dat mensen nu met niet-medische vragen bij de dokter komen.

Al eerder stemde de Tweede Kamer in met het plan van D66 om het Duitse voorbeeld te volgen voor een netwerk voor lotgenoten. Helaas is daar nog geen uitvoering aan gegeven. Daarom stelt Wieke een wijziging in de begroting voor om een half miljoen euro vrij te maken voor een beter lotgenotencontact in Nederland.

Tweede Kamerlid Rens Raemakers tijdelijk met ziekteverlof. Fonda Sahla zal hem vervangen.

Kamerlid Rens Raemakers treedt om gezondheidsredenen tijdelijk terug. Zijn plek in de D66-fractie wordt overgenomen door Fonda Sahla.

15.10.2021

Rens Raemakers opnieuw met ziekteverlof

Rens Raemakers treedt om gezondheidsredenen tijdelijk terug als Kamerlid. Raemakers: “Het valt me zwaar opnieuw voor een periode van ziekteverlof te moeten kiezen. Maar gezien het dringend advies van de artsen heb ik geen andere optie. Gezondheid moet je altijd op nummer één zetten. Ik ga me richten op een duurzaam en volledig herstel.’’

De fractie van D66 wenst Rens Raemakers heel veel sterkte en beterschap toe.

Fonda Sahla tijdelijk Kamerlid

De plek van Raemakers in de D66-fractie wordt overgenomen door Fonda Sahla. Sahla is gemeenteraadslid in Den Haag. Zij was eerder onder meer projectleider bij het Residentie Orkest en mantelzorger. Sahla woont met haar man en drie kinderen in de Haagse wijk Transvaal.

Sahla: “Als raadslid heb ik het verschil kunnen maken voor mensen in Den Haag. Als Kamerlid ga ik me nu voor nog veel meer mensen inzetten. Al is het tijdelijk, het is hoe dan ook een enorme eer.”

Raemakers zat namens D66 ook in de Parlementaire enquêtecommissie aardgaswinning Groningen. Die plek wordt voor D66 overgenomen door Hülya Kat.

Jeanet van der Laan geeft haar maidenspeech: “Sport is voor iedereen.”

Jeanet van der Laan gaf haar maidenspeech tijdens het debat over misstanden in de turnsport. De hele tekst van haar speech lees je hier.

13.10.2021

Passie in het voetbal

Ik ben makkelijk uit te tekenen aan de hand van 4 onderwerpen: familie, voetbal, onderwijs en politiek. Ik ben geboren op landgoed Keukenhof en dus opgegroeid in Lisse, in de prachtige bollenstreek, met mijn ouders, broer en zus. Kenmerkend voor Bollenstrekers is dat het nuchtere, harde werkers zijn. Dat hebben mijn ouders ook aan ons doorgegeven.

Wij brengen als familie veel tijd door op de voetbal. FC Lisse is onze club en ons gezin komt daar graag. Voor mij is er bijna niks mooiers dan de geur van versgemaaid gras, een zonnetje en dat je weet dat je dan een wedstrijd mag spelen. Op mijn achtste ben ik begonnen met voetballen, na een lange zoektocht van ballet, atletiek, turnen, zwemmen, vond ik eindelijk mijn passie in het voetbal. En dat is het nog steeds. Ik bleek talentvol en ging met de jongens voetballen om nog beter te worden. We hadden een heel leuk team en pakten het praktisch aan. Ik kleedde me thuis om, douchte in een scheidsrechtershokje of de trainer liet gewoon alle jongens wachten zodat de dame in hun team zich eerst kon omkleden. Uiteindelijk werden we in 1995 kampioen van de hoofdklasse en zouden we promoveren naar de 3e divisie landelijk. En uit die tijd citeer ik het volgende:

“Maar nu komt het punt discriminatie naar voren. Ik mag volgend seizoen waarschijnlijk niet met mijn maten naar de landelijke divisie, want wat wil het geval, ik ben een meisje dat wel op regionaal niveau bij de jongens mag voetballen, maar niet op landelijk niveau. Daar beslissen een paar grijze heren over, die mij nog nooit hebben zien voetballen en ze laten in een brief doorschemeren dat ik maar bij een damesvereniging moet gaan voetballen.”

Voorzitter, dit komt uit mijn handgeschreven tekst van jaren geleden. Om precies te zijn, is het 26 jaar oud en ik had het tegen de bobo’s van de KNVB. Zij hadden mij kort daarvoor verteld dat meisjes geen perspectief hebben in het voetbal.

In een vol restaurant aan de boulevard in Noordwijk en later ook live op radio 1 hield ik eigenlijk mijn echte maidenspeech, als 15-jarige Jeanet. In het hol van de leeuw vocht ik voor een kans om met mijn teamgenoten (jongens) te kunnen blijven voetballen. Mijn protest was in niet te misverstane woorden. Ik betichtte de bestuurders van discriminatie en vocht ik voor gelijkwaardigheid. En dat lukte. Ik kreeg toestemming en na mij volgden vele meisjes. Hierdoor heb ik het voetballeven van veel meisjes en jongens enigszins kunnen veranderen.

Bevangen door het onderwijsvirus

Voorzitter, er volgden mooie jaren van topsport, reizen, succes, verlies, winnen en falen. Allemaal belevenissen die me gevormd hebben. Vrouwelijke internationals konden in die tijd nog niet rondkomen van het voetballen. Dus ging ik ernaast studeren. Ik had gekozen voor de lerarenopleiding Nederlands, want, zo dacht ik, als ik nu heel netjes Nederlands leer praten, kan ik altijd nog Studio Sport gaan presenteren.

Maar ik werd bevangen door het onderwijsvirus. Jarenlang heb ik met heel veel plezier op het Fioretticollege les gegeven naast mijn actieve topsportcarrière. Het allermooiste aan het onderwijs vind ik dat je de leerlingen kunt meegeven dat ze meer kunnen en meer aankunnen dan ze zelf denken.

Studio Sport is er trouwens nooit meer van gekomen.

Op mijn 27e ben ik gestopt met voetballen op topniveau. Bevreesd als ik was voor het zwarte gat ben bestuurskunde gaan studeren en de lokale politiek ingerold waar ik me op een andere manier voor sport ging inzetten.

Inclusieve en veilige sport

Voorzitter, ik maak me sterk voor een sport waar iedereen zich thuis en veilig voelt, want sport is voor iedereen. Het politieke zaadje daarvoor is dus in 1995 geplant. Het ontstak in mij een ontembaar vuur om gelijkwaardigheid na te streven. Niet alleen voor mezelf, maar voor iedereen. Ik wil Nederland in beweging krijgen voor gelijke rechten en gelijke kansen. Helaas is dat nog niet voor iedereen weggelegd.

Seksisme speelt nog een verdrietige rol in ons land. Het wordt vrouwen op allerlei manieren moeilijk gemaakt om zich uit te spreken. Op het sportveld, op de werkvloer en ook hier, voorzitter, in de politiek.

Als Kamerlid heb ik gemerkt: wie haar mond opendoet, krijgt soms een flinke tackle van achter. Open Twitter maar even. 10 % van alle tweets aan vrouwelijke politici bevat haat of agressie. Ik heb het zelf ook ondervonden met alle reacties als bijsluiter. Als vrouw, als voetbalster en als fulltime-werkende moeder. Dat schrikt flink af, terwijl het omgekeerde nodig is.

Voorzitter, ik wil graag zoveel mogelijk vrouwen en meisjes inspireren om te gaan werken of om meer te gaan werken en zo een bijdrage te leveren aan de grote maatschappelijke vraagstukken van dit moment, zoals ongelijkheid in de portemonnee, de personeelstekorten in het onderwijs en de zorg. Of in de techniek: er is bv geen elektricien te krijgen. De helft van de Nederlandse vrouwen is financieel afhankelijk van hun partner. Er is nog steeds sprake van een grote loonkloof en ondervertegenwoordiging in de top.

Extra blij ben ik dat de Eerste Kamer heeft ingestemd met het tijdelijk quotum van vrouwen in bestuur en raad van commissaris.

Voorzitter, ik strijd voor een gelijk speelveld, want echte emancipatie gaat ons allemaal aan! Maar dat gelijke speelveld, dat was er niet binnen de turnsport.

Geen schijn van kans, voorzitter, hadden de turnsters. In goed vertrouwen afgezet door hun ouders bij de trainingen, die in vaak plaatsvonden in afgeplakte zalen. Het doorduwen bij lenigheidsoefeningen. Pijn bestaat niet. Het doortrainen met gebroken middenvoetsbeentjes. Deels onder het mom: het hoort bij hard trainen. Uitschelden voor dikke koe. Aanzetten tot afvallen.

Negeren. Vernederen. Intimideren. Chanteren. Fysiek geweld en seksueel grensoverschrijdend gedrag. Een turnbond die weg keek. NOC NSF die wegkeek. Het was kindermishandeling.

Voorzitter, via u, zeg ik tegen de turnsters hier in de zaal en thuis die kijken: jullie hadden geen schijn van kans.

Opgeslokt en opgevreten door het systeem en dank voor jullie moed, want het doet zeer wat jullie is overkomen.

Het doet zeer.

Meld misstanden in de sport

Voorzitter, mijn dank gaat uit naar de onderzoekers en de aandacht die ervoor gekomen is. Zij hebben een aantal aanbevelingen gedaan in Ongelijke Leggers die ik goed snap. Fijn dat er excuses zijn gemaakt door de KNGU en het NOC NSF en dat er gewerkt wordt aan een collectieve erkenningsregeling.

Het allerbelangrijkste vind ik het dat sporters misstanden gaan melden.

Dat gebeurt te weinig. Je leest het in bijna alle rapporten die gaan over ongewenst gedrag in de sport. Er wordt te weinig gemeld.

Dat komt ook omdat het niet onafhankelijk genoeg kan of onduidelijkheid wáár dat kan.

Daarom pleit ik voor het volledig onafhankelijk maken van het Centrum Veilige Sport.

Een veilige en professionele plek waar alle sporters terecht kunnen.
Helemaal los van de sportbonden.

NOC*NSF wil het. Ongelijke Leggers beveelt het aan.
Dus vraag ik de staatssecretaris: waar wachten we nog op? We zullen hiervoor een motie indienen in tweede termijn.

Ook de positie van het Instituut voor de Sportrechtspraak moet duidelijker worden. Die keten van melding tot uiteindelijk tuchtzaak moet glashelder zijn. Wie heeft welke verantwoordelijkheden, taken en bevoegdheden? Is het ISR er voldoende op toegerust?

Daarnaast zijn er onder andere aanbevelingen die gaan over topsportfinanciering, professioneel toezicht, vergroten grip op trainers, visie op topsport voor kinderen, voorwaardenscheppende rol voor gemeentes. Daar kan de politiek zeker iets van gaan vinden. Maar op dit moment is sport geen publieke taak en is het zeer lastig om overheidsbemoeienis rondom de georganiseerde sport vorm te geven.

Voor mij zijn dit goede thema’s om in een sportwet op te nemen.
Welke stappen kunt u nu zetten om de sport veiliger te maken? En ziet u dat de sportwet een rol hierin zou kunnen spelen?

We mogen onze ogen niet sluiten. Er zijn meldingen van grensoverschrijdend gedrag binnen diverse sporten en wegkijken is geen optie. Ik wil weten wat er speelt. Zeggen dat de politiek hier niet over gaat, vind ik niet voldoende. De meldingen zijn er onder andere van Kim Koumans; moedige klokkenluider uit de danswereld. Wat mij betreft, doen we met prioriteit, voor de danswereld ook een onafhankelijk onderzoek. Ook hier heb ik een motie op voorbereid.

Graag een reactie van de staatssecretaris of hij hiertoe bereid is.

Tot slot voorzitter, we weten nu dat de sport ook donkere kanten heeft. Dat kan ik niet wegnemen. Wel kan ik mijn politieke verantwoording nemen en dat is wat ik probeer te doen. Dank u.

Jorien Wuite geeft haar maidenspeech: “Ons verhaal begint al ver voor de geboorte van uw en mijn ouders.”

Jorien Wuite gaf haar maidenspeech tijdens de Begroting Koninkrijksrelaties. Hieronder lees je de speech terug.

13.10.2021

Goedemorgen, good morning, bon dia!

Wat een eer hier te mogen zijn. In het hart van onze democratie. Voor mijn maidenspeech over onder andere de wijze les van mijn tante, de kracht van Irma. Een verhaal over u en over mij.

Mijn tante Marjorie vertelde me namelijk laatst dat decennia geleden door mijn grootvader is voorspeld dat ik hier zou staan. Onder de zogenaamde Sandbox tree: een boom waar veel gemeenschapszaken op Sint Maarten besproken en gepland werden door mensen die in die tijd zoals in Nederland (nog) niet mochten stemmen.

Het zijn verhalen die je soms kunt gebruiken wanneer woorden te kort schieten: over waarom ik hier ben. Waarom wij hier samen zijn.
Mijn moeder kwam uit Sint Maarten en mijn vader uit Nederland. En toen mijn ouders elkaar op de kweekschool in Den Haag ontmoetten waren bi-culturele gezinnen een uitzondering.

Op zoek naar mijn bi-culturele identiteit ben ik als dertiger met mijn gezin naar de Cariben vertrokken. Toen Irma ons raakte, woonde ik op Sint-Maarten.

Vier jaar geleden op 6 september 2017 zat ik met mijn tante Marge in een kleine badkamer toen de storm met meer dan 300 km per uur over de eilanden raasde. De beelden van wanhoop en chaos hebt u vast gezien.

Mijn beste aankoop ter voorbereiding van de komst van Irma was een kettingzaag. Die had in namelijk nodig om door omgevallen bomen een pad naar de weg te snoeien.

“We are a resilient country’’ was het mantra van velen in 2017, niet wetend dat het geloof in een veerkrachtige samenleving vorig jaar in alle delen van het Koninkrijk, ook hier in Nederland, centraal zou staan.

Crises van deze omvang hebben een enorme mentale impact op je leven. Ook op die van mij. Dat collectieve gevoel van rampspoed en de veerkracht die eruit kan voortkomen draag ik voor altijd bij me.

En Voorzitter, het is vanuit deze geschiedenis en deze idealen dat ik vereerd ben hier vandaag te mogen staan. We zijn hier niet zomaar. Ons verhaal begint al ver voor de geboorte van uw en mijn ouders. Als ik denk aan onze geschiedenis denk ik ook aan het verhaal van het Nederlandse Koninkrijk en haar koloniën.

De relatie was meer dan 300 jaar die van de overheerser en die van de gekoloniseerde.

Via het onderwijs en eerlijke gesprekken hier in onze Kamer moeten we het hebben over onze gedeelde geschiedenis. De Nederlandse rol in de slavenhandel. We moeten het hebben over de gevolgen, wat het heeft gedaan met verhoudingen, verscheurde familiebanden en hoe we deze diepgewortelde problemen en ongelijkheid wegwerken.

Dit gaat over ons

Caribische mensen roepen ons op beelden van falen en onvermogen te vervangen door dingen die goed gaan. Zoals lokaal ondernemerschap in Otrabanda, het doorzettingsvermogen voor betere landbouw. Over getalenteerde professionals hier en daar, creatieve mensen die zo veel talent en vibe laten zien dat je weet dat je leeft! Over Saba als de 1e plek van Nederland met 100% duurzame energie tussen 8 en 5 uur.

Ik sta hier óók voor de jongere Nederlandse generatie. Er zijn veel mensen die me open en eerlijk aangeven te weinig te hebben meegekregen over het koloniale verleden en vinden dat dit moet worden rechtgezet. Zij zijn nieuwsgierig en geïnteresseerd. Jongeren die mij via sociale media influisteren dat het goed voelt iemand vanuit de eilanden in deze Kamer te hebben.

Ik sta hier ook voor de Caribisch Nederlandse medemens waar ik dagelijks trots op ben; omdat ze zich door tegenslagen heenslaan. Ze vertellen me het gevoel te hebben er niet bij te horen. Ze zien weinig vertegenwoordiging en maken daarom te vaak geen gebruik van hun stemrecht.

“The concept of ‘we” definitely had a priority over the concept of ‘me’, where ‘me’ was only justified or even relevant if acting in service of ‘we”, schrijft Maria Plantz over haar vader. Voorzitter, dit gaat over ons.

Daarom wil ik eigenlijk niet spreken over een Europees en een Caribisch deel, of over 4 landen met 3 bijzondere gemeenten. D66 wil spreken over de hoop en aspiraties van 1 Koninkrijk der Nederlanden, waar gezamenlijke waarden, eerlijkheid, rechtvaardigheid en kansen centraal staan. Dat vraagt commitment en investering, geen ambivalentie, terughoudendheid of twijfel: noch hier noch op de Caribische eilanden.

D66 pleit voor een nieuw hoofdstuk met Koninkrijksrelaties. Op basis van kracht en meerstemmigheid. En ik sta hier voor deze aspiraties. Ik voel dat het gaat lukken in deze nieuwe Kamer, diverser dan ooit. Mensen verwachten van ons in dit huis dat we kunnen helen, verbinden.

Voorzitter, het is dan ook op basis van dit persoonlijke verhaal dat ik mijn inbreng voor dit begrotingsdebat aan de hand van de thema’s van sociale rechtvaardigheid, democratische waarden en klimaat voortzet met vragen aan de Staatssecretaris:

Klimaatverandering

Te beginnen met Klimaatverandering die de eilanden onevenredig hard raakt. Dat zei onze Minister President laatst ook bij de Verenigde Naties. Daarom is het van belang dat het Caribisch deel van het Koninkrijk in de frontlinie staat als het gaat om klimaatadaptatie.

De BES-eilanden kunnen als eerste gemeenten van Nederland bijna volledig overstappen op duurzame energie. Er is wind, er is zon, er is water genoeg!

Het rapport “Duurzame en betaalbare energie in Caribisch Nederland” stippelt een plan uit om dit te realiseren. Bonaire is nu nog teveel afhankelijk van olie en kwetsbaar vanwege spanningen in de regio. We moeten nu via Bonaire Brandstof Terminal BV noodgedwongen een investering doen in de olievoorziening, terwijl we eigenlijk moeten investeren in duurzaamheid. Tegelijktijdig rijzen de kosten voor energie de pan uit. Hier en op de eilanden.

Is de staatssecretaris het met mij eens dat hier een kans ligt voor duurzame en betaalbare energie?


Naar aanleiding van een motie van mijn collega Raoul Boucke komt er een routekaart naar klimaatneutrale energievoorziening in Caribisch Nederland. Ik kijk daar naar uit en wil daaraan toevoegen:

Wordt hierbij ook gekeken naar de financiering?

Voorzitter, het bestrijden van klimaatverandering is een zaak van het gehele Koninkrijk, maar de woorden duurzaamheid en klimaat vind je helaas niet terug in deze begroting. Terwijl het zeker voor de lange termijn de meest urgente dreiging is.

Ik zal een motie indienen die oproept om met een gezamenlijke strategie te komen om klimaat een structureel onderwerp van gesprek te maken.

Sterke democratische waarden

De vraag die we ons hier moeten stellen is of iedere Nederlander echt dezelfde euro waard is. Of wij de Caribische eilanden écht waarderen. We kunnen de eilanden niet primair als een kostenpost zien op de begroting.

Caribische Nederlanders overzee kunnen nu nog niet eens meestemmen over Rijkswetten die hen raken. Op de Antillen werd pas in 1949 het algemeen kiesrecht ingevoerd. Heel kort geleden dus.

Sterke democratische waarden zijn cruciaal voor onze toekomst. D66 blijft zich zorgen maken over de traagheid van het herstel van de democratie op Sint Eustatius.

Het fundamentele recht van democratisch zelfbestuur van 3000 inwoners is al drie jaar opgeschort; dit is ongekend en ik schaam me er eerlijk gezegd voor.

We hebben er een debat over gevoerd, in de voortgangsrapportage wordt gezegd dat we de route-tijdtabel ontvangen en nu staat de motie Özütok hierover als afgedaan.

Ik vraag daarom nog eens: waar blijft de route tijdtabel en is burgerparticipatie opgepakt?

Helaas moet ik ook concluderen dat de situatie onder directe politieke verantwoordelijkheid van Nederland niet zaligmakend is.

Hoe kan het dat de financiële huishouding na 3,5 jaar Haags bewind nog niet op orde is?

Sociale rechtvaardigheid

Een jaar geleden begon de discussie omtrent wat wij nu kennen als de COHO. We zijn ondertussen vele leningen en giften verder.
Hebben we scherp waar we naartoe werken? Wanneer vinden we gezamenlijk dat het een duurzaam succes is? De landspakketten en uitvoeringsagenda’s blijven daarin soms onvoldoende concreet.

Hoe worden duidelijke doelen gesteld? En worden belangrijke conclusies en aanbevelingen zoals het AIV rapport of het rapport van de Ombudsman hierin meegenomen? Hoe lost de regering het signaal over capaciteitsproblemen op om aan de hervormingen te kunnen werken?

Tijdens het Interparlementair Koninkrijksoverleg zagen we een scherpe tweedeling en zijn we geraakt door de zorgen en armoede van veel mensen die we hebben gesproken. Het duurt te lang en we kunnen niet wachten op de vorming van een nieuw Kabinet.

Daarom roept D66 de regering op het minimumloon en de uitkeringen op Saba en Bonaire te verhogen. Mensen verwachten van ons dat we de volgende stap zetten en ik zal hier een motie over indienen.

Voorzitter, D66 staat voor verbondenheid binnen het Koninkrijk. We are a resilient state!

Dank u wel en God bless.